Opinie

Kabinet-Rutte III

Dit kabinet wacht vooral op anderen

Lange tijd polderden Nederlandse kabinetten. Niet voor niets was het woord polder een telkens terugkerend begrip in de vele herdenkingsstukken over de vorige week overleden oud-premier Wim Kok. En ook zijn voorganger, de eveneens dit jaar overleden Ruud Lubbers, werd na een aanvankelijke start als no-nonsense premier geassocieerd met het brede overlegmodel waar de polder voor staat.

Het huidige kabinet, dat een jaar geleden aantrad, poldert niet zozeer, maar tafelt. Voorbereiding en uitvoering van beleid worden uitbesteed aan tafels waar diverse belanghebbenden uit verschillende disciplines aanschuiven. Zo zijn er klimaattafels, woningtafels, vliegverkeertafels, gaswinningstafels en gezond-leventafels. Van Dale’s woordenboek van de Nederlandse taal zegt achter het lemma tafelen: „aan tafel zitten om te eten, vooral met de bijgedachte dat dit enige tijd in beslag neemt.” Dat laatste is, toegepast op de tafels die het kabinet terzijde staan, een zeer terechte constatering. Er wordt vooral lang getafeld.

Dit versterkt de indruk dat het kabinet-Rutte III maar niet van start wil gaan. Het kabinet wacht vooral af. Wacht op de tafels. Deels heeft het kabinet ook de luxe om rustig aan te doen. Minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) herinnerde er vorige maand nog aan bij de presentatie van zijn Miljoenennota: de begroting presenteerde voor het vierde achtereenvolgende jaar een begrotingsoverschot. Dat was, zo zei hij, in zestig jaar niet gebeurd.

Zoiets heeft vanzelfsprekend zijn weerslag op de Haagse beleidsdynamiek. Waar eerdere kabinetten direct na hun beëdiging aan de slag moesten met rigoureuze bezuinigingsmaatregelen om de begroting maar enigszins op orde krijgen, ontbreekt de noodzaak hiervoor bij het huidige kabinet. Meer uitgeven vergt meer tijd dan minder uitgeven. De stroeve start levert vooralsnog een weinig zichtbaar kabinet op. In de gevallen dat het wel zichtbaar is, betreft het eigen gestuntel. Trefwoord: dividendbelasting.

Het verklaart ook de slechte score van het kabinet als het om vertrouwen gaat. Ruim de helft van de ondervraagden (54 procent) had geen of weinig vertrouwen bleek vorige maand uit een onderzoek van Bureau Ipsos. Nu zegt dit lang niet alles, want volgens het kabinet moet het ‘zoet’ voor de burgers nog volgen na de belastingverlagingen die met ingang van het nieuwe jaar worden ingevoerd. Waarbij de vraag is of die fiscale lekkernij ook als zodanig zal worden ervaren of teniet wordt gedaan door de veel zichtbaarder verhoging van de BTW.

Ondertussen is het na een jaar wachten op de grote plannen en dus op de tafels. De ingrijpende hervorming van het pensioenstelsel is nog altijd onderwerp van gesprek tussen de organisaties van werkgevers en werknemers voordat minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) stappen kan zetten. Alle voorstellen om aan de ambitieuze klimaatdoelstellingen van het kabinet te voldoen worden bediscussieerd tussen betrokken partijen en manen het kabinet tot afwachten. Onduidelijk is nog wanneer staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid, ChristenUnie) zijn gesprekken met de talloze betrokkenen heeft afgerond en zijn veelbesproken preventieakkoord voor een gezondere leefstijl kan presenteren. Het zijn slechts enkele voorbeelden van de stilstand in vooruitgang die het kabinet weet uit te stralen.

In het regeerakkoord schreven VVD, CDA, D66 en ChristenUnie, de vier coalitiepartijen waar het derde kabinet-Rutte op stoelt, een jaar geleden dat Nederland niet alleen moet vooruitgaan in de statistieken, maar dat Nederlanders dat ook zelf moeten ervaren. Juist aan die ervaring ontbreekt het. Natuurlijk is een jaar te kort om de balans op te maken, maar het kabinet weet ook niet de indruk te wekken dat het volop bezig is. Er wordt gewacht op anderen.

Begin jaren negentig had toenmalig D66-leider Hans van Mierlo een dodelijke typering voor het kabinet-Lubbers III, dat bestond uit een coalitie van CDA en PvdA. Dat wilde ook maar niet tot regeren komen. Hij had het toen over „het kabinet dat van niemand is”. Dat dreigt nu ook te gebeuren. Na één jaar kan worden vastgesteld dat er een kabinet zit. Maar nu graag een kabinet dat ook nog wat laat zien. In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.