In Groningen en Drenthe gaan in 2019 159 batterij-elektrische en 22 waterstof-elektrische bussen rijden.

Foto OV-bureau Groningen-Drenthe/Qbuzz

Noorden omarmt de waterstofbus

Gedeputeerde Fleur Gräper, wethouder Paul de Rook

In Noord-Nederland komen in 2019 elektrische én waterstofbussen. Te duur, vinden andere regio's. Nee, juist slim, zeggen ze hier.

Exit gebrom, welkom gezoem.

Groningen en Drenthe beleven eind 2019 de grootste omschakeling naar elektrisch vervoer in Europa tot nog toe. In beide provincies gaan dan onder de vlag van vervoerbedrijf Qbuzz 159 batterij-elektrische en 22 waterstof-elektrische bussen rijden. Het record stond op honderd ‘traditionele’ batterij-elektrische bussen rondom Schiphol, eerder dit jaar.

De twee provincies samen vormen een van Nederlands grootste ov-concessiegebieden. Voor het eerst worden straks ook langere streeklijnen met elektrisch materieel gereden. 179 bussen blijven op min of meer traditionele brandstof rijden, maar dat wordt wel allemaal biodiesel. In de steden Groningen, Assen en Emmen wordt alleen nog elektrisch gereden.

Op het Drentse provinciehuis in Assen lichten de Groningse gedeputeerde Fleur Gräper (D66) en de Groningse wethouder Paul de Rook (D66) de concessie toe. Volgens hen is de regio deels tot deze plannen gekomen door de speciale relatie die ze, onder meer vanwege de gaswinning, heeft met de energietransitie. Noord-Nederland wil daar al langer een voortrekkersrol in spelen; iets wat ook in het regeerakkoord staat. De Rook: „Daarom is hier draagvlak voor dit soort investeringen.”

Wat het meest opvalt in de verleende concessie is het aantal waterstofbussen dat Qbuzz gaat inzetten. Die kunnen langere afstanden onderhouden dan elektrische bussen. Het lijkt niet veel, 22 stuks, maar het zijn er meer dan waar ook in Nederland rijden. Veel regio’s kozen de afgelopen tijd expliciet níét voor waterstofvervoer, vooral omdat het te duur zou zijn. Groningen en Drenthe denken daar anders over. De provinciebestuurders zouden ook nog graag zien dat tien waterstofbussen waar Breda toch maar van afziet, in het noorden worden ingezet.

Waarom kiezen jullie voor zoveel waterstof, ondanks de meerkosten?

Gräper: „Onze kosten voor die eerste vloot waterstofbussen zijn 9 miljoen euro over tien jaar. Dat is 9 ton per jaar. Ik zeg niet dat het niet veel geld is – ik heb het niet op mijn bankrekening staan – maar je bereikt daar ook een economische spin-off mee.”

De Rook: „Het gaat erom welke economische kansen je erbij ziet. Ik sprak laatst iemand uit de waterstofsector, die zei: ‘Ik wil best waterstof opwekken, maar wie gaat dat distribueren?’ Of: ‘Ik wil best een tankstation bouwen, maar waar zijn mijn klanten?’ Als jij als overheid aan die vraag kan voldoen, komen er ineens tankstations. Dat is wat wij hier proberen te doen. Dan kan de industrie wellicht ook eerder gaan denken aan trucks op waterstof. Als je dat soort dingen niet meeneemt in je overweging, valt je besluit anders uit.”

Volgens De Rook en Gräper is de neiging dit soort afwegingen te maken elders minder groot. In Groningen en Drenthe is de publieke bemoeienis met het openbaar vervoer aanzienlijk, waardoor eerder beslissingen worden genomen waarbij niet alleen winstgevendheid telt.

De Rook: „Als je puur naar de markt kijkt, zijn die waterstofbussen nog niet op het niveau van elektrische bussen. Dat is dus een investering die wij doen.”

Je zou ook kunnen zeggen: we zetten vol in op elektrisch. Uit onderzoeken van andere provincies blijkt dat die kosten waarschijnlijk sneller gaan dalen dan die van waterstof.

Gräper: „Om te beginnen: ik denk dat je elektrisch ook stimuleert door concurrentie in te brengen. Omdat waterstof simpelweg beschikbaar is voor de echt lange afstanden. Elektrisch zit nu weliswaar voor het eerst op streeklijnen, maar nog steeds niet op de lange streeklijnen.

„Ik weet in alle oprechtheid niet welk van deze ontwikkelingen het gaat winnen. En als we de keuze met de bussen geregeld hebben, zit ik nog met het spoor zonder bovenleiding in mijn regio. Voor dat zware vervoer zie ik elektrische batterijen niet zo snel geschikt worden. Daarentegen zie ik de elektrificatie bij particuliere auto’s juist heel snel gaan. Daar zal waterstof denk ik niet op grote schaal worden gebruikt.”

Lees ook: Waterstof wint langzaam terrein

Maar jullie denken ook dat één van de twee vormen komt bovendrijven?

De Rook: „We wedden gewoon niet op één paard. We willen bij beide vormen van elektrisch rijden ijzers in het vuur hebben, zodat we beide kanten kunnen opschalen als de technologie dat toelaat.”

Speelt niet ook mee dat waterstof tegenwoordig een cool ‘energietransitie-buzzword’ is?

Gräper, lachend: „Toen ik begon over waterstof, keek iedereen me vooral heel schaapachtig aan.”

    • Milo van Bokkum