Brieven

Brieven 22/10/2018

Namenmonument

Er is al namenwand

Je bent al gauw een antisemiet als je geen namenmonument voor de slachtoffers van de Shoah op de aangewezen plaats wilt. Ook nu (Heel Nederland wil dit monument, 18/10) slaat Jacques Grishaver weer wild om zich heen als er maar één woord van kritiek wordt geuit. Hij gebruikt ook chantage: bij protest ben je jaren verder en is 80 procent van de betrokkenen dood. Ik hoop als lid van de naoorlogse generatie nog wel even te leven, en dan nog. Het namenmonument is er nu juist voor de komende generaties ter herinnering en ter waarschuwing. De overlevenden en hun nakomelingen hoeven echt geen naam op een enorme muur om het verlies van hun familie te herdenken. En er zelf voor te moeten betalen is al helemaal een gotspe.

Ook heb ik geen behoefte aan dit gigantische project, omdat ik de kleine namenwand met alleen de achternamen van de slachtoffers in de Hollandsche Schouwburg al een prachtig monument vind, waar ik elke keer ontroerd raak als ik er de namen van mijn familie en vrienden lees. Als aanvulling is het plan voor een monument op en onder het Mr. Visserplein wel een integer en goedkoper alternatief, op een betere locatie.

Club van Rome

Het gaat om de visie

Vijftig jaar geleden kwam de Club van Rome met de voorspelling dat de grondstoffen zouden opraken (Het gelijk van de Club van Rome, 18/10). En dat de aarde uitgeput zal raken, doordat de bevolking blijft groeien, en de mensen steeds meer welvaart krijgen, wat weer leidt tot uitputting van de aarde, en steeds grotere milieuproblemen.

Omdat de bijbehorende cijfers in het rapport van de Club van Rome niet bleken te kloppen – er werden steeds meer plekken gevonden waar grondstoffen gedolven konden worden, waarbij de technische middelen om te delven sterk verbeterden – werden de uitspraken van de Club gebagatelliseerd.

Als oud-docent geschiedenis heb ik mijn leerlingen voorgehouden dat die cijfers niet belangrijk waren, maar dat het om de visie op langere termijn ging en gaat.

Internationaal is er weinig gedaan met de uitspraken van de Club. En dat is mede oorzaak voor het feit dat we nu in een situatie terecht zijn gekomen dat het water ons (ook letterlijk!) tot de lippen gestegen is. En ook nu wordt er nog schouderophalend gereageerd (zie Trump). In Nederland is er wel een klimaatakkoord, maar het ‘wie zal dat betalen?’ lijkt de boventoon in de discussie te voeren. Die zou moeten zijn dat, als we nu niet doorzetten, onze kinderen en kleinkinderen heel wat meer te betalen krijgen dan wij nu zouden moeten doen.

Klagende patiënten

Het is niet persoonlijk

Patiënten, klaag alsjeblieft niet te snel, schreef huisarts Michelle van Tongerloo (18/10) en daar wil ik graag op reageren.

Woede is geen uiting van macht, maar van onmacht. De dokter bezoek je omdat je pijn hebt of ziek bent. Ziekte is geen carrièrekeuze, maar brengt ongewenst een disbalans in je leven. Daardoor maakt het vaak emoties los. Soms gelatenheid, soms verdriet of bezorgdheid, en soms ook woede.

Je gaat niet naar de dokter voor de gezelligheid, om te bespreken hoe leuk je laatste borduurwerk kleurt bij je bank. Je gaat met een hulpvraag. Artsen moeten de emoties die hierbij loskomen niet persoonlijk nemen, maar professioneel gebruiken, teneinde de juiste vragen te kunnen stellen en tot een goede diagnose en behandeling te komen.

Neem het beschreven voorbeeld van de mevrouw met rugklachten die geen stoel kreeg. Wat doet het voor haar dat ze altijd alleen maar kan staan? Zit daar niet een andere hulpvraag achter? Beste dokter Van Tongerloo, het gaat in de spreekkamer niet om u, maar om uw hulpvragers. Patiënten zijn egocentrisch, dat is zelfbehoud.

    • P.J. Berends
    • Renée Citroen