Voor het eerst meer dan helft Nederlanders niet religieus

Het aantal katholieken en hervormden daalt de laatste jaren het sterkst. Bij de katholieken neemt ook het kerkbezoek het meeste af.

In 2017 zei 49 procent van de bevolking ouder dan vijftien jaar tot een religieuze groep te behoren. Een jaar eerder gold dat nog voor de helft en in 2012 voor 54 procent. Foto Sake Elzinga

Voor het eerst is meer dan de helft van de Nederlandse bevolking niet religieus. In 2017 zei 49 procent van de personen ouder dan vijftien jaar tot een religieuze groep te behoren. Een jaar eerder gold dat nog voor de helft en in 2012 voor 54 procent. Dat blijkt uit een onderzoek van het CBS.

De lichte daling sinds 2012 komt geheel voor rekening van de katholieken, daar is het kerkbezoek met 1,7 procentpunt teruggelopen tot 14 procent in 2017. Onder protestanten en moslims is het bezoek aan kerk of moskee niet afgenomen.

Het aantal godsdienstige mensen daalt in Nederland al jaren. Eind jaren negentig rekende 60 procent van de personen van vijftien jaar en ouder zichzelf nog tot een religieuze groepering. In 2010 was dat bijna 55 procent en sindsdien neemt dat percentage volgens het CBS elk jaar iets af.

Lees ook: Twintigers ontdekken de hippe kerk

De grootste afname in de laatste vijf jaar vond plaats onder de rooms-katholieken en Nederlands hervormden (beiden met 2 procentpunt), al vormen katholieken wel de grootste religieuze groepering in Nederland (23,6 procent van de Nederlanders). Verder rekende 6 procent van de bevolking zich tot de Protestantse Kerk in Nederland, 6 procent noemde zich hervormd en 3 procent gereformeerd. Daarnaast was 5 procent moslim en 6 procent zei tot een ‘andere’ religieuze groep te behoren, zoals de joodse of boeddhistische.

Kerkbezoek daalt minder snel

Ook het kerkbezoek daalt nog altijd, maar de daling gaat volgens het CBS de laatste jaren “niet meer zo snel”. Vorig jaar ging 15,5 procent van de bevolking zeker één keer per maand naar een religieuze dienst, dat was ruim 17 procent in 2012. In 1971 gold dat nog voor 37 procent van de bevolking, eind jaren negentig was het al teruggelopen tot 23 procent. Ruim drie kwart van de Nederlanders gaat zelden of nooit naar een religieuze dienst, één op de tien gaat wekelijks.

    • Jisca Cohen