Pas op dat je niet met lege handen achterblijft

Geldzaken Als een werknemer overlijdt, krijgt de partner dan automatisch een nabestaandenpensioen?

Illustratie Viola Lindner

Nee, om in aanmerking te komen voor een nabestaandenpensioen (ook partnerpensioen genaamd) moet je getrouwd zijn of geregistreerd partner zijn. Een aantal pensioenfondsen accepteert ook een samenlevingscontract. Dan moet je je partner wel zelf aanmelden bij het fonds. Het partnerpensioen bij overlijden vóór de pensioendatum hangt af van het inkomen, daarna is het meestal 70 procent van het ouderdomspensioen.

Er bestaan twee soorten nabestaandenpensioen: een dat de nabestaande krijgt als de werknemer nog werkte bij overlijden, en een voor als de werknemer al met pensioen was. „Steeds meer pensioenfondsen hanteren voor de eerste soort het zogeheten risicomodel” , waarschuwt Karin Radstaak van het Nibud. „Dat wil zeggen dat iemand alleen verzekerd is zolang hij werkt. Gaat hij naar een andere baan of wordt hij werkloos, dan is er vanuit de oude werkgever geen recht meer op nabestaandenpensioen. Was je verplicht aangesloten bij een pensioenfonds dat het risicomodel hanteert en ben je uit dienst, dan kun je je aanvullend verzekeren.” Naast het risicomodel bestaat het opbouwmodel. Dat is een soort spaarpot, die ook blijft staan als je uit dienst gaat.

Twee (ex-)partners

Ook bij scheiding kan het nabestaandenpensioen een rol spelen. Radstaak: „Heb je een opbouwpensioen, maak daar dan afspraken over. Je kunt het ook afkopen. Laat het niet sudderen; als je hertrouwt en overlijdt, moet het nabestaandenpensioen worden verdeeld tussen twee (ex-)partners.”

Ook bij pensionering moet je nadenken over het nabestaandenpensioen: laat je het staan of ruil je het in tegen een hoger ouderdomspensioen, bijvoorbeeld omdat een nabestaande zich wel kan redden met het eigen pensioen? Andersom kan ook: het ouderdomspensioen (deels) omzetten in een nabestaandenpensioen.

Ook bij verandering van baan moet je goed opletten, aldus Jan Zwiers, directeur van pensioenadviesbureau VMD Koster. „Het nabestaandenpensioen bij overlijden vóór pensionering kan dan veel lager uitvallen. Stel, iemand is dertig jaar in dienst, vertrekt en gaat nog tien jaar elders werken. In het risicomodel vervallen dan zomaar dertig jaar. Dat kun je soms deels ondervangen door waardeoverdracht naar het pensioenfonds van je nieuwe werkgever.”

Rekentools

De hoogte van het nabestaandenpensioen wordt massaal overschat, aldus Zwiers, omdat Nederlanders vaak denken dat alles rond het pensioen goed is geregeld. Maar de nabestaandenpensioenen zijn de afgelopen jaren mét de pensioenen gedaald. Zwiers rekent voor: een man overlijdt, partner blijft achter met kleine kinderen. Beiden hadden een modaal inkomen. Het nabestaandenpensioen is slechts 10.000 euro per jaar. Dat komt in plaats van 35.000 euro loon.

Denk goed na of je wel een nabestaandenpensioen nodig hebt na de pensioendatum, adviseert Zwiers. Als beide partners pensioen en AOW hebben en de achterblijvende partner verkoopt het huis na overlijden van de ander, dan is een nabestaandenpensioen misschien niet nodig. Dat kun je dan beter omzetten in extra ouderdomspensioen, bij je pensionering.

Moraal: lees je pensioenpapieren goed door, bekijk wat je krijgt als je partner overlijdt en of je maatregelen moet nemen. Rekentools zijn te vinden op berekenhet.nl en mijnpensioenoverzicht.nl.

    • Friederike de Raat