In Laren geldt Rutte niet meer als de ideale schoonzoon

Één jaar Rutte 3 Het kabinet Rutte 3 bestaat deze week precies 1 jaar. NRC laat kiezers aan het woord in vier bolwerken van de coalitiepartijen.

Door integriteitskwesties, de dividendbelasting en de „halve waarheden” van premier Rutte is de liefde voor de VVD in bolwerk Laren niet meer vanzelfsprekend. Foto Bram Petraeus

Wie in het centrum van Laren staat, zijn ogen sluit en goed luistert, hoort één term die meelift met de herfstwind: dividendbelasting.

Ruim 45 procent van de inwoners stemde op de VVD tijdens de Tweede Kamerverkiezingen in 2017, maar die liefde is niet vanzelfsprekend meer. En door de complimenten aan het adres van Mark Rutte heen, klinkt nu ook iets anders: kritiek.

VVD-kiezer en ondernemer Hans de Koning (55) zegt het zo: „Ik zie in de VVD een partij die gaat voor de grote bedrijven en minder voor het mkb.” Hij zou graag willen dat de partij er meer zou zijn voor zzp’ers. „Die moeten echt heel hard werken om een normale boterham te verdienen.” De integriteitskwesties die ook afgelopen jaar speelden bij de VVD, Halbe Zijlstra en de datsja-leugen en Kamerlid Han ten Broeke die opstapte na het uitkomen van een „ongelijkwaardige relatie”, zijn volgens Konings niet goed voor het beeld van de VVD. Hij heeft er zelf weinig last van. „Ik ben heel loyaal. Ik rij al 20 jaar in hetzelfde merk auto en ben deze week 26 jaar getrouwd met dezelfde vrouw.” In premier Mark Rutte ziet hij nog altijd een goede leider. Maar: „Ik zie ook wel dat hij halve waarheden spreekt. Na al die affaires en krasjes is hij niet de ideale schoonzoon meer. Ik denk dat het niet anders kan in het veld waarin hij opereert.” Ook Ton Welling (79) – „al heel lang VVD-stemmer” – begint eerst over de dividendbelasting. Verder vindt hij de VVD te soft over immigratiebeleid. Dat doet Forum voor Democratie beter. „Die Thierry Baudet, die ziet ook dat het zo niet kan. Dit land gaat echt naar de klote.” En de glans is er bij Rutte ook wel af, vindt Welling. Hij vindt hem glad. „Je moet oppassen dat je niet als een paling in een emmer met snot bent.”

Marielene Burgman (62), wandelt met haar kleindochter door het centrum. Ze stemt overwegend op de VVD, zegt ze bijna schuldbewust. „Nou ja, er is zoveel gebeurd. Ik heb weleens twijfels gehad.” Weer die dividendbelasting. „We hebben een groothandel in reinigingsproducten. We weten hoe hard je moet knokken als mkb’er.” Wat haar nog meer opvalt aan het afgelopen jaar? „Dat Rutte enerzijds een prima vent is, maar toch een beetje glad. Dat hij een beetje glibbert. Maar het is ook een harde werker die voor de klas staat. Hij heeft een hoge gunfactor.” Dus bij volgende verkiezingen weet Burgman welk vakje ze rood zal kleuren. „VVD stemmen doe je eigenlijk ook vanuit opvoeding, vanuit het zakenmilieu. Omdat het zo hoort. Op dat laatste moment kies je toch VVD. Echt heel erg.”

ChristenUnie, Bunschoten

‘Segers is super, zijn eerlijkheid en openheid’

Sinds tien jaar ontwaart men tussen de vele kerktorens in het gereformeerde Bunschoten-Spakenburg ook weer de wieken van een molen: De Hoop. Het is de opvolger van een gelijknamige molen waarvan in 1967 de romp afbrak. De nieuwe molen functioneert. Een nieuwe opvolger met aloude principes. Buiten staat op een krijtbord: „Molen geopend, meel haal je op de molen.” Binnen werkt vrijwilliger Everdien Veldhuizen (69). De ChristenUnie doet het goed vindt ze. Maar ze begrijpt ook dat met regeren offers moeten worden gebracht. Het kinderpardon is volgens haar een goed voorbeeld. „Dat was lastig. Nog steeds.” Veldhuizen was recent op de open dag van de partij. Daar zag ze ook Gert-Jan Segers. „Hij is super. Ik vind hem echt goed.” Waarom? „Zijn eerlijkheid en openheid. Hij durft het aan te geven als hij machteloos is, zoals met dat kinderpardon.”

In het centrum lopen opmerkelijk weinig mensen die willen zeggen of ze ChristenUnie stemmen. En waar herkent men een ChristenUnie-stemmer eigenlijk aan? Een voorbijganger („neeee, geen ChristenUnie”) tipt een cadeauwinkel. „Die is hartstikke christelijk.” Binnen, achter de kassa van Luv („Liefde voor lezen, leven en elkaar”) staat Henny Hofsink (50). Segers is hier vorig jaar nog geweest, vertelt ze. Hij kwam zijn boek signeren. „Ik vond hem heel betrouwbaar overkomen. Als er vragen gesteld worden, is hij to the point. Geen rookgordijnen.” Ook zij noemt het kinderpardon. De kwestie van de Armeense kinderen Lili en Howick greep haar aan. Had de ChristenUnie daar dwingender moeten zijn? „Zo werkt het in de politiek nou eenmaal. Vechten tegen de bierkaai.” Weer die vraag: waar herkent men hier ChristenUnie-stemmers aan? Klederdracht, denkt Hofsink.

Iets verderop laadt een dame in klederdracht buiten de supermarkt haar boodschappen in haar fietstas. Ja, ze stemt ChristenUnie. Maar: „Nee kind, ik volg het allemaal niet op de voet. Aan mij heb je niks.”

Aan de andere kant van het plein zitten drie vrienden op een bankje. Aral Dijksman (77), Gerard („nee, geen achternaam” 76) en Kees van Winkelen (71) zijn aan het slot van hun wekelijks ritueel: eerst een kwartiertje baantjes zwemmen en daarna een broodje eten. Twee van de drie stemmen ChristenUnie, Gerard stemt CDA. Kees stemt CU om het christelijke karakter. Waarom dan niet de SGP of het CDA? De drie zijn het er al snel over eens: „De SGP is de zware versie, het CDA de light-versie en de ChristenUnie zit daar middenin.” Over Segers zijn ze unaniem enthousiast. Kijken ze terug op een politiek goed jaar? Aral: „Nee. Waardeloos kabinet. Inclusief de ChristenUnie. Ze zijn van hun principes gevallen wat betreft het kinderpardon. Daar hadden ze scherper op moeten zijn.” Maar even later, toch dat begrip dat meer klinkt in Bunschoten: „Ze moeten nou eenmaal water bij de wijn doen.”

CDA, Geesteren

‘Buma is uitgesprokener geworden’

„Veel is er de laatste decennia veranderd in Geesteren”, waarschuwt een plakkaat in de Dorpsstraat. Het wijst op de mechanisatie van boerderijen, gemengd bedrijf dat overging in akkerbouw, en nieuwe woningen. In dit dorp (gemeente Tubbergen) bleef ook veel onveranderd. Zoals de loyaliteit aan het CDA. Bij de Kamerverkiezingen in 2017 stemde bijna de helft van de enkele duizenden dorpsbewoners op de partij.

De grote H. Pancratiuskerk torent boven de Dorpsstraat uit. Elk uur klinkt een klokkenspel. De politieke waan van de dag is hier ver weg. Wat maakt het uit wat wij hier vinden, zo kaatsen voorbijgangers de vragen terug zonder snelheid te minderen, „ze doen toch wel daar in Den Haag”.

„Politiek is niet onze sterkste kant”, verontschuldigt Mien Nijhuis (81) zich als ze op de naam van CDA-leider Sybrand Buma probeert te komen. Ze gaat voor het interview op haar rollator zitten. Het CDA-lidmaatschap deelt ze met haar man, Josef Nijhuis (80), opa en oma in een ‘echte kerkfamilie’. Lid zijn ze al 50 jaar, ooit nog van de Katholieke Volkspartij. De prestaties van Rutte III hebben ze niet gevolgd. „Ze redden zich wel in Den Haag.”

Stemmen inwoners alleen op het CDA om hun geloof? „Dat is het niet”, zegt Leo Stamsnieder (60). „De kerken zitten hier ook niet meer stampvol.” Het CDA-raadslid zet zijn fiets op slot tegen de Plus-supermarkt. „Het komt vooral omdat het CDA hier gemeentelijk erg zichtbaar is. En Pieter Omtzigt komt bijvoorbeeld naar deze regio om zijn beleid uit te leggen.”

Het CDA is van oudsher een partij die ook goed boert op het platteland. Juist voor boeren laat het CDA nu te weinig van zich horen, vindt Stamsnieder. „Neem het aangenomen wetsvoorstel dat asbest in 2025 van alle daken moet zijn. Dat heeft hier op het platteland gigantische gevolgen.”

Geestenaren die de politiek volgen, zijn onder de indruk van de CDA-bewindspersonen. Vooral van Wopke Hoekstra (Financiën). „Hij komt betrouwbaar en gedegen over”, zegt Anne Martens Biert (66). Buma vond ze „in het begin wat weifelend, maar hij is uitgesprokener geworden”. Buma liet afgelopen jaar vaak van zich horen als het ging om immigratie of een steviger integratiebeleid. Biert herkent zich daarin. „Mijn man is gepensioneerd huisarts en werkt in een azc. De problematiek is daar ingewikkelder dan mensen denken. Kansloze asielzoekers kunnen meer dan tien jaar procederen. Hun kinderen zijn de dupe. De overheid moet meer duidelijkheid scheppen.” Biert voelt zich er ongemakkelijk bij. „Tegelijk: wie ben ik om iemand weg te willen sturen?” Over het algemeen houdt het CDA zich goed staande in deze tijd die snel „globaler en sneller” wordt, zegt Biert. „In Geesteren hebben we dat soms niet in de gaten.” Hennie Linneman (73) vreest dat het CDA wordt afgestraft voor het regeren met „zakenpartij” VVD. „Dan krijg je zoiets als de dividendbelasting. Waarom gaat dat geld niet naar de gewone man?” Hij vertrouwt het CDA niet aan Rutte toe. „Die lacht wel, maar altijd net of hij zere tanden heeft.”

D66, Utrecht, Wageningen

Jetten? ‘Wel heel erg Zondag met Lubach’

Het is geen doelgroep die overloopt van enthousiasme over de democratie. „Stemmen? Dat, was lang geleden toch?”, vragen studenten verstoord. De keuze viel het vaakst op D66. Op de campus van de Universiteit Utrecht koos een derde voor de partij. Net zoveel als op de campus van Wageningen.

Na een jaar regeren is onder studenten weinig liefde voor ‘hun’ partij te bespeuren. Ze beginnen bijna allemaal over het raadgevend referendum dat werd afgeschaft. „Met het slechte excuus dat het een raadgevend en geen bindend referendum is, dus niet zaligmakend”, zegt Twan Aalders (20) op de universiteitscampus Uithof in Utrecht. „Ik had juist verwacht dat D66 erachter zou staan”. Mede-student Coen Vreeswijk (25) sluit zich erbij aan. „Niet dat ik zo’n referendum-fan was, maar het is wel opvallend hoe snel het de prullenbak in ging.”

„Natuurlijk wil je regeren, maar dit was hypocriet”, zegt Lout van der Zalm (18) in Wageningen. De vorige verkiezingen was hij twee weken te jong, anders had hij D66 gestemd. Nu weet hij dat niet meer zo zeker. „Ze hadden zo lang voor het referendum gestreden.” D66 is de onderwijspartij, weten studenten. „Je zou denken dat D66 iets zou doen voor het hoger onderwijs, maar dat valt nog tegen”, zegt Tes Kuilboer (22). Ze is niet tevreden over haar master International Development Studies. „Vorig jaar hadden we hier ver onder de honderd studenten, nu zit het er ruim boven. Er is ruimtetekort, docenten hebben eigenlijk niet genoeg tijd voor ons.”

Dat Alexander Pechtold vertrok als partijleider, ervaren studenten als een tegenvaller. „Pechtold was nice”, zegt Boris Vos (18). „Hij had overal een goed antwoord op. Behalve bij de dividendbelasting, laf dat hij daarin met Rutte meeging.” Om Rob Jetten gniffelen de studenten. „Dan ben ik wel heel erg Zondag met Lubach aan het volgen, hij zegt altijd hetzelfde”, zegt Van der Zalm. Anderen vinden hem „een beetje jong”. Maar ze schrijven Jetten en de partij nog niet af. „Bij Rob Jetten heb ik nog niet echt een notie gekregen van wie hij zelf is”, zegt Aalders (20). Wat hij gaat stemmen? „Dat zie ik wel. Jetten is nog een beetje een vraagteken.”

Lees ook de analyse: Rutte 3 is vooral sterk in het creëren van eigen nederlagen
    • Liza van Lonkhuyzen
    • Lamyae Aharouay