Opinie

    • Bert Pol

Een morele smet wegpoetsen is vrijwel onmogelijk #ING #MeToo

Harvey Weinstein (tweede van links) in 2006 op een feestje in Parijs, in de Ritz Club Foto Michel Dufour/WireImage

Als iemand die terecht beschuldigd is van seksueel overschrijdend gedrag, zit er dan ooit nog een succesvolle rentree in het openbare leven in? De Amerikaanse reputatie- en crisisadviseur Davia Temin zegt in een interview in het Laatste Nieuws van afgelopen woensdag van wel. Komt de persoon in kwestie met ‘een authentieke, échte verontschuldiging die van berouw getuigt – wat ze trouwens tot nog toe niemand zag doen - dan is een eervolle weg terug naar een mooie carrière mogelijk.’

Maar het is helemaal niet zo zeker dat na een mea maxima culpa deuren werkelijk weer open gaan. De kans daarop is zelfs klein omdat het om gedrag gaat dat we moreel verwerpelijk vinden. En voor iemand die niet deugt, moeten we oppassen, want diens slechte gedrag is geen incident maar een deel van zijn persoonlijkheid.

Abject

In zo’n context treedt een zogeheten negativiteitseffect op: zelfs één verwerpelijke gedraging zegt meer over iemand dan allerlei goede en aardige dingen – oude dames de straat over helpen, in zijn vrije tijd het buurthuis in een kansarme wijk schilderen – die hij ook doet. Of dat nu terecht is of niet, een abjecte gedraging heeft voor ons dus een grote diagnostische waarde. Iemand die niet deugt kan best ook aardige dingen doen, maar iemand die wel deugt doet nooit iets wat moreel abject is.

Daarom is het ook zo moeilijk om een morele smet weg te poetsen. Zegt iemand na echt verderfelijk gedrag dat hij berouw heeft, dan zien we dat al gauw als ‘strategisch gedrag’. Een vos kan immers wel zijn haren verliezen, maar nooit zijn streken.

Consciëntieus

Een in dat kader interessante vraag is wat de impact zal zijn van het recente optreden in de Tweede Kamer van de hoogste ING Risk Officer.

Hij erkende daar dat de bank fouten heeft gemaakt door niet kritisch genoeg na te gaan of er geen luchtje zit  aan geld dat wordt aangeboden. Is dat beoordeeld puur als een fout in de uitvoering van de taak, dan is er een goede kans dat die vergeven en uiteindelijk ook vergeten wordt. Zeker als die man een uitstekende functionaris is die zich verder prima van zijn taken kwijt. Ten aanzien van prestaties geldt namelijk een positiviteitseffect. Prima functioneren vinden we veelzeggender dan een incidentele fout. Iedereen maakt immers fouten, ook zeer capabele mensen die zich consciëntieus van hun taken kwijten.

Cruciaal voor de impact van de handelswijze van de bank is of de Kamerleden het accepteren van besmet geld evalueren als een blinde vlek van het riskmanagement. Of dat men twijfels heeft en houdt, en of men  vermoedt dat de top van de bank wel degelijk in de gaten had dat er iets niet deugde, maar besloot om even de andere kant op te kijken. Vanuit overwegingen als: geld is geld en binnen is tenslotte maar binnen. En als wij het niet doen, doet een ander het wel.

Gure wind

The million dollar question is: slaat die Risk Manager zich achteraf echt voor zijn hoofd door zijn blinde vlek? Of zou de bank een slimme adviseur hebben ingevlogen die dringend heeft aangeraden er alles aan te doen om de kwestie weg te trekken uit de ethische sfeer en het op een ongelukkige menselijke prestatie te gooien? Waarbij de Chief Risk Officer naar voren is geschoven om zich te verstaan met de Kamerleden zodat bestuur en commissarissen kunnen schuilen voor de gure maatschappelijke wind.

We zullen nooit weten hoe het werkelijk zit. Wel hoe het verder gaat.

De Gedragscolumn wordt geschreven door deskundigen in de sociale wetenschappen naar aanleiding van de actualiteit. Bert Pol is verbonden aan de afdeling Communicatiewetenschap van de Universiteit Twente en vennoot van Tabula Rasa Den Haag.

 

 

    • Bert Pol