Minister: wij redden geen ziekenhuizen

Marktwerking in de zorg

Met het faillissement van twee ziekenhuizen laaide deze week de discussie op over marktwerking in de zorg. Minister Bruins is duidelijk: hij wil niets veranderen aan het systeem.

Minister Bruno Bruins tijdens een debat met de Tweede Kamer Foto ANP/Jasper Juinen

Het is vervelend, maar dat ziekenhuizen failliet kunnen gaan hoort er nu eenmaal bij. Die boodschap gaf minister Bruno Bruins (VVD, Medische Zorg) vrijdagmiddag in zijn eerste publieke reactie op het faillissement deze week van de IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland en het MC Slotervaart in Amsterdam.

Ziekenhuizen die op omvallen staan, hoeven niet te rekenen op geld uit Den Haag. Bruins: „We zijn niet de bank.” En: „Het gaat ons niet om het bewaken van een stapel stenen.”

Bruins zei tijdens het persgesprek dat hij had overwogen om naar één van de ziekenhuizen af te reizen om zijn medeleven te betuigen, maar zag daar vanaf. „Ik zou alleen maar in de weg lopen, terwijl ik me hier nuttig kan maken”, zei hij.

De afgelopen week formeerde het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een „crisisstaf” van ambtenaren, toezichthouder de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Zij houden de verhuizing van patiënten naar andere ziekenhuizen en de „continuïteit” van zorg in de gaten. Er is voortdurend contact met de curatoren. Toen donderdag bleek dat de medisch specialisten hun aansprakelijkheidsverzekering in één klap kwijt waren, beloofde het ministerie garant te staan. Het gaat vermoedelijk om enkele miljoenen euro’s.

Stresstest voor het systeem

Wat zulke praktische problemen betreft, zijn de faillissementen volgens Bruins een „stresstest” voor het systeem, waarin zorgverzekeraars verantwoordelijk zijn voor de financiering van ziekenhuizen. Dat is zo sinds in 2006 de marktwerking in de zorg werd ingevoerd. Wanneer – zoals bij de IJsselmeerziekenhuizen en het MC Slotervaart – de financiering spaak loopt, kan een ziekenhuis omvallen. Deze week bleek hoe dat eruit ziet: een ad-hoc verhuizing van zieke patiënten (sinds woensdagochtend ongeveer 70 in het Slotervaart en 90 in de IJsselmeerziekenhuizen) en het dreigende ontslag van honderden artsen en verpleegkundigen.

Is het faillissement het onvermijdelijke gevolg van marktwerking in de zorg?

Het leidde tot grote verontwaardiging. Bij het Slotervaartziekenhuis kregen medewerkers die ontslag wacht van de SP flyers in handen gedrukt voor een ‘Nationaal Zorgfonds’, een idee waarbij zorgverzekeraars afgeschaft zouden worden en gezondheidszorg weer publiek gefinancierd. Tweede Kamerlid Fleur Agema (PVV) riep op de ziekenhuizen open te houden en wil een parlementair onderzoek naar het zorgsysteem. Vermoedelijk debatteert de Tweede Kamer volgende week over de faillissementen.

Geen stelselverandering

Minister Bruins wil in ieder geval niets weten van een grote stelselverandering. Hij wees erop dat zorgverzekeraars de plicht hebben goede zorg voor patiënten te garanderen. Patiënten moeten binnen 45 minuten in een ziekenhuis kunnen komen. Er zijn 23 ‘gevoelige’ ziekenhuizen (van de ruim 90) waarbij sluiting van de spoedeisende hulp of acute verloskunde dat in gevaar kan brengen. Mochten die afdelingen dreigen te sluiten, dan kunnen ze financiële steun krijgen van de NZa.

Maar andere ziekenhuizen die financieel ten onder dreigen te gaan – accountant BDO meldde onlangs dat naast de IJsselmeerziekenhuizen en Slotervaart nog twaalf ziekenhuizen financiële problemen kennen – hoeven niet op de minister te rekenen: „Daar zijn we heel terughoudend mee. Ik sta achter dit systeem en geloof erin.”

    • Enzo van Steenbergen