EU-landen willen geen haastig besluit over zomertijd

Transportministers

Brussel gaat te snel met afschaffing van de zomertijd, vinden de EU-landen. Ze willen meer onderzoek naar de effecten.

De meerderheid van de EU-lidstaten, waaronder Nederland, wil meer tijd om een besluit te nemen over het halfjaarlijkse verzetten van de klok. Dat bleek maandag bij een vergadering van Europese transportministers in Oostenrijk, de tijdelijke voorzitter van de EU. De Nederlandse ministerraad stelde eerder deze maand ook al dat de snelheid waarmee de Europese Commissie de afschaffing van de zomertijd wil doorvoeren „niet realistisch” is.

Brussel wil vanaf volgend jaar een einde maken aan het verplicht verzetten van de klok. Jarenlang stelde de Commissie dat het overschakelen naar zomertijd leidde tot flinke energiebesparing, maar daar is ze van teruggekomen. Voordat de afschaffing daadwerkelijk doorgevoerd kan worden, moeten de lidstaten en het Europees Parlement hiermee instemmen. De Commissie had de EU-landen gevraagd voor april 2019 te besluiten of het verzetten van de klok moet stoppen én of zij in zomer- of wintertijd willen leven.

Een deel van de EU-landen vindt de mogelijke gevolgen van de afschaffing niet duidelijk genoeg en zegt daarom geen standpunt te kunnen innemen. Het gaat om Nederland, Cyprus, Ierland, Frankrijk en Denemarken.

Drie landen tegen

De verandering zou grote gevolgen kunnen hebben voor de transport- en luchtvaartsector, zeker als lidstaten verschillende tijden gaan hanteren. Drie landen, Portugal, Griekenland en het Verenigd Koninkrijk, hebben zich expliciet uitgesproken tegen de afschaffing. De overige lidstaten zijn voorzichtig vóór, maar vinden ook dat de gevolgen beter moeten worden onderzocht. De interne markt mag niet lijden onder de verandering, zo stellen de EU-transportministers.

Bij het overleg in Oostenrijk heeft de meerderheid van de lidstaten ook gezegd dat zoveel mogelijk landen dezelfde standaardtijd moeten hanteren, mocht de huidige regeling verdwijnen. Vorige maand spraken de premiers van Nederland, België en Luxemburg al de wens uit in dezelfde tijdzone te blijven.

In het Europees Parlement is mogelijk wel een meerderheid te vinden voor een einde aan het gedraai aan de klok. Daar voert een groepje Europarlementariërs, gesteund door enkele wetenschappers, al jarenlang campagne voor afschaffing van de zomer-en wintertijd. Ze stellen dat vooral ouderen en hartpatiënten last ondervinden van de verstoring van hun biologische klok.

In 1980 besloot de Europese Economische Gemeenschap, voorloper van de EU, de klokken in de lidstaten gelijktijdig te verzetten nadat diverse landen de zomertijd hadden ingevoerd om energie te besparen.

Ondertussen heeft Marokko doortastender geopereerd dan de EU en de wintertijd per direct afgeschaft. De regering stemde vrijdag in met een wetsvoorstel om de zomertijd permanent aan te houden. Daarom ging de klok in Marokko zaterdagnacht niet zoals gebruikelijk een uur terug. Marokko liep eerst een uur achter op Nederland, omdat het de tijdzone van het Verenigd Koninkrijk en Portugal aanhield. Vanaf dit weekend loopt de Marokkaanse tijd gelijk aan de Nederlandse.

    • Floor Bouma
    • Mark Middel