Recensie

‘Mensen hoeven niet per se slecht te zijn, het volstaat dat ze geen ruggengraat hebben’

James Baldwin Voor het eerst in lange tijd zijn twee boeken van de legendarische James Baldwin in het Nederlands vertaald. Nog altijd is zijn werk hyperactueel.

James Baldwin in New York, 1975. Foto: Getty

Het was een foto van 4 september 1957 die James Baldwin deed besluiten terug te keren naar de Verenigde Staten. Negen jaar daarvoor was hij vertrokken naar Parijs, moe van de dagelijkse discriminatie die hem ten deel viel, klaar met de financiële zorgen. Maar wanneer hij langs een kiosk loopt, ziet hij in de krant een foto van Dorothy Counts. De foto werd gemaakt op het moment dat Dorothy, met drie andere zwarte meisjes, naar een op dat moment nog witte school probeert te gaan. Het 15-jarige meisje wordt onderweg naar het schoolgebouw in Charlotte, North Carolina, bespuugd, bedreigd, en er worden – zo zou ze later aan de pers vertellen – stenen op haar voeten gegooid, afval wordt tegen haar gezicht en borst aan geslingerd.

Baldwin (1924-1987) werd woedend toen hij die foto zag, schaamte overviel hem bovendien. In zijn essaybundel No Name in the Street (1972) zou hij zijn herinnering eraan opschrijven: ‘Ik kon niet langer in Parijs blijven en discussies voeren over het Algerijnse en het zwart-Amerikaanse probleem. Veel mensen draaiden er al voor op en het werd tijd dat ook ik mijn steentje zou gaan bijdragen.’

Vier dagen bedreigd

Voor het steunen van Dorothy Counts hoefde hij het niet meer te doen. Zij werd door haar ouders van school gehaald, na vier dagen van bedreigingen en spugen, het leeghalen van haar locker, docenten die deden alsof ze lucht was en uiteindelijk het rammen door een auto. Het gezin zou verhuizen, Dorothy ging ergens anders naar school – de fotograaf Douglas Martin won nog wel in dat jaar de World Press Photo met zijn beeld van Counts.

Dat een foto voor Baldwin aanleiding was om terug te keren naar Amerika en om zo zijn rol van kunstenaar achter zich te laten om een publiek figuur en woordvoerder in de strijd voor gelijke rechten te worden, is niet verwonderlijk. Foto’s spelen een belangrijke rol in zijn werk. Ze tonen enerzijds de werkelijkheid, anderzijds baseren mensen hun visie op foto’s, zonder rekening te houden met wat er niet op is te zien.

Dat komt mooi naar voren in het na lange tijd opnieuw vertaalde Als Beale Street kon praten, een boek dat Baldwin in 1973 schreef (toen hij weer terug was in Frankrijk). Een foto speelt hier een hoofdrol.

Beale Street vertelt het verhaal van het liefdeskoppel Fonny en de zwangere Tish. Eerstgenoemde zit in de gevangenis nadat hij is aangewezen als verkrachter. Als enige zwarte man in een line-up, is de verkrachte vrouw ervan overtuigd dat hij dús de verkrachter is – de dader was zwart, weten zij en justitie. Wat volgt is het verhaal van de (juridische) strijd over de valse verklaring, de tegenwerking van justitie en een roodharige agent die het als zijn morele plicht ziet zwarte inwoners in New York op te pakken. Dit vooral politieke verhaal, wordt afgewisseld met flashbacks over de relatie tussen Fonny en Tish, en hun familiale verhoudingen.

Voor niks geslacht

Wanneer de moeder van Tish de vrouw gaat opzoeken die verkracht zou zijn door Fonny, haalt ze een foto uit haar zak waar Fonny en Tish samen op staan. ‘Zijn overhemd staat tot aan zijn navel toe open en hij heeft zijn arm om [haar] heen geslagen. [Ze] lachen allebei.’ De foto moet niet alleen tonen dat ze door een andere zwarte man is verkracht, maar ook dat een man die zo lacht en zo liefdevol naar zijn vrouw is, onmogelijk een verkrachter kan zijn.

Beeld en werkelijkheid komen bijna nooit overeen, maar bepaalden wel de wereld van Baldwin, zoals hij zelf schrijft in het essay Dark Days. Terwijl mensen honger lijden tijdens de Grote Depressie, krijgt de zevenjarige Baldwin een foto onder ogen uit de Daily News. Boeren gooien geslacht varkensvlees en melk over de vloeren om de prijzen hoog te houden. De kleine Baldwin weet nog niet precies wat de betekenis van de foto is, maar leert al wel: ‘Mensen werden gedwongen om te verhongeren, en naar de dood gedreven om het geld. Je kunt zeggen dat mijn herinnering aan deze foto een belangrijk moment is in mijn ontwikkeling’.

De foto als nieuwsbericht geeft de werkelijkheid perspectief: waar de een omkomt van de honger, hecht de ander slechts waarde aan het verdienmodel. Een ander perspectief bieden: dat is een belangrijke functie van foto’s, of ze nu de vriendelijke Fonny tonen of de boer die met voedsel smijt. Ze bepalen de identiteit, maken iemand mooier of juist lelijker, staan voor een verhaal of voor de dehumanisering van de mens, zoals bij gevangenisfoto’s. Een nummer en een boze boevenblik volstaan in zulke gevallen.

James Baldwin in 1975. Foto: Getty

Dat is wat Baldwin zelf overkomt als hij in 1949 wordt gearresteerd omdat hij beddengoed uit een Parijs’ hotel zou hebben gestolen. Terwijl hij voor de norse fotograaf staat, heeft hij geen idee hoe hij zich moet opstellen, omdat hij niet weet hoe de Franse autoriteiten naar de zwarte man kijken. ‘Ik wist niet wat ze zagen wanneer ze naar me keken. Ik wist precies wat Amerikanen zagen wanneer ze naar me keken, en daarom kon ik eindeloos variëren op de rol die ze voor me bedacht hadden’, schrijft hij in het essay ‘Equal in Paris’ (opgenomen in de bundel Notes of a Native Son, 1955). De foto wordt genomen, terwijl een agent monotoon Baldwins gegevens opsomt: lengte, nationaliteit, leeftijd, haarkleur en huidskleur. Hij weet niet zeker of de kleur van de huid bepalend is voor hoe de Franse gevangenisfotograaf hem ziet. ‘Een lichtflits. De fotograaf en ik keken elkaar aan alsof er moord in onze harten lag, en toen was het alweer voorbij.’

Geinige baby

Vanaf het begin werkt Baldwin het idee van de beperkte visie op de ander al uit. In zijn behoorlijk autobiografische debuut Go Tell It On the Mountain (1953) vertelt hij het verhaal van de domineeszoon Johnny die in Harlem opgroeit. Ook hier geven foto’s – ogenschijnlijk nietszeggende kiekjes op de schoorsteenmantel – aan waar het probleem ligt. John is een intelligente, weinig rebelse jongen die op de ochtend van zijn verjaardag getreiterd wordt door zijn voor galg en rad opgroeiende broer Roy. Het strookt niet met het beeld dat de foto’s op de schouw van de twee tonen, meent John. Van hem staat er namelijk een naakte babyfoto op de schouw, terwijl Roy in zijn wieg ligt en met een tandeloze grijns de fotograaf aankijkt. Het bezoek lacht wanneer ze de foto van baby John zien, op een andere manier dan bij de babyfoto van Roy. Het publiek denkt met een geinige baby van doen te hebben en concludeert dat John zelf dus ook wel geinig zal zijn.

Schrijver James Baldwin, die streed tegen racisme in de VS, mag dan al dertig jaar dood zijn, toch is hij een onontkoombare schrijver voor onze tijd. Dat laat een nieuwe documentaire zien. Lees ook: James Baldwin: man van onze tijd

John schaamt zich echter voor de unverfroren naaktheid: de baby op de foto bepaalt wie hij is, terwijl er niets van klopt. Beeldvorming is bepalend voor het vormen van de ánder.

Het besef anders te zijn was de reden voor zijn vertrek naar Parijs geweest – Baldwin werd vanwege zijn huidskleur niet bediend in een restaurant – en bleef centraal staan in zijn leven. In de jaren zeventig werd hij gereduceerd tot iemand die zich elke keer moest uitspreken over raciale kwesties, merkt Gloria Wekker op in haar mooie inleiding bij Niet door water maar door vuur. Zijn boodschap: jullie hebben me uitgevonden (en een beeld van me gevormd), maar jullie zullen moeten bedenken wáárom jullie me hebben uitgevonden.

Nu er nieuwe aandacht is voor zijn werk, dat voor het eerst in lange tijd in het Nederlands is vertaald, zou je kunnen hopen dat er een begin wordt gemaakt met het beantwoorden van die laatste vraag.

Op 30 oktober organiseert Het Bijlmer Parktheater een avond over James Baldwin, met o.a. Gloria Wekker. Bijlmerparktheater.nl

In een eerdere versie van dit stuk stond dat Als Beale Street kon praten dit najaar voor het eerst vertaald is. Dat is onjuist; er verscheen eerder een vertaling in de jaren zeventig.

    • Toef Jaeger