Bruno Claessens met een neksteun van de Luba, een volk uit Centraal Afrika.

Foto Christie’s

‘Afrika wil eerst fatsoenlijke musea bouwen’

Bruno Claessens

De belofte van president Macron dat hij Afrikaans erfgoed wil teruggeven, heeft tot onrust geleid bij verzamelaars, zegt Christie’s-medewerker Bruno Claessens. „Op de komst van honderdduizenden objecten zitten ze in Afrika echt niet te wachten.”

Emmanuel Macron heeft veel verzamelaars van spijkerfetisjen, dansmaskers en ander cultureel erfgoed uit Afrika de stuipen op het lijf gejaagd. Dat zegt Bruno Claessens (35), bij Christie’s verantwoordelijk voor de Europese veilingen met traditionele kunst uit Afrika en Oceanië.

De Franse president hield een jaar geleden een geruchtmakend toespraakje in Ouagadougou, Burkina Faso. Tijdens een bijeenkomst met studenten en journalisten zei Macron dat het toch niet zo kan zijn dat het Afrikaanse culturele erfgoed slechts in handen is van musea en verzamelaars in Europa. Zijn belofte dat Franse musea binnen vijf jaar erfgoed gaan teruggeven aan Afrika deed veel stof opwaaien.

De talloze publicaties en opiniestukken zorgden voor onrust onder collectioneurs, zegt Claessens. „Ik heb diverse verzamelaars gesproken die zeer verontrust zijn door de ondoordachte uitspraken van Macron.” Sommigen vrezen zelfs dat hun verzameling op enig moment in beslag wordt genomen, zegt hij.

Een onterechte angst, zegt de Vlaamse veilinghuismedewerker. Overheden en etnografische musea kunnen wel worstelen met hun voorgeschiedenis en hun morele kompas, maar verzamelaars en kunsthandelaren hoeven zich volgens hem voorlopig geen zorgen te maken.

Hoe beoordeelt u de door Macron aangezwengelde discussie?

Bruno Claessens: „Macron maakte zijn statement niet op een conferentie over restitutie maar op een universiteit in Burkina Faso. Fascinerend. Hij zal wel een beetje zijn geschrokken van de impact van zijn uitspraken. Cui bono, wie heeft erbij te winnen, dacht ik meteen. En waarom deed hij die belofte juist daar? Je moet het in een groter geopolitiek kader bekijken, vermoed ik. Frankrijk is zijn machtspositie op het Afrikaanse continent langzaamaan aan het verliezen. De Chinezen zijn heel actief met het delven van de Afrikaanse grondstoffen. Wat kunnen de Fransen nog doen om bij de Afrikanen in een goed blaadje te komen? Met een belofte over teruggave van hun erfgoed probeert Macron weer meer kans te maken op economische contracten voor zijn land.”

Heeft hij de culturele sector niet eerst geconsulteerd?

„Nee. De discussie is heel paternalistisch van opzet en woedt vooral in de media, met lobbyisten in de hoofdrol. Naar de behoeften op het Afrikaanse continent is niet geïnformeerd en ook andere belanghebbenden zijn nooit geconsulteerd.

„Als je met Afrikaanse curatoren spreekt, blijkt dat ze in de eerste plaats graag financiële middelen willen om een stevig museumbeleid op te zetten of verder uit te bouwen. Eerst maar eens fatsoenlijke musea bouwen, en dan lacunes in de collecties dichten, dat volstaat. Op de komst van honderdduizenden objecten zitten ze in Afrika echt niet te wachten. Daar is helemaal geen plek voor. Laat staan dat ze de middelen hebben ze op een geschikte manier te conserveren.”

De meeste Afrikanen willen niks te maken hebben met de traditionele culturen van hun ouders en overgrootouders

Macron zei in Ouagadougou ook dat het toch niet zo kan zijn dat Afrikanen voor hun erfgoed naar Europa moeten reizen.

„Nog zo’n uitspraak zonder realiteitsbesef. Genoeg Afrikanen hebben de middelen om traditionele Afrikaanse kunst te verzamelen. Maar de meeste Afrikanen willen niks te maken hebben met de traditionele culturen van hun ouders en overgrootouders. Ze zijn, om het in onze woorden te zeggen, een beetje ontkerkelijkt. Aan die wilde, angstaanjagende objecten zijn ze net ontsnapt. Sterker nog, ze zijn er soms zelfs een beetje bang van. De Afrikanen die al verzamelen richten zich op hedendaagse Afrikaanse kunst of moderne westerse kunst.

„Musea in Afrika hebben uiteraard wel een rol te spelen in de appreciatie van het traditionele erfgoed. Maar dat is echt iets van de lange termijn. Dat de echte stakeholders van het restitutiedebat, de Afrikanen, voorlopig worden uitgesloten van de discussie, doet toch weer een beetje koloniaal aan.”

Wat ergert u in het restitutiedebat?

„Het ontbreken van nuance. Steeds wordt over de Europese collecties gezegd dat alles is geplunderd, afgepakt, gestolen. Daar is zeker sprake van geweest, maar veel beperkter dan je zou denken. Na de islamisering of het kerstenen gooide de bevolking in veel landen in Afrika en Oceanië traditionele objecten weg. Missionarissen stuurden deze voorwerpen soms naar Europa, om de missie te helpen bekostigen. Zonder hun inspanning zouden deze objecten gewoonweg niet meer bestaan.

„Ook zijn er inkoopexpedities van musea geweest en deden chefs vaak objecten aan westerlingen cadeau. Vergeet niet dat wat wij als kunstvoorwerpen zijn gaan beschouwen, in hun originele context heel anders werd geapprecieerd.

„En aan wie restitueren we gestolen objecten? Ook zo’n complex onderwerp dat meer nuance verdient. Geven we bijvoorbeeld de befaamde Benin-bronzen terug aan de regering van Nigeria, die ze claimt, of aan de koning van Benin? Vaak is het legaal-technisch onmogelijk de oorspronkelijke eigenaren te traceren.”

Het belangrijkste is toch dat Afrikanen hun erfgoed weer kunnen zien?

„Het Tervuren Museum heeft ooit een groep objecten teruggeven aan het museum in Kinshasa. Drie weken later werden die objecten hier bij kunsthandelaren op de Zavel in Brussel te koop aangeboden. Het is net als met gerestitueerde roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog. Die wordt in negen van de tien gevallen door erfgenamen te gelde gemaakt. Het is veel belangrijker dat in Afrika eerst een netwerk van musea wordt opgezet waar deze objecten correct worden gepresenteerd.

„Het schuldgevoel over de koloniale periode is natuurlijk groot. Maar dat gevoel afkopen door ondoordacht stukken terug te zenden, dat is niet de oplossing.”

Waarom heeft de kunsthandel zich het afgelopen niet gemengd in de discussie?

„Achter de schermen wordt wel degelijk druk gediscussieerd. Maar we constateren dat de discussie boven onze hoofden gevoerd wordt door mensen die weinig verstand van zaken hebben. De meeste handelaren maken zich daar weinig zorgen om. Het gaat om een debat tussen naties, over publieke collecties.”

Dus?

„Het is positief dat de discussie wordt gevoerd. Ook is het goed dat op het Afrikaans continent wordt beseft dat hun erfgoed hier goed wordt bewaard en naar waarde wordt geschat. En laten we hopen dat daar in Afrika op termijn ook iets mee gaat gebeuren. De bereidheid in Europa om op die manier het Afrikaanse zelfbewustzijn te stimuleren, is groot. En we hebben hier genoeg expertise om de Afrikaanse wensen te helpen realiseren. Maar betrek alsjeblieft alle betrokken partijen in de discussie en voer het debat niet over de hoofden van de Afrikanen.”

    • Arjen Ribbens