NRC checkt: ‘Bakker profiteert van lagere vennootschapsbelasting’

Dat zei D66-fractievoorzitter Rob Jetten dinsdag bij het debat over het niet afschaffen van de dividendbelasting.

Rob Jetten Foto David van Dam

De aanleiding

Politici halen graag de gewone man of vrouw aan om hun punt te maken. Zo ook de nieuwe D66-fractievoorzitter Rob Jetten dinsdagavond in het debat over het kabinetsbesluit de afschaffing van de dividendbelasting terug te draaien. De 1,9 miljard euro die nu anders wordt besteed door het kabinet gaat volgens Jetten niet meer puur naar de multinationals, maar ook naar gewone mensen, zoals „de bakker om de hoek”. Toen PVV-leider Geert Wilders vroeg hóe die bakker dan profiteert van de alternatieve besteding van de dividendmiljarden noemde Rob Jetten „de (verdere - red.) verlaging van de vennootschapsbelasting in het lage tarief en de verlaging van werkgeverslasten op arbeid”. Wilders erkende dat laatste, maar zei dat bakkers helemaal niet profiteren van het verder verlagen van de vennootschapsbelasting. We gaan daarom na of het eerste deel van de uitspraak van Jetten klopt.

Waar is het op gebaseerd?

Een voorlichter van de D66-fractie zegt dat Jetten doelde op de bakkers die een bv hebben en dus vennootschapsbelasting moeten betalen. Daar zijn er volgens de voorlichter „veel” van, hij stuurt een lijstje met alleen al twaalf bakkers in Den Haag met ‘bv’ in hun naam.

En, klopt het?

Wilders haalde in het debat met Jetten cijfers van het CBS aan. Hij stelde dat er in Nederland ongeveer 3.000 bakkers zijn en dat circa 2.500 van die bakkers geen zogeheten ‘rechtspersonen’ zijn die vennootschapsbelasting moeten betalen. Deze 2.500 bakkers zouden qua rechtsvorm ‘natuurlijke personen’ zijn en dus helemaal geen vennootschapsbelasting hoeven afdragen, zo stelde Wilders.

We checken eerst deze cijfers. In Statline, het online portaal met gegevens van het CBS, is te vinden dat er in Nederland 3.160 bedrijven staan geregistreerd in de categorie ‘Brood- en deegwarenindustrie’. Dat zijn vooral producenten van brood en gebak, maar die kunnen we wel zien als bakkersbedrijven. Wilders vergat, zegt het CBS na bestudering van de eigen cijfers, nog de winkels uit de detailhandel mee te nemen die brood verkopen. Dat brengt het aantal bakkersbedrijven op 5.500.

Dan naar de vraag of deze bakkers profiteren van de lagere vennootschapsbelasting. Van de 5.500 bedrijven staan er 4.670 geregistreerd als natuurlijke personen. Dit zijn vrijwel allemaal eenmanszaken of zogeheten vennootschappen onder firma. Als je zo’n type bedrijf hebt, betaal je inderdaad geen vennootschapsbelasting, maar belasting over je winst, via de inkomstenbelasting. Voor de 825 bakkersbedrijven die rechtspersoon zijn (bijna uitsluitend bv’s), geldt dat zij wel vennootschapsbelasting betalen, meestal in het lage tarief. Zij profiteren dus wel van de verlaging die het kabinet doorvoert, maar vormen maar zo’n 15 procent van de bakkers.

Slechts 15 procent van de bakkersbedrijven profiteert dus van een lagere vennootschapsbelasting. Betekent dit nu dat de meeste ‘bakkers op de hoek’ niet profiteren, zoals Wilders beweert? Een aantal grote bakkersbedrijven, zoals Bakker Bart, heeft veel meer winkels (ongeveer 170) dan kleine bakkerijen. Toch zijn er maar een paar van dit soort grote bakkersketens in Nederland, weet een woordvoerder van de Kamer van Koophandel. „Het overgrote deel van de bakkers zijn kleine (eenmans)zaken.” Van die Bakker Bart-winkels zijn ook nog bijna alle winkels franchisers. Zij zijn in bijna alle gevallen een vennootschap onder firma en betalen geen vennootschapsbelasting.

Conclusie

Rob Jetten zei dat ‘de bakker om de hoek’ profiteert van het verlagen van de venootschapsbelasting. Maar uit de beschikbare cijfers en interpretatie daarvan blijkt dat dit voor het overgrote deel van de bakkers niet geldt. We beoordelen de uitspraak als grotendeels onwaar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt

    • Pim van den Dool