Alle ballen op China, denken ze in de VS – de Koude Oorlog is voorbij

Vanuit Amerikaans perspectief

China zou technologie en banen stelen en ondertussen een nucleair arsenaal bouwen. Het wantrouwen van de VS is gigantisch.

De Amerikaanse president Donald Trump (L) and China's President Xi Jinping in Beijing, november 2017. Foto Nicolas Asfouri/AFP

De oer-Amerikaanse bedrijven Facebook en Twitter lieten woensdag weten dat zij geen aanwijzingen zien dat China zich bemoeit met de midterm verkiezingen van 6 november. Anonieme woordvoerders van de sociale-mediabedrijven zeiden dit tegen persbureau Bloomberg. Daarmee weerspreken zij president Trump die andermaal beweerde dat China in dit opzicht een „groter probleem dan Rusland” is. In september zei de president nog in de VN-Veiligheidsraad: „China heeft geprobeerd onze komende verkiezingen te beïnvloeden, ten nadele van mijn regering.”

Trumps beschuldigingen aan het adres van de Chinese regering („Misschien is Xi Jinping wel geen vriend meer”) werden meesmuilend ontvangen. De Amerikaanse president, zo was de redenering, voelde zich in het nauw gebracht door het onderzoek naar samenzwering met de Russische regering tijdens de campagne voor de presidentsverkiezingen en hij probeerde nu de aandacht af te leiden door naar andere mogendheden te wijzen. Maar zijn aanvallen op China zijn te consistent en te weids om ze af te doen als een bliksemafleider. Donald Trump, zijn ministers en zijn adviseurs hebben de pijlen op de economische (en daarmee militaire) grootmacht-rivaal gericht.

Trump klaagt al jaren over de oneerlijkheid van China, dat zijn valuta zou manipuleren om een gunstige positie in het internationaal handelsverkeer te krijgen. Hij stelt het handelsoverschot van de VS ten opzichte van China voor als honderden miljarden dollars die de Chinezen van de Amerikanen afpakken. De afgelopen 25 jaar, zei Trump deze zomer, hebben de VS „China wederopgebouwd”.

Lees meer over het Chinese perspectief op de verhoudingen met de VS: China trekt liever niet de aandacht

Zijn besluit om uit het Klimaatverdrag van Parijs te stappen, onderbouwde hij vorig jaar met een verwijzing naar China „Dat kan dertien jaar lang doen wat het wil.”

Trumps belangrijkste adviseur tijdens de verkiezingscampagne, Steve Bannon, zag China ook militair als het grootste gevaar voor de VS. In het boek Fear van Bob Woodward wordt beschreven hoe Bannon in juni 2017 met de top van het ministerie van Defensie overlegt en hun voor de voeten werpt dat ze op het Pentagon nog altijd in de oude stand van de Koude Oorlog staan. „Jullie denken helemaal niet aan China.”

Die houding is snel veranderd. In januari dit jaar presenteerde het ministerie de Nationale Defensiestrategie, waarin Rusland en China – „revisionist powers”, zoals het Pentagon ze betitelde – nadrukkelijk als de belangrijkste uitdagers van de Amerikaanse hegemonie werden genoemd. De rivaliteit tussen de drie grootmachten zou „het belangrijkste aandachtspunt” van de Amerikaanse defensie moeten zijn, meer dan de strijd tegen terrorisme. Zo bezien is het besluit van de regering Trump om uit het INF-verdrag te stappen een manier om de handen vrij te krijgen voor die strategie: China is immers geen verdragspartner en kon ongestoord bouwen aan een nucleair arsenaal.

Het diepe wantrouwen van de Amerikaanse regering ten aanzien van de Chinezen mondde begin deze maand uit in een toespraak van vicepresident Mike Pence, die ongekend hard was van toon en inhoud. Pence beschuldigde China van „diefstal” van Amerikaanse (militaire) technologie en van georganiseerde pogingen de hand te leggen op Amerikaans intellectueel eigendom. „En met die gestolen technologie smeedt de Communistische Partij van China ploegscharen om in zwaarden op een kolossale schaal.”

De cijfers van Pence werden na afloop van zijn toespraak snel gerelativeerd. China spendeert niet evenveel aan zijn defensie als alle andere Aziatische landen samen, zoals hij zei. Maar de boodschap was duidelijk. De VS zijn niet van plan hun wereldhegemonie op te geven.

    • Bas Blokker