Luxeprobleem Kasper Dolberg is terug en Ajax gaat door met winnen

Champions League Ajax won in blessuretijd van Benfica: 1-0. De Deense spits Kasper Dolberg stond voor het eerst in de Champions League in de basis.

Kasper Dolberg (rechts) begon dinsdagavond tegen Benfica in de spits, een dag nadat hij zich nog een jaar langer aan Ajax bond. Foto ANP PRO SHOTS

Hij is terug. De witte raaf van Ajax, die er opeens was, en ook weer verdween. Kasper Dolberg, 21 is hij net geworden. Je zou hem – het talent Dolberg – bijna zijn vergeten, in een periode dat andere jongelingen als Matthijs de Ligt en Frenkie de Jong de schijnwerpers op zich gericht kregen.

Het is goed hem weer te zien voetballen, dinsdagavond in de Johan Cruijff Arena tegen Benfica (1-0). Zijn debuut als basisspeler in de Champions League. Fases onzichtbaar – zoals hij dat kan zijn, tot hij er opeens is. Altijd óp of net tegen de grens van de laatste verdedigingslinie aan, de diepte zoekend.

Ajax-Benfica – het is een heerlijke, fysieke, intense pot, in hoog tempo met veel kansen, de meeste voor Ajax. In blessuretijd, opeens, eigenlijk uit het niets: een getoucheerd afstandsschot van Noussair Mazraoui. Boem, raak. De Arena danst. Weer Mazraoui, net als tegen Bayern München. Door de zege blijft Ajax gedeeld eerste met Bayern en is het vier punten los van Benfica. Als Ajax over twee weken in Lissabon wint, is de ploeg zeker van de volgende ronde.

Het is een luxekeuze, de spitspositie bij dit Ajax. In het eerste groepsduel tegen AEK begon de oude vos Klaas-Jan Huntelaar, tegen Bayern alleskunner Dusan Tadic en dinsdag dus Dolberg. Hij heeft zijn plek heroverd, scoorde drie keer in de eredivisie. Maar is zichtbaar nog niet de Dolberg van voorjaar 2017. De aannames, het wegdraaien, de handigheidjes – de automatismen ontbreken nog.

Het is een aantrekkelijke positie, bij dit Ajax, met deze aanvalslinie vol rasvoetballers. Twintigste minuut: passje Hakim Ziyech, Dolberg eindelijk even los, één op één met de Benfica-doelman Odisseas Vlachodimos, aanname net niet perfect, afronding niet precies genoeg, eindigend op de linkervoet van de keeper. Zijn moment, niet verzilverd.

Kwikzilverachtige loopacties

Hij is moeilijk te peilen. Jongen van het platteland, opgegroeid in het Deense dorp Voel. Koelbloedig, emotieloos en mysterieus, wordt hij genoemd. Geen prater, strakke blik, zelden een lach. „Er gebeurt best veel in mijn hoofd, hoor”, zei hij eind 2016 in een interview met NRC. Hij beleefde zijn doorbraak, dat seizoen. Kwikzilverachtige loopacties, elastische voeten, schitterende goals. Ajax had zijn spits. Een godenzoon leek geboren.

Lees ook het interview met Dolberg uit 2016: “Er gaat best veel in mijn hoofd om, hoor.”

Veel herinneringen aan hem gaan terug naar die tijd. De krachttoer die leidde tot de Europa League-finale dat seizoen, was ook zijn pièce de résistance. Velen dachten dat hij zou vertrekken – zo jong, zo goed. Ajax zou, die zomer van 2017, een bod van 50 miljoen euro van AS Monaco hebben afgewezen. „Ik wilde sowieso hier blijven”, zei Dolberg deze week tegen Ajax TV.

Huntelaar kwam die zomer. Als back-upspits, zo was het idee. Dolberg zou eerste spits blijven, werd vanuit de clubleiding benadrukt. Het liep anders. Vormcrisis bij Dolberg, weinig goals, een maandenlange voetblessure. Een verloren seizoen. Huntelaar nam zijn plek in. Af en toe was er op tv een flard Dolberg te zien, als hij op de tribune in de Arena zat.

Hij was op het WK met Denemarken, speelde een kwartier tegen de latere wereldkampioen Frankrijk. Terug bij Ajax raakte hij opnieuw geblesseerd, een buikspierkwetsuur.

Wie dacht nog aan Dolberg, begin dit seizoen? Zie Huntelaar vuile meters maken, meeverdedigen, excelleren, scoren – en regelmatig missen. Dolberg mist de voorbereiding, is er de volledige kwalificatiereeks voor de Champions League niet bij. Een maand terug maakt hij voor het eerst weer speelminuten, tegen PSV. En vecht zich terug in de basis, verwijst Huntelaar naar de reservebank.

Deze week tekende hij bij tot medio 2022. „Ik voel me sterk en goed en fit, ik ben zeker sterker dan voor de blessures”, zei hij. „Ik ben hongerig. Hongerig om te spelen en hongerig om te scoren.” Dinsdag lukt het hem niet. Noussair Mazraoui was nu de man.

    • Steven Verseput