Foto Christopher Wahl/Getty Images

‘We zouden vrolijker worden en meer verbonden! Pas daarna zagen we de spam, porno en haatberichten’

Margaret Atwood wordt 79 en schrijft nog steeds. De tv-serie van haar Handmaid’s Tale won acht Emmy’s. „Hoe instabieler de toestand op de planeet, hoe akeliger het gaat worden voor vrouwen.”

Margaret Atwood is een buitenaards wezen. „Zoals jullie weten kom ik uit de ruimte”, zegt ze, telefonerend vanuit Canada, haar stem staat op de speaker. „Ik ben naar de planeet Aarde gekomen om de menselijke soort en het menselijk gedrag te onderzoeken. En daartoe moet ik me verdiepen in mensenrechten, denk je ook niet?”

Daarmee moeten we het doen. Dat is het enige wat de Canadese schrijfster wil verklaren over de lezing die ze op zaterdag 10 november in Amsterdam geeft, op uitnodiging van het Nexus Instituut. De titel heeft ze al: ‘Greetings, Earthlings! What are these Human Rights of Which You Speak?’ De inhoud nog niet. Daarvoor heeft ze als we haar spreken nog ruim een maand. „Om eerlijk te zijn heb ik het nog niet geschreven. We weten nog niet wat er gaat gebeuren tussen nu en het moment van de lezing. Ik kan nu wel iets schrijven, maar dat is dan hopeloos verouderd in november, want de gebeurtenissen in de wereld zijn zo tumultueus en verrassend, dat je iets dat je vandaag zou schrijven steeds zou moeten updaten.”

U bent uitgenodigd…

„Ik ben onder druk gezet! Het is helemáál geen goed moment in mijn leven om een lezing te moeten schrijven en die in Amsterdam te komen voorlezen.”

Waarom niet?

„Ten eerste: ik word bijna 79. Ten tweede: ik rond een nieuwe roman af. Ten derde: mijn man lijdt aan dementie.”

En tóch wilde u…

„Nee nee, jullie begrijpen het niet! Ik wil dit niet, maar voel me gedwongen. Ik zou natuurlijk veel liever willen dat alles vredig en onbewogen was. En dat alle mensen elkaar goed zouden behandelen. Maar dat is niet het geval. Het was nóóit het geval. Maar we zien nu politiek gedrag dat we voor het laatst zagen in de jaren dertig. Extremistische politiek, aan de linker- en rechterkant.”

U voelt zich daardoor verplicht om van u te laten horen?

„Als de staat van de wereld anders was, als we ons allemaal met onze hobby’s konden bezighouden, dan zou ik me niet verplicht voelen.”

Je zou kunnen zeggen: dat is nooit het geval geweest.

„Oké, maar er zijn periodes waarin het méér het geval is en minder. We wisselen af tussen periodes waarin de dingen stabiel zijn, in elk geval in bepaalde delen van de wereld, en waarin alles erg instabiel is. Toen de Muur viel en de Koude Oorlog eindigde, gingen alle schaakstukken die vastgevroren stonden weer bewegen.”

En toen?

„Daar hoef ik jullie niets over te vertellen! Jullie werken voor een krant. En wat is het eerste dat wordt aangevallen door mensen met een hang naar totalitarisme? De vrije pers. Dus jullie hebben groot belang bij het behoud van een open en democratische samenleving, anders worden jullie ofwel sloganeer voor een totalitair regime, of werkloos. Of jullie gaan dood.”

Twintig is de hel, oh, ik ben zo blij dat ik geen twintiger meer ben

De uitnodigingen voor lezingen stromen de laatste jaren binnen, beaamt Atwood. Er klinkt een holle lach uit de speaker: „Ze willen me allemaal voor ik doodga.”

Haar leeftijd is niet de enige reden. Er is een extreem populaire tv-serie gemaakt van haar roman The Handmaid’s Tale, over een dystopische wereld waarin vrouwen tot slaven gereduceerd worden, slechts nog dienst mogen doen als voortplantingsmachines. Koren op de molen van hedendaagse feministen én doemdenkers, die Atwood zien als visionair. Want zij voorzag al welke wereld kon ontstaan wanneer machthebbers vrijelijk kunnen beschikken over vrouwen, als ze hen onbekommerd kunnen grabben by the pussy. „Op 9 november 2016 werd de serie totaal anders, hoewel er in de serie zelf niets veranderd is – de manier waarop we hem bekijken werd anders.”

Die serie, en wat u daarin laat zien, gaf u de status van profeet.

„Ik geloof niet in het voorspellen van de toekomst, hoor. Er zijn te veel variabelen en niets is onvermijdelijk.”

Maar uw boek bleek wel iets profetisch te hebben.

„Je hoefde geen profeet of genie te zijn om dat te voorzien. Ik las geen theeblaadjes, ik las de krant.”

Vindt u het ongemakkelijk dat mensen u als een soort profeet zien?

„Ik kan daar niets aan doen, maar reken niet op mij. Als ik echt een profeet was, voorspelde ik de beurskoersen en was ik rijk.”

Margaret Atwood wordt in november 79, en nog altijd voegt zij boeken toe aan haar oeuvre. Atwood is een van de meest vooraanstaande schrijvers ter wereld – samen met Haruki Murakami geldt ze onder lezers al jaren als favoriet voor de Nobelprijs voor Literatuur – en óók een van die schrijvers die maar door blijft publiceren. Alleen al de afgelopen tien jaar kwamen er van haar vijf romans uit, een bundel korte verhalen, een poëziebundel, een kinderboek, een stripboek, een non-fictieboek en een opera. Inmiddels staan er meer dan zestig boeken op haar naam en sinds haar debuut in 1969 won haar werk talloze prijzen, waaronder de Booker Prize in 2000 voor The Blind Assassin.

Met zo’n breed oeuvre is het lastig Atwoods werk vast te pinnen op één thema. Ze schreef over een middeleeuwse seriemoordenaar, meisjesvriendschappen op de middelbare school, ongelukkige huwelijken. Altijd gaat het over grote vragen, de moraal van het heden, verleden of toekomst, de manier waarop individu en samenleving langs elkaar heen schuren. Haar romans zijn vaak een soort petrischaaltjes, waarin ze moraliteit en menselijk gedrag aan experimenten onderwerpt. Ze gaan over mensenrechten, klimaatverandering, kapitalisme, de positie van de vrouw, en spelen zich vaak af in een kil verleden of onheilspellende toekomst.

Het bekendst is The Handmaid’s Tale uit 1985, datzelfde jaar in het Nederlands vertaald als Het verhaal van de Dienstmaagd. Het boek werd toen lovend ontvangen en betekende Atwoods definitieve doorbraak. Maar juist nu, meer dan dertig jaar na verschijnen, is het populairder dan ooit, spreekt het nieuwe lezers aan.

Lees meer ovet The Handmaid’s Tale: Deze feministische dystopie komt nu extra hard aan

„Geen twijfel over mogelijk”, antwoordt Atwood afgemeten, op de vraag of haar boek in 2018 anders wordt gelezen dan in 1985. „Het is dichterbij. In 1985 kon je makkelijk zeggen: ‘Ach Margaret, wat overdrijf je nou, dat zal toch nooit gebeuren!’ Dat hoorde je dan vooral in Europa. Voordat de Muur viel zag men daar de Verenigde Staten als een liberale democratie, vol met vrolijk lachende, tolerante mensen, in contrast met Rusland. Vrolijke, lachende mensen, die nóóit zoiets zouden doen. Maar ook in Europa zijn ze daarover inmiddels van gedachten veranderd.” Inmiddels heeft extreemrechts gedachtengoed weer een opleving doorgemaakt in Europa.

De populariteit van Atwoods dystopie past bij de heropleving van andere klassiekers, als George Orwells 1984 en Aldous Huxleys Brave New World. Voor zover de telefoonverbinding het toelaat, klinkt het genoegen door waarmee Atwood vertelt over de ‘wedstrijdjes’ die ze zich herinnert uit de jaren tachtig en negentig. „Wie gaat er winnen, wie krijgt er gelijk? 1984 of Brave New World? Gaan we een totalitaire dictatuur hebben waarin iedereen zich afschuwelijk voelt? Of één waarin iedereen gelukkig is maar wel gebrainwasht? In de jaren negentig dachten we: ah, het wordt Brave New World. Want de Koude Oorlog is voorbij, vanaf nu gaat iedereen eindeloos winkelen. Maar uiteindelijk hebben beide gewonnen. We gaan winkelen en voelen ons afschuwelijk.”

De niet geringe profetische waarde van haar eigen werk blijkt wel uit een bord dat zo nu en dan tijdens demonstraties tegen het presidentschap van Donald Trump opduikt: ‘Make Margaret Atwood Fiction Again’. „Ja, is dat niet geweldig?”, zegt Atwood. „Zelf was ik nóg meer gecharmeerd van een vrouw van rond de zeventig die een bord omhoog hield met daarop: ‘Waarom hou ik na vijftig jaar nog steeds dit – scheldwoord – bord omhoog’. Maar het effectiefst zijn de protesten van vrouwen in de kostuums uit The Handmaid’s Tale, zoals in de Amerikaanse Senaat bij de verhoren van Brett Kavanaugh. Want je kunt ze er niet uit gooien. Ze verstoren niets, ze zijn niet ongepast gekleed. Ze zijn er gewoon.”

Die kostuums – lang rode jurken, witte hoofdkappen – duiken sinds de start van de serie overal ter wereld op bij protesten voor liberalere abortuswetgeving. Atwood somt de lijst op: Polen, het Verenigd Koninkrijk, Brazilië, Texas, Argentinië. Kostuums die zij in 1985 bedacht, zijn in 2018 een politiek strijdmiddel geworden. Atwood reageert met de voor haar zo kenmerkende nuchterheid. „Het doet er niet toe wat ik ervan vind. Ze doen het niet voor mij. Ze doen het voor vrouwenrechten.”

Een demonstrant met kap en cape uit The Handmaid’s Tale, tijdens het verhoor van Brett Kavanaugh in de Amerikaanse Senaat afgelopen september.Foto Jim Watson / AFP

Dat moet toch iets met u doen?

„Jawel. Mijn mening is: als je abortuswetgeving terugdraait en dus vrouwen wilt dwingen kinderen te krijgen zonder hen daarvoor te betalen, dan vorder je hun lichamen.” Ze vergelijkt die situatie met de behandeling van militairen: door soldaten in te zetten in een oorlog beschikt de staat over hun lichamen. „Voor soldaten betalen we hun kleding, voedsel en medische kosten. Dat zou je die vrouwen ook moeten betalen. Anders is het slavernij.”

U lijkt een soort icoon te worden voor een nieuwe feministische generatie.

„Ja, maar ik trek niet aan touwtjes.”

Dat begrijp ik, ik ben alleen benieuwd hoe u zich daarover voelt. U heeft vaak benadrukt niet zonder meer onder ‘het feminisme’ als zodanig te willen worden geschaard.

„Ik ben niet tegen feminisme, ik wil alleen dat mensen definiëren bij welk feminisme ze denken dat ik hoor. Want er zijn vijfenzeventig verschillende soorten. Meestal kunnen mensen dat niet, want ze hebben geen idee. Ze denken dat feminisme iets algemeens is en overal hetzelfde. Zoals roomkaas. Maar dat is niet zo. Er zijn veel verschillende opvattingen onder mensen die over het algemeen voorstander zijn van het bevorderen van de positie van vrouwen.”

Maakt die rol van feministisch icoon u ongemakkelijk?

„Nee hoor, helemaal niet. Zolang ze hun voorwaarden aangeven. Waar hebben jullie het over, zou ik ze vragen. Hebben we het over het verbeteren van wetten? Daar ben ik een groot voorstander van. Hebben we het over alle mannen van een rots schuiven? Niet zo’n voorstander. Hebben we het over de opvatting dat alle vrouwen superieur zijn aan mannen? Dat is volstrekt onwaar. Net zoals dat het onwaar was dat alle mannen superieur zijn aan vrouwen.”

Lees ook: Vergeet de serie, The Handmaid’s Tale is als boek nog beklemmender

En dan, zoals vaker in het gesprek, stuurt Atwood op even soepele als soevereine manier het onderwerp een andere kant op. „We hebben het nu over genderpolitiek gehad”, zegt ze. „Maar de motor achter alles gaat zijn: de staat van de planeet. En hoe instabieler de toestand op de planeet wordt, hoe akeliger het gaat worden voor vrouwen. Want des te meer oorlogen worden er dan gevoerd over grondstoffen. En vrouwen doen het doorgaans niet goed in oorlogen. Het is: vrouwen en kinderen láátst. Als er tekorten aan voedsel komen, gebeurt het weinig dat men zal zeggen: ‘Oh, je bent een vrouw, hier heb je mijn hotdog.’ Waarschijnlijker is de reactie: ‘Oh, je bent een vrouw, ik neem je hotdog en ik verkracht je ook nog even’.”

Atwood, dochter van een zoöloog en deels opgegroeid in de bossen van Canada, heeft zich altijd een vurig milieuactivist getoond. Ook in The Handmaid’s Tale schreef ze al over een toekomst waarin genetische manipulatie en radioactief afval het vruchtbaarheidscijfer laten kelderen – het milieu vormt zo de grote aanleiding voor de vrouwenonderdrukking. Maar vooral haar MaddAddam-romantrilogie, waarvan de delen in 2003, 2009 en 2013 verschenen, gaat eerst en vooral over klimaatverandering, over overleven in een post-apocalyptische, verzengend hete wereld, bevolkt door angstaanjagend gemuteerde dieren én mensen.

Foto Christopher Wahl/Getty Images

Voor haar werk gebruikt Atwood liever niet de term ‘sciencefiction’, ze kiest eerder speculative fiction. „Het is een manier om een blauwdruk te maken voor waar we naartoe gaan en uit te testen hoe we ons gedragen als we daar eenmaal zijn aanbeland.” Atwood stelt bij het schrijven wel grenzen aan haar speculatie, zoals ze vorig jaar nog in een nieuw voorwoord bij The Handmaid’s Tale schreef: ze vermeed gebeurtenissen die niet ooit al eens waren voorgekomen in de geschiedenis én zou geen technologie bedenken die niet al voorhanden was – misschien wel het belangrijkste punt van onderscheid met sciencefiction.

De impact van sociale media had u toen nog niet kunnen bevroeden.

„Klopt. Ik kon er niet over schrijven, want het bestond nog niet.”

Maar nu blijken sociale media een geweldige impact te hebben op menselijk gedrag. Gaat uw nieuwe roman hierover?

„Nee nee, probeer dat maar niet, ik vertel niets over waar ik nog aan werk!”

Het leek ons precies het soort onderwerp dat u interesseert.

„Weet je, het is met sociale media zoals met alle menselijke technologie. Er bestaat een wedstrijd in Japan voor de meest nutteloze uitvinding, dat is iets interessants om bij stil te staan. Want meestal vinden mensen iets uit met een bepaalde reden: dingen die het leven gemakkelijker maken, of comfortabeler, iets dat mensen vrolijker maakt. Die technologieën hebben allemaal een goede kant en allemaal, zonder uitzondering, een slechte kant. Een stomme kant waarover niemand had nagedacht. Toen plastic ontstond, dacht iedereen: geweldig voor de mensheid. Nou, we zijn nu zeventig jaar verder. Zo verloopt het ook met sociale media. Eerst vond iedereen Facebook en Twitter geweldig – want iedereen communiceerde met elkaar en kon zijn gedachten met anderen delen, we zouden vrolijker worden en meer verbonden! Pas daarna zagen we de spam, porno en haatberichten. De stomme kant zien we eerst niet, omdat we er niet op letten. Omdat we niet in die richting kijken.

De taak van de schrijver is: ervoor zorgen dat lezers de pagina’s omslaan

Dus helaas: de oorzaak is niet de technologie, maar de aard van de mens. Mijn vader vertelde altijd een mop over een wetenschapper die een experiment uitvoert, op zoek naar de oorzaak van dronkenschap. Hij geeft zijn proefpersoon whisky-cola, brandy-cola en rum-cola. En elke keer wordt de proefpersoon dronken. Dus hij wist zeker: het is de cola. Dat was de gemene deler. Kortom: als je niet weet wat je zoekt, zal je het niet vinden. Een groot deel van onze wetenschap is een zoektocht naar een naald in een hooiberg, met een nauwe focus die andere verklaringen uitsluit.”

Uw werk onderzoekt vaak wat technologische veranderingen betekenen voor de mensheid. Ziet u dat als uw taak als schrijver?

„Het is niet mijn taak als schrijver, het is mijn interesse als mens. De taak van de schrijver is: ervoor zorgen dat lezers de pagina’s omslaan. Als je dat niet doet, belanden zij ook nooit bij je briljante ideeën. Maar het is niet mijn taak om de wereld te redden, want dat kan ik niet. Ik ben wat ik altijd geweest ben. Ik ben schrijver, ik heb geen baan.”

Atwood gebruikt hetzelfde woord, maar lijkt te goochelen met de context. We hadden het over de job – de taak – en dat is nu de job – de baan – geworden. „Ik hoef geen raad van bestuur te behagen, ik hoef niet te slijmen bij een benoemingscommissie. Ik word niet ontslagen. Mijn werkgever is het lezerspubliek. Niet de uitgever, die brengt de tekst van een schrijver naar een lezer, maar bepaalt niet de voorwaarden. Althans: niet voor mij. Ik kan zeggen wat ik wil. Lucky me. Veel mensen kunnen dat niet.”

Is dat het voordeel van uw leeftijd?

„Deels. Ik heb niet veel collega’s en de collega’s van mijn leeftijd zijn veelal dood. Dat is ook een nadeel. Hoe oud zijn jullie?”

Allebei 31.

„Dat is jong. Jullie denken dat je stokoud bent, dat weet ik, maar dat is niet zo. Hou vol, het wordt beter na je tweeëndertigste. Twintig is de hel, oh, ik ben zo blij dat ik geen twintiger meer ben. Want weet je: je kent de plot niet. Ik ken de plot wél.”

Op zaterdag 10 november geeft Margaret Atwood de Nexus- lezing 2018, 15.00 - 17.00 uur, VU Amsterdam. nexus-instituut.nl

    • Thomas de Veen
    • Clara van de Wiel