Snelle evolutie door slordige genschakelaar

Streepjes op vissenhuid Afrikaanse visjes passen zich erg snel aan. Hoe doen ze dat?

Foto Claudius Kratochwil

De Afrikaanse cichliden, die in de drie grote meren in Oost-Afrika leven (Victoria-, Malawi- en Tanganyikameer) passen zich erg snel aan veranderde omstandigheden aan. Strepen, snuit, vinnen, tandjes en gedrag evolueren razendsnel – binnen decennia in plaats van binnen vele duizenden jaren. Op de foto staan 9 van de wel 1.200 cihlidesoorten.

Hoe kan dat zo snel? Die streeppatronen ontstaan bijvoorbeeld tijdens de groei, doordat verschillende celtypen met verschillende kleuren om en om een groeiversnelling doormaken. Duitse onderzoekers die al lang aan cichlidengenetica werken, vonden een genetische aan-uitschakelaar voor horizontale zwarte strepen. In Science schrijven ze hoe ze dit gen agrp2 vonden. In een streeploze cichlide hebben ze agrp2 ‘uit’ gezet: de jonkies kregen weer strepen.

    • Wim Köhler