Harde politieke cultuur VS bereikt nieuw dieptepunt

Bompakketten

Media zijn verantwoordelijk, reflecteert Trump op de pijpbommen die aan Democraten worden verstuurd.

Extra beveiliging rondom openbaar vervoer in New York, Foto Mark Lennihan/AP

Op de avond van de dag dat een explosief pakket voor Hillary Clinton werd onderschept, scandeerde een uitgelaten menigte in Wisconsin alweer ‘Sluit haar op!’ – een evergreen op Republikeinse bijeenkomsten. Dat president Trump nog geen uur tevoren op dezelfde rally had gezegd dat het land „samen moet komen” en hij degenen „die zich in de politieke arena begeven” op het hart drukt hun opponenten niet weg te zetten als „moreel onvolmaakt”, hinderde het publiek niet. De Republikeinse kandidaat-senator Leah Vukmir giechelde toen haar toespraak door het anti-Hillary-gejoel onderbroken werd.

Tien in het oog springende critici van Trump – van Barack Obama tot Hillary Clinton en van Joe Biden tot acteur Robert De Niro – kregen per post een bompakketje toegezonden. Alle van dezelfde soort, een pijpbom, verzonden in dezelfde okergele envelop. Dus houden de opsporingsdiensten rekening met één dader of dadergroep. De postdienst heeft informatie die erop wijst dat de pakketjes zijn verstuurd vanuit de staat Florida, schrijft The New York Times.

In de eerste reacties ging de aandacht vooral uit naar de man wiens critici doelwit waren van deze aanslagen: Trump. Op CNN, de tv-zender die zijn gebouw in New York moest ontruimen wegens een explosief pakketje in de postkamer, werd gewezen op de manier waarop Trump politiek bedrijft: hard en op de man.

Lees ook: Mikpunten van extreem-rechts krijgen bommen opgestuurd

Trump draaide direct weg van die aantijging. De man die van staat naar staat vliegt voor partijsteun voor de verkiezingen van 6 november, en die de Democraten een gevaar voor de samenleving noemt en de pers de vijand van het volk, legde op zijn beurt de verantwoordelijkheid bij de media.

De media die de president wel gunstig gezind zijn, wezen donderdag op het verbale en soms fysieke geweld van linkse politici en hun aanhangers. Fox News haalde voorbeelden aan van Republikeinen die door opponenten uit restaurants zijn verjaagd; deze week de Republikeinse leider in de Senaat, Mitch McConnell, en z’n vrouw.

Corrupte leugenaar

Ook een reeks onderschepte bompakketten zal „eenwording” of „harmonie” niet naderbij brengen. De verkiezingen zijn over minder dan twee weken. In debatten, campagnebijeenkomsten, reclamespotjes en op sociale media wordt hard op de man gespeeld. In Florida noemde gouverneurskandidaat Ron DeSantis (Republikein) zijn tegenstander Andrew Gillum „een corrupte leugenaar”. De zwarte Gillum wilde DeSantis geen racist noemen, zei hij. „Maar racisten noemen hem een racist.”

In spotjes wordt de opponent vaak persoonlijk aangevallen. En agressie werkt. Denk aan de furieuze speech waarmee Brett Kavanaugh zijn kandidatuur voor het Supreme Court verzilverde. Denk aan de beledigingen (over „Lying Ted Cruz”) waarmee Trump de nominatie als presidentskandidaat in de wacht sleepte. Hij prees vorige week afgevaardigde Greg Gianforte uit Montana, die vorig jaar een journalist neerbeukte die hem naar zijn zorgplannen vroeg. „Iemand die in staat is tot zo’n body slam is mijn type.”

De vrees dat die hardheid overgaat van verbaal in fysiek geweld is niet denkbeeldig. Voor politieke aanslagen hoeven we niet zo ver terug als de moord op John F. Kennedy in 1963. Vorig jaar schoot een linkse activist de Republikeinse leider in het Huis van Afgevaardigden Stephen Scalise neer terwijl hij aan het oefenen was voor een partijtje honkbal. Zeven jaar geleden werd de democratische afgevaardigde Gabrielle Gifford door het hoofd geschoten op een bijeenkomst voor haar achterban.

Dit artikel is geactualiseerd op 26-10-2018.

    • Bas Blokker