Recensie

Bombino’s experiment ‘Touareggae’ klinkt nog schuchter, maar spannend

Recensie

De Touaregrock van Bombino wordt pas echt interessant als hij het mengt met reggae. Hier is een nieuw, spannend genre in de maak.

Bombino Foto Richard Dumas

Hij zegt nog altijd weinig, maar Bombino is minder verlegen dan zes jaar geleden toen hij begon aan de immer durende tocht langs internationale podia. De gitarist en zanger uit Niger veroorlooft zich soms een grapje, maar laat vooral zijn gitaar spreken. Daaruit rollen geluiden die doen denken aan Dire Straits en Jimi Hendrix en op de beste momenten aan Bob Marley.

Elke snaarslag heeft het accent dat direct verraadt waar hij vandaan komt: de hypnotiserende gitaarrock uit de grote Sahara. Bombino is een van de vaandeldragers van de Touaregrock, maar hij noemt het zelf steeds vaker Touareggae.

De bandleden zijn gehuld in glimmende gewaden, om hun nek de witte doeken die beschermen tegen het zand. Toch lijkt de woestijn aanvankelijk ver weg in Deventer, er staat een klassieke rockopstelling met slaggitarist, bassist en drummer, de karakteristieke kalebas en de handklapjes in de beat zijn afwezig. In de eerste nummers speelt de drummer het hobbelende Touareg-ritme bovendien zo hard dat het meer wegheeft van een race-auto uit Parijs-Dakar dan de stille, eenzame woestijn waar Bombino graag over zingt. Maar wanneer er wat rust komt en Bombino aan zijn gitaar plukt, waait het Saharazand uit de speakers.

Interessant wordt het pas echt als hij experimenteert met zijn ‘Touareggae’. Dat leek aanvankelijk vooral een grappige term om platen te verkopen, maar live klinkt het zowaar als iets nieuws en spannends in de maak. In de vluchtelingenkampen van Algerije luisterde Bombino vroeger naar Bob Marley, hij kent de muziek goed, maar het is een lastige zoektocht om het met de woestijnbeat te laten fuseren. Zowel Touaregrock als reggae kunnen wel wat innovatie gebruiken. In Deventer lukt het Bombino regelmatig om de twee te laten samensmelten. Wat er dan ontstaat", klinkt nog schuchter, hij zou het veel verder kunnen uitbouwen, maar Bombino is niet van de grote gebaren, hij laat het langzaam groeien.

    • Leendert van der Valk