Moeten de schuilkelders weer open?

Kernwapenwedloop

Met het mogelijk opzeggen van het INF-verdrag door de Verenigde Staten keert de angst voor een wapenwedloop terug.

Premier Lubbers krijgt ‘volkspetitionnement’ tegen kruisraketten. Foto Koen Suyk / ANP

Schuilend voor een regen van taarten verliet de staatssecretaris het centrum van Leeuwarden. Hij had zojuist de gepantserde parkeergarage onder het Zaailand geopend, de eerste publieke schuilkelder die bij een atoomaanval bescherming kon bieden tegen radioactieve straling. Aan vijfduizend inwoners.

Maar waar moesten die andere 75.000 inwoners dan heen? Wie het eerst komt, wie het eerst maalt, had de burgemeester vooraf gevonden. Waarna de gemeenteraad steggelde over wie wel en niet in aanmerking kwam en over het nut van zo’n atoombunker in het algeméén - accepteer je hiermee ten onrechte de kernwapenwedloop?

Bij de feestelijke opening, 22 november 1979, had zich een honderdtal demonstranten verzameld. Ze drongen de parkeergarage in en werden verjaagd door boze bouwvakkers en oude dames met paraplu’s, tekende het Historisch Centrum Leeuwarden later op in een terugblikkend artikel. „Twintig agenten waren nodig om de rust te herstellen.”

Koude Oorlogsperikelen waar je nu om moet grinniken – en velen toen ook. Het is de tijd waarin je opgroeit die bepaalt hoe bevreesd je bent voor oorlog. Tot in de jaren tachtig telde Nederland talloze schuilkelders en tienduizenden vrijwilligers en noodwachten van de organisatie Bescherming Bevolking (BB) die waren voorbereid op een kernaanval. „Ik lachte me daarover toen al een kriek”, zegt Duco Hellema, emeritus hoogleraar geschiedenis van de internationale betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en opgegroeid in de jaren zestig. „Maar in de kast bij mijn oma, die de oorlog had meegemaakt, stonden stapels conservenblikken. Die nam zulke waarschuwingen serieus.”

Raketaanval? Te onwaarschijnlijk

De wereld verandert. Veel schuilbunkers zijn nu in gebruik als zendmast van KPN. En sprak Duco Hellema in zíjn tijd vooral over de balans tussen internationale grootmachten, zijn opvolger, Beatrice de Graaf, hoort hij nu in de media vooral over terrorisme. Vraag het Nationaal Crisis Centrum en het scenario-kernaanval bestáát niet eens meer. Nederland heeft ze wel voor overstromingen, cyberaanvallen, stralingsgevaar, stroomuitval, infecties, terrorisme en aardschokken. Maar niet voor een raketaanval. Té onwaarschijnlijk.

Of toch niet? De aankondiging van Amerika om het INF-verdrag met Rusland tegen kruisraketten op te zeggen, bezorgt velen Koude Oorlogsrillingen. De verscherpte verhoudingen in de wereld zijn merkbaar tot in het Friese Grou, waar vorig jaar het bezoekersaantal van Museum Bescherming Bevolking, dat het erfgoed van de BB beheert, méér dan verdubbelde.

Juist de ondertekening van het INF-ontwapeningsverdrag maakte in 1987 een eind aan de Koude Oorlog. Rusland en de VS spraken af om alle duizenden op land gestationeerde raketten tot middellang bereik te vernietigen en voerden sindsdien bij elkaar controles uit.

Maar nu Trump opzegging van dat verdrag heeft aangekondigd, betekent dat niet direct terugkeer naar de Koude Oorlog. Die vergelijking, zegt Hellema, is misleidend. „Alleen al omdat je niet meer kunt spreken over twéé machtsblokken die de wereld beheersen.”

Vliegtuigen brengen een boodschap over van voorstanders van kruisraketten tijdens een vredesdemonstratie in Den Haag in 1983. Foto Herman Pieterse / ANP

Achteraf, zegt hij, was de Koude Oorlog best een stabiele periode, in Europa. Natuurlijk, er waren griezelige momenten, maar de machtsverhoudingen waren tenminste duidelijk. Europa was verdeeld in overzichtelijke invloedssferen met duidelijke grenzen die – op enkele crises na - onderling werden gerespecteerd. En in de schaduw van al die kernkoppen kon West-Europa ontwikkelen tot een eensgezind en economisch welvarend werelddeel dat zich met de spanningen achter het IJzeren Gordijn eigenlijk niet bezighield. „Een grimmig evenwicht”, noemt Hellema het.

Maar wél een evenwicht. Vergelijk dat met de huidige stand van zaken en je verlangt er haast naar terug. Hellema: „Europa is verdeeld op vele terreinen, ook over de relatie met Rusland. De invloedssferen van Rusland en Europa zijn niet duidelijk gescheiden, er zijn conflicten over de exacte status van gebieden zoals Georgië en Oekraïne en de leiders van Rusland en de VS gedragen zich onvoorspelbaarder dan tijdens de Koude Oorlog.”

De schuilkelders alvast weer opengooien? „Je kúnt niet weten waar het naartoe gaat”, zegt Hellema. „Ook in de jaren tachtig werd veel gespeculeerd. Reflecteren op de actualiteit blíjft moeilijk.”

Begin jaren 80 volgde in Nederland grote vredesdemonstraties tegen de plaatsing van kernwapens in West-Europa. Hollanditis, noemde een Amerikaanse historicus het verzet. Dat de betogingen juist hier plaatsvonden kwam vooral omdat de Nederlandse regering uitsluitsel over de kernwapens voor zich uit had geschoven. „In omringde landen was daarover al lang besloten en had demonstreren dus geen zin”, zegt Hellema.

Lees ook: Powerplay grootmachten bij INF-verdrag schaadt Europa

Stralingsvrij parkeren

In 1985 overhandigde de protestbeweging 3,7 miljoen handtekeningen aan toenmalig premier Lubbers en uiteindelijk kwamen de kernwapens er niet.

Of de betogingen van destijds hebben bijgedragen aan de totstandkoming van het INF-verdrag twee jaar later? Hellema: „In ieder geval werd duidelijk dat niet iedereen in Europa op de kernwapens zat te wachten.”

In Leeuwarden was de gepantserde parkeergarage onder het Zaailand inmiddels vol in gebruik voor auto’s – niet als mogelijke atoomschuilkelder. De gemeenteraad was er niet uitgekomen welke meubels het complex moest hebben.

En toen in 1986 ook nog de gehele Bescherming Bevolking werd opgedoekt, bleef het nut van de bepantsering beperkt tot drager van het reuzenrad tijdens de kermis, tekende het Historisch Centrum Leeuwarden op. „Desalniettemin kunnen auto’s in het achterste deel van de parkeergarage tot op de dag van vandaag stralingsvrij parkeren.”

    • Freek Schravesande