Akkoord loonsverhoging bij Air France

Luchtvaart

Het eerste succes voor topman Ben Smith van Air France-KLM: hij bereikte een akkoord over salarisverhoging van zijn personeel.

Het personeel van Air France krijgt er in 2018 met terugwerkende kracht 2 procent bij. En in 2019 nog eens 2 procent. Foto Bloomberg

Nauwelijks een maand is hij in functie. Maar vrijdag al bereikte topman Ben Smith van Air France-KLM een salarisakkoord met de Franse vakbonden dat tot zeer recent nog ver buiten bereik leek.

Het voltallige personeel van Air France gaat er met terugwerkende kracht in 2018 2 procent op vooruit. In 2019 krijgen de medewerkers er opnieuw 2 procent bij. Deze verhoging van totaal 4 procent is in grote lijnen vergelijkbaar met die van het personeel van zustermaatschappij KLM.

Het is voor de Canadees Smith, zelf nauw betrokken bij de onderhandelingen, een belangrijk eerste succes. Zijn voorganger Jean-Marc Janaillac trad af nadat het personeel in mei in een referendum een nauwelijks minder aantrekkelijk laatste bod (3,65 procent over dezelfde periode) verworpen had. Ook algemeen directeur Franck Terner van Air France en de weinig geliefde personeelsdirecteur Gilles Gateau moesten tussentijds het veld ruimen.

Maar de vakbonden hebben het Smith in zijn wittebroodsweken niet al te moeilijk willen maken. Met het akkoord, na slechts twee dagen onderhandelen, spreken zij hun vertrouwen in hem uit. Zij lieten hun aanvankelijke eis van 5,1 procent meer loon varen. Dit voorjaar nog legde een groot deel van het personeel vijftien dagen het werk neer om die eis kracht bij te zetten. Die staking kostte Air France zo’n 335 miljoen euro, bleek in augustus uit de halfjaarcijfers.

De staking, zeiden de vakbonden destijds al, was in de eerste plaats een reflectie van de slechte verhoudingen tussen personeel en bedrijfsleiding. „Met 4 procent verhoging, zoals de KLM-piloten krijgen, had iedereen ingestemd”, zei vicevoorzitter Yannick Floc’h van pilotenbond SNPL-AF in mei al tegen NRC. Hij hekelde het kennelijke gebrek aan een sociale dialoog.

Ex-topman Janaillac wilde echter verder vooruitkijken. Hij hoopte de Franse bonden vast te leggen op een meerjarenakkoord. Dat is de zwakte van de nu door Smith bereikte overeenkomst: in oktober 2019 moet het bedrijf opnieuw met de bonden rond de tafel. Daarbij zal nauwgezet gekeken worden naar de CAO-onderhandelingen bij KLM. Die hebben enkele maanden eerder, in juni, plaats.

Een ander probleem is het ontbreken van een handtekening van de belangrijkste pilotenbond, de SNPL van Floc’h en zijn onbehouwen voorman Philippe Evain. De piloten hebben aanvullende eisen en willen daarover in onderhandeling blijven met het bedrijf. Als Smith werk wil maken van de groei van prijsvechter Transavia en een goedkopere maatschappij wil opzetten voor de lange afstand, dan zal hij sowieso weer met de piloten rond de tafel moeten: hun instemming is bij iedere ingrijpende uitbreiding of koerswijziging noodzakelijk.

Sommige bonden lijken, volgens zakenkrant La Tribune, er bovendien van overtuigd dat in oktober 2019 ook alsnog over dat lopende jaar gediscussieerd kan worden. Maar de vakbonden die vrijdag wél tekenden, vertegenwoordigen ruim 76 procent van het totale personeel bij Air France. Dat is genoeg om het akkoord geldig te verklaren.

Smith prees in een persverklaring de „kwaliteit van de discussie” met de bonden. Het aandeel Air France-KLM sloot vrijdag in Parijs met 3 procent verlies.

    • Peter Vermaas