‘Zorggeld werd gebruikt voor andere gaten’

Georgette Fijneman directeur Zilveren Kruis

Twee ziekenhuizen gingen failliet, Zilveren Kruis kreeg de schuld. „We gaan geen zorggeld gebruiken om verliezen te financieren.”

Een dag nadat het Slotervaartziekenhuis uitstel van betaling had aangevraagd, schrok Georgette Fijneman zich kapot: het Amsterdamse ziekenhuis stond er nóg slechter voor dan ze wist. Fijneman is directeur van Zilveren Kruis, onderdeel van Achmea, de zorgverzekeraar met veruit de meeste klanten in de regio. De aangestelde bewindvoerder had allerlei onbetaalde rekeningen aangetroffen, ingehuurde verpleegkundigen bleken al maanden niet betaald. Leveranciers van medicijnen en hulpmiddelen kwamen hun spullen halen. De helft van het personeel – ingehuurde krachten – kwam prompt niet meer opdagen.

Afgelopen week was te zien hoe twee grote algemene ziekenhuizen in een klap ten onder gingen. Voor het eerst vertelt Fijneman – telefonisch – over de faillissementen van de ziekenhuizen in Amsterdam en de Flevopolder, beide eigendom van zorgondernemers Loek Winter en Willem de Boer. De eigenaren, directie en het personeel geven Zilveren Kruis de schuld van het drama. Door het besluit van de verzekeraar om geen noodkrediet te verstrekken, zagen de ziekenhuizen zich genoodzaakt uitstel van betaling aan te vragen.

Bijna 100 patiënten moesten worden verplaatst naar andere ziekenhuizen rond Amsterdam, want het MC Slotervaart ging vrijwel meteen dicht. In Flevoland bleef het ziekenhuis open omdat er te weinig alternatieven zijn in de directe omgeving. Het personeel liep daar niet weg, maar staat wel onder curatele.

Lees ook: De curator kijkt mee welke medicijnen patiënten krijgen

In de Flevopolder vraagt men zich af: houden we hier een ziekenhuis?

„Als je puur kijkt naar de afstanden, dan kun je uit met de ziekenhuizen in de regio: Almere, Harderwijk, Zwolle en Sneek. Maar dit is een bijzondere situatie want voor veel inwoners zijn de afstanden in de Flevopolder groot. Daar maken de huisartsen zich zorgen over. Ze zijn bang dat patiënten zorg gaan ‘mijden’. Ik hou daar rekening mee, voel die verantwoordelijkheid. Dus kijken we nu welke zorg we daar moeten behouden. Dat is ook aan de curatoren.”

U heeft als verzekeraar zorgplicht. Als je nu in Lelystad je been breekt, waar ga je dan heen?

„Voorlopig is alle acute zorg aanwezig in Lelystad, Emmeloord en Dronten. We bekijken van week tot week wat we openhouden.”

De verloskunde is al dicht; waar moet de bevallende vrouw heen?

„Hoogzwangere vrouwen zijn gebeld en ondergebracht bij ziekenhuizen in de omgeving. Hoe dat over een paar weken gaat, weet ik nog niet.”

Na het interview werd bekend dat het St Jansdalziekenhuis in Harderwijk de medische zorg in Lelystad wil overnemen.

Mensen zijn bezorgd. Jullie worden als schuldige aangewezen.

„Ik kan me voorstellen dat de faillissementen mensen rauw op het dak vallen. Ze worden helaas in verband gebracht met onze keuze om geen financiering meer te verstrekken. Maar dát is niet de reden ervoor.”

Wat dan wel?

„De ziekenhuizen kampten al jaren met financiële problemen. De omzet daalde, patiënten gingen naar andere ziekenhuizen in de regio. Er was achterstallig onderhoud en inzet van steeds meer tijdelijk personeel, de kwaliteit van de zorg stond onder druk. In Lelystad staat het ziekenhuis onder verscherpt toezicht. We zijn daarom al jarenlang in gesprek met de directies. We kunnen zorggeld [premies, red.] niet gebruiken om alsmaar verliezen te financieren. Verbeterplannen voor de toekomst vonden we niet overtuigend.”

Die problemen zijn al jaren bekend. Waarom nú de stekker eruit?

„Wij betalen ziekenhuizen voorschotten voor de verwachte zorgkosten [de doktersrekening en medicijnen, red.]. In juli bleek dat deze ziekenhuizen niet de hoeveelheid zorg hadden geleverd, waar wij voor hadden betaald. Dus vroegen we geld terug. Dat konden ze niet terugbetalen. Toen hebben we uitstel gegeven. Begin oktober kregen we weer een verzoek om geld, zonder duidelijke specificatie. Daar schrokken we heel erg van. Toen bleek ook dat ze het voorschot niet konden terugbetalen. Zorggeld was gebruikt om andere gaten te vullen.”

Welke gaten dan?

„Onder meer huisvestingskosten en ingehuurde personeelskosten. Maar precies weten we het niet. Daar hebben we geen zicht op.”

Hoeveel heeft u nog van ze tegoed?

„Enkele miljoenen.”

De financiën van het Slotervaart zijn al jaren schimmig; jaarrekeningen worden laat gedeponeerd, ingewikkelde bv-structuren. Had u eerder moeten ingrijpen?

„Het is niet aan ons om in te grijpen. Dat is de verantwoordelijkheid van het bestuur van het ziekenhuis.”

U moet toch zicht hebben op de financiën als grootste financier?

„Wij zijn niet de accountant. Wij hebben een verantwoordelijkheid als zorgverzekeraar en het ziekenhuis heeft een verantwoordelijkheid. Dat is de markt.”

Er zijn meer ziekenhuizen met financiële problemen. Volgen er meer faillissementen?

„Daar heb ik geen aanwijzingen voor.”

De directie wilde in Amsterdam in een half jaar afbouwen, zodat patiënten níet van de ene op de andere dag verplaatst en geweigerd hoefden te worden.

„Dan zouden we nog meer geld moeten steken in oude rekeningen. Maar het chaosscenario van afgelopen week was ook niet wat wij voor ogen hadden. Op de dag van de surseance bleek de situatie nog ernstiger dan verwacht: de uitzendbureaus waren lang niet betaald, net zomin als de leveranciers.”

Verwijt u het ziekenhuis wanbestuur?

„Dat is niet aan mij. Maar instabiliteit van het bestuur heeft meegespeeld. En patiënten kwamen minder. Daar moet je als ziekenhuis op inspelen.”

    • Frederiek Weeda
    • Joris Kooiman