Opinie

    • Hubert Smeets

Dankzij Trump en Poetin is dé Duitse kwestie weer terug

Het INF-verdrag zaliger kan uitdraaien op een debat over een Europese kernmacht, zoals 40 jaar geleden over de kruisraketten, analyseert Hubert Smeets.

Vladimir Poetin in gesprek met John Bolton op het Kremlin afgelopen dinsdag Foto Alexey NIKOLSKY /AP

Moet Europa een eigen kernmacht optuigen? Deze vraag dringt zich op nu Amerika af wil van het INF-verdrag over de middellangeafstandsraketten.

Volgens president Trump kan hij niet anders, omdat Poetin het schendt door heimelijk nieuwe raketten te ontwikkelen die in strijd zijn met het verdrag waarmee in 1987 het einde van de Koude Oorlog werd ingeluid. Op de bühne windt Moskou zich op over Washingtons voornemen. In de coulissen reageert het nuchterder.

Liefst drie troefkaarten liggen in het verschiet. Volgens ex-diplomaat Vladimir Frolov ziet het Kremlin de stap van Trump als „bluf” om Poetin aan tafel te dwingen. Prima. Dat bevestigt de supermachtstatus van Rusland. Zet hij eenzijdig door? Ook goed. Dan krijgt Moskou ruimte voor de eigen middellangeafstandsraketten, aldus Dmitri Trenin van het Carnegie Moscow Center.

Er is nog een derde troefkaart die Trump nu in Poetins hand speelt: Europa.

Het INF-verdrag was drie decennia geleden het sluitstuk van een pan-Europees debat over het NAVO-plan om in West-Duitsland, Nederland, België, Italië en het Verenigd Koninkrijk in totaal 572 kruisraketten te plaatsen als de Sovjet-Unie haar SS20-raketten in het Oostblok niet zou ontmantelen. De West-Duitse bondskanselier Helmut Schmidt was de drijvende kracht achter dit ‘dubbelbesluit’ uit 1979. Het ging de socialist Schmidt niet alleen om de nucleaire balans in Europa, ook om de garantie dat Amerika zijn militaire paraplu boven het continent zou houden en de Sovjet-Unie geen voet tussen de deur kreeg. Zoals indertijd wel eens gekscherend werd gezegd: één kernraket op het marktplein van Bonn is al voldoende om de Westbindung van West-Duitsland en de status quo te waarborgen.

Een Duitse atoombom jaagt nog angst aan, zeker in Duitsland zelf

Veertig jaar later is de situatie totaal anders. Hoewel de Amerikaanse aftocht om geopolitieke redenen al jaren gaande is, heeft Trump volgens de Duitse ex-minister van Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel een eigen ideologisch doel voor ogen. De hardliners in het Witte Huis zijn uit op een „regime change van onze liberale democratie in autoritaire fanclub”. Ze richten zich daarom op „verdeeldheid en verzwakking” van Europa, aldus de socialist Gabriel.

Als ook nog eens de Brexit doorgaat is er straks één Europees land met een eigen kernmacht: Frankrijk.

Hier steekt Duitsland zijn neus om de hoek. Een Duitse atoombom, afgelopen zomer geopperd door politicoloog Christian Hacke, jaagt vooralsnog louter angst aan, zeker in Duitsland zelf. Maar „de Duitse kwestie is terug”, schreef de historicus Michael Stürmer deze week in Die Welt. De Bondsregering heeft een verantwoordelijkheid die alles overstijgt wat zich in het interregnum van de afgelopen drie decennia heeft aangediend”, aldus Stürmer. De toestand is immers riskanter dan toen. Ten eerste omdat Trump en Poetin zo „onbevangen” over atoomwapens praten dat je er de „bibbers” van krijgt. Ten tweede omdat de hedendaagse technologie, eenmaal ontketend, niet meer te stoppen is.

Spelen Trump en Poetin hierbij ‘objectief’ onder één hoedje? Ik aarzel over het bijwoord. Communisten haalden ‘objectief’ vroeger vaak uit de kast om links en rechts aan elkaar te naaien ter wille van hun eigen analytische gelijk. Maar het INF-verdrag zaliger zou best eens kunnen uitdraaien op een ‘objectieve’ consensus tussen Witte Huis en Kremlin en daarmee ook op een discussie over een Europese kernmacht, een net zo serieus debat als dat over de kruisraketten veertig jaar geleden.

Oost-Europa-expert Hubert Smeets werkt bij het kenniscentrum Raam op Rusland. Hij schrijft om de week met redacteur geopolitiek Michel Kerres over de kantelende wereldorde.
    • Hubert Smeets