Rutte III is vooral sterk in het creëren van eigen nederlagen

Één jaar Rutte III Er zijn nog weinig besluiten genomen door het kabinet Rutte III dat deze week precies 1 jaar bestaat. De verschillende bewindslieden beschadigden vooral zichzelf.

Rutte en het volledige kabinet in ‘vak K’ tijdens de eerste dag van de Algemene Politieke Beschouwingen. Foto David van Dam

Carola Schouten bleef maar herhalen hoe schandelijk het was: de „grootschalige kalverfraude” die zojuist aan het licht was gekomen. Ze was net drie maanden minister van Landbouw toen de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit begin dit jaar ontdekte dat duizenden melkveeboeren zouden hebben gesjoemeld met de registratie van koeien. Schouten was boos en liet dat voor de camera’s duidelijk merken. Ze had de „ontzettend kwalijke” zaak meteen naar buiten gebracht „om te laten zien dat we dit niet accepteren”.

Misschien had de ChristenUnie-minister toch beter iets langer kunnen wachten met het zoeken van publiciteit. Zo grootschalig was de fraude namelijk niet, bleek deze maand. Van de 2.100 boerenbedrijven die Schouten met onmiddellijke ingang had laten stilleggen, hebben 75 moedwillig gefraudeerd, schreef de minister in een brief aan de Tweede Kamer. Ruim driehonderd bedrijven hadden niets verkeerd gedaan. In twee derde van de gevallen ging het om administratieve foutjes, niet om fraude. Excuses van Schouten aan de vermeende fraudeurs bleven uit.

Carola Schouten, behalve minister van Landbouw ook vicepremier, staat niet bekend om missers. Zij is juist de meest geliefde minister, zowel binnen het kabinet – als één van de architecten van Rutte III geldt zij als vertrouwenspersoon bij wie collega’s uithuilen of om advies vragen – als daarbuiten. Op populariteitslijstjes eindigt zij altijd bovenaan. Daar staat tegenover dat boerendochter Schouten binnen ‘haar’ agrarische sector niet meer zo lekker ligt, na haar overtrokken reactie op de ‘kalverfraude’.

De handelwijze van Schouten in deze kwestie is representatief voor die van het kabinet-Rutte III. Na een jaar regeren blinken ministers en staatssecretarissen van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie vooral uit in het creëren van hun eigen nederlagen. Ze hebben geen last van een economische crisis die dwingt tot tussentijds bezuinigen. Ze zijn ook (nog) niet afhankelijk van oppositiesteun in de Eerste Kamer waardoor plannen uit het regeerakkoord moeten worden aangepast aan de wensen van andere partijen. Nee, de mislukkingen van het derde kabinet van Mark Rutte zijn steeds van eigen makelij. De krassen die bewindslieden hebben opgelopen, zijn eigenhandig aangebracht.

NRC liet kiezers aan het woord in vier bolwerken van de coalitiepartijen. Lees ook: In Laren geldt Rutte niet meer als de ideale schoonzoon

Vertraging en afhankelijkheid

Vrijdag een jaar geleden stonden ze op het bordes: zestien ministers en acht staatssecretarissen van vier partijen. De grote maar onervaren ploeg – naast Rutte waren slechts vier ministers eerder staatssecretaris geweest – was het resultaat van een moeizame formatie van ruim zes maanden. Veel aandacht ging in het eerste jaar van Rutte III uit naar coalitietegenstellingen in de Tweede Kamer. Maar in het kabinet zelf lijkt het pais en vree te zijn. De bewindslieden sporten samen, trekken gezamenlijk op en verdedigen elkaar. Er lekken geen ruzies uit de Trêveszaal. „Ze bakken elkaar geen poetsen”, constateerde informateur Gerrit Zalm vrijdag in een interview met NRC.

Wel rijzen na een jaar vragen over de effectiviteit van het kabinet. Vorige week kondigde vicepremier Hugo de Jonge (Zorg, CDA) na de ministerraad aan dat een peiling zal worden gehouden over de voorkeur voor permanente winter- of zomertijd. Het was blijkbaar het enige besluit was dat het kabinet die week genomen had.

De cijfers wijzen inderdaad uit dat het kabinet betrekkelijk weinig voor elkaar bokst. Bij het aantreden van het kabinet selecteerde NRC 36 maatregelen uit het regeerakkoord die in concrete wetgeving moesten worden omgezet. Twee voorstellen zijn al ingetrokken: het schrappen van de dividendbelasting en het onderbetalen van arbeidsgehandicapten. Slechts vijf plannen, waaronder het afschaffen van het referendum en een fiscale korting voor huizenbezitters, werden doorgevoerd na goedkeuring van de Eerste Kamer. En dat terwijl de coalitiepartijen in het voorjaar waarschijnlijk hun meerderheid in de senaat verliezen. Wetgeving zal in de tijd die het kabinet rest alleen maar moeilijker worden.

De vertraging ligt lang niet altijd aan bureaucratie, politieke perikelen of bewindspersonen zelf. Veel wensen heeft het kabinet uitbesteed aan de polder. De grote ingrepen in het klimaatbeleid wachten op een nieuwe onderhandelingsronde van de zogeheten ‘klimaattafels’, met belangengroepen en de industrie. De gesprekken voor een pensioenakkoord tussen werkgevers en vakbonden lopen uiterst stroef. „Het kost gewoon tijd en we zijn afhankelijk van anderen”, verontschuldigde Hugo de Jonge zich vorige week.

Zolang de kabinetsploeg de eigen ambities nog niet waarmaakt, vallen de persoonlijke fiasco’s op. Er bestaan drie manieren waarop de huidige bewindspersonen falen. Er zijn er die, zoals Carola Schouten, met grote woorden en daadkracht reageren op incidenten om vervolgens te moeten constateren dat ze hebben beloofd een niet-bestaand probleem op te lossen. Het gevolg is gezichtsverlies en ruzie met betrokkenen of de Kamer. Er zijn er die door onzorgvuldige uitspraken of flagrante leugens politieke controverses veroorzaken of, in het uiterste geval, hun eigen vertrek inluiden. En dan zijn er de kabinetsleden, premier Rutte met zijn dividendtaks voorop, die moeten toegeven dat maatregelen uit het eigen regeerakkoord anders uitpakken dan gehoopt en daarom worden afgeserveerd.

Hoge toon en uitglijder

Wie net als Schouten voortvarend begon maar zijn goede naam al snel zelf heeft aangetast, is Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD). Hij werd de held van Groningen toen hij in maart de „historische beslissing” nam om de gaskraan helemaal dicht te draaien. Eindelijk een bewindspersoon die de veiligheid voorop stelt, verzuchtten ze in het noorden. Die euforie bleek van korte duur toen Wiebes’ oordeel over zijn voorgangers („overheidsfalen van on-Nederlandse proporties”) niet betekende dat de versterking van vijftienhonderd woningen in het aardbevingsgebied nu wel subiet geregeld wordt.

Een ander voorbeeld van een minister die met grote woorden steeds haar eigen problemen veroorzaakt is Kajsa Ollongren. Haar zelfkastijding begon al bij de postenverdeling. Want waarom werd deze D66-belofte uitgerekend minister van Binnenlandse Zaken, waar ze meteen het referendum moest afschaffen en een door haar partij ongewenste inlichtingenwet moest verdedigen?

Naast die twee impopulaire maatregelen is Ollongren vooral in beeld geweest met haar hoge toon over nepnieuws en bestuurlijke integriteit. Zo kondigde ze groots aan „volstrekt onwenselijke” Russische desinformatie te gaan aanpakken, onder meer door een factcheckdienst van de EU te versterken. Maar toen ze geen enkel concreet voorbeeld kon noemen van Russische inmenging en het door haar geprezen factcheckbureau keurige berichten van Nederlandse media als nepnieuws had bestempeld, moest ze onder druk van de Kamer juist pleiten voor het opheffen ervan.

Ook dreigde ze begin 2017 in te grijpen in het Limburgse Brunssum toen een omstreden gemeenteraadslid, Jo Palmen, daar wethouder werd. Een later onderzoek van de gemeenteraad trok niet de integriteit van Palmen in twijfel – hij is ook in de nieuwe coalitie in Brunssum weer wethouder – maar oordeelde dat de minister „beter haar kiezen op elkaar had kunnen houden”.

De pijnlijkste uitglijder was natuurlijk die van VVD’er Halbe Zijlstra. Hij moest in februari al opstappen als minister van Buitenlandse Zaken omdat hij jarenlang een verzonnen verhaal had verspreid over een ontmoeting met de Russische president Vladimir Poetin in 2006. Toen uitkwam dat Zijlstra, indertijd werkzaam voor Shell, nooit in Poetins datsja was geweest, nam hij in tranen afscheid van de politiek.

Halbe Zijlstra bij zijn aftreden als minister van Buitenlandse Zaken. Foto David van Dam

Ook Zijlstra’s opvolger Stef Blok (VVD) wankelde door zijn eigen woorden. De oerdegelijke, zelfs ietwat saaie Blok liet zich op een besloten bijeenkomst provocerend uit over onder meer Suriname („a failed state”) en de multiculturele samenleving („diep in onze genen zit dat we niet goed in staat zijn een binding aan te gaan met ons onbekende mensen”). Die opmerkingen lekten uit en Blok moest in de Kamer diep door het stof.

Rutte heeft in zijn derde termijn als premier een flinke kras opgelopen met de inmiddels gestrande afschaffing van de dividendbelasting. Het was de premier zelf die tijdens de kabinetsformatie zijn medeonderhandelaars verraste met een voorstel om multinationals tegemoet te komen. Het werd het onderdeel van het regeerakkoord waar de oppositie het felst tegen in verweer kwam. Maar Rutte was tot in zijn „diepste vezels” overtuigd dat het „een onverantwoord risico” was de maatregel niet te nemen.

Volg hier de voortgang van de belangrijkste wetgeving van het kabinet-Rutte III

Toen het Brits-Nederlandse zeep- en levensmiddelenconcern Unilever eerder deze maand bekendmaakte dat het hoofdkantoor tóch niet naar Nederland zou komen, kon ook de premier niet meer volhouden dat de afschaffing van de dividendbelasting – waarvan de kosten inmiddels waren opgelopen tot 1,9 miljard – nuttig was. Misschien wel het pijnlijkste moment uit Ruttes politieke carrière.

De volgende die zichzelf in de voet dreigt te schieten, is Wouter Koolmees, minister van Sociale Zaken en maandenlang coalitie-onderhandelaar namens D66. Drie van de vier thema’s die het kabinet zelf als meest urgent ziet – klimaat, integratie, arbeidsmarkt en pensioen – vallen onder hem. Terwijl zijn nieuwe plannen op het gebied van inburgering vrij onomstreden zijn, zit er bijzonder weinig schot in de zo gewenste hervorming van de arbeidsmarkt en het pensioenstelsel. Een minimum uurtarief voor zzp’ers lijkt onuitvoerbaar en mag misschien zelfs niet van de EU. Plannen om ‘vast en flex’ op de arbeidsmarkt dichterbij elkaar te brengen, stuiten op veel weerstand.

Wat betreft een pensioenakkoord is het niet meer de vraag wanneer, maar óf de sociale partners er ooit uit zullen komen. De al lopende polderonderhandelingen werden een jaar geleden overvallen toen in het regeerakkoord gedetailleerde politieke ideeën voor een nieuw pensioensysteem stonden. Door al zo duidelijk zijn wensen zwart-op-wit te zetten, luidde Koolmees waarschijnlijk – helemaal zelf – zijn politieke nederlaag in.

Bekijk ook de fotoserie die politiek fotograaf van NRC David van Dam samenstelde over één jaar Rutte III
    • Barbara Rijlaarsdam
    • Emilie van Outeren