De NRC seizoenswandeling: Zoek de zwam in het Voorsterbos

NRC Seizoenswandeling In het Voorsterbos steelt de vliegenzwam met zijn rode bolhoed de show. Maar er staan nog 500 andere soorten. NRC tipt een prachtige herfstwandeling (10 kilometer).

Zie hoe onschuldig je daar staat, met je rode bolhoed. Tussen de beukenstammen door valt er net een streep sprookjesachtig zonlicht op je, waardoor het rood nóg roder lijkt. De witte stippen liggen losjes bovenop de hoed, als witte parelkandij. „Eet mij!”, lijk je te roepen.

Maar ons houd je niet voor de gek, vliegenzwam. Van jongs af aan weten we al dat je giftig bent. Je bent aan je eigen bekendheid ten onder gegaan – geen paddestoel zo archetypisch als jij. Je dook op in onze sprookjesboeken, in onze kinderliedjes (arme Kabouter Spillebeen). Zelfs op onze Nintendo in een spelletje Super Mario.

En nu sta je hier weer de show te stelen, midden in het Voorsterbos. Alsof hier niet nóg honderden anderen soorten staan. Van de pakweg 3.500 paddestoelensoorten in Nederland groeien er hier minstens 500. Niet voor niets riep de Nederlandse Mycologische Vereniging deze plek in 2008 uit tot toekomstig „paddestoelenparadijs”: hier ging het eerste paddestoelenreservaat ter wereld ontstaan.

Zo speciaal ben je dus ook weer niet, vliegenzwam. Naarmate je langer in het bos staat, word je bovendien minder mooi: het rood vervaalt, je witte stippen – de restanten van een vlies waar je als jonge paddestoel door bedekt werd – verdwijnen. Die bolle hoed wordt gehavend en plat. Dan kijken wij wandelaars liever naar ándere soorten tussen de herfstbladeren: de zwavelkopjes, de russula’s, de honingzwammen.

Bladertapijt

Nog geen vijfenzeventig jaar oud is dit oudste deel van het Voorsterbos – later kwamen daar nog een zuidelijke uitloper (het Waterloopbos) en een noordelijke uitloper (het Wendelbos) bij. Na de drooglegging van de Noordoostpolder werden de eerste bomen aangeplant in 1944 – populieren en sparren, voor een snelle houtproductie. De ondergrond, keileem, was ongeschikt voor landbouw en dus mocht er bos komen.

Later verdrongen de beuken de andere bomen voor een groot deel. De gladde stammen staan dicht opeen. Een vrijstaande beuk is te kwetsbaar voor zonnebrand, met zijn schors van nog geen halve centimeter dik. Dan loopt de temperatuur van het vocht onder die schors te hoog op, en zal de boom algauw het loodje leggen. Ondanks die kwetsbaarheid zijn beuken toch succesvol: door hun dichte bladerdek zorgen ze voor zo veel schaduw dat andere planten vrijwel geen kans krijgen.

Het pad is nauwelijks zichtbaar onder het bladertapijt – beukenbladeren verteren heel langzaam, ook daardoor krijgen kiemplantjes van andere soorten weinig kans. Her en der groeien er groene varens tussen het bruin.

En paddestoelen dus.

Naast rood-met-witte-stippen ook wit, geel, bruin, oranjerood. Het zijn de vruchtlichamen die voor de verspreiding van sporen zorgen. Het belangrijkste deel van paddestoelen zit onder de grond, als ‘zwamvlok’: een kluwen witte schimmeldraden. Soms staan de vruchten van één zwamvlok in een cirkel, die dan als heksenkring in het bos te zien is.

Natte voeten

Langzaamaan dringt er meer zonlicht tussen de bomen door; de beuken maken plaats voor elzen en populieren. We zijn aangekomen in het Wendelbos, aangelegd in 2005 en dus verreweg het jongste deel van het bos. De bomen zijn prachtig goudgeel en rood, de paddestoelen hier – inktzwammen – hebben diepzwarte randen. Vinken dwarrelen als herfstblaadjes uit een hoge populier. In de verte roffelt een grote bonte specht. Spinrag tussen het riet, dauwdruppels in het gras. Natte voeten. Weer een vliegenzwam.

Met de najaarszon in ons gezicht lopen we zuidwaarts, langs de Zwolse Vaart, tot aan het Waterloopbos. Dit deel van het Voorsterbos was vanaf 1954 een proeftuin voor hydrologen, waarin schaalmodellen werden gemaakt van onder meer de stormvloedkering in de Oosterschelde, de haven van IJmuiden en de Maasvlakte. De eerste directeur van het bijbehorende Waterloopkundig Laboratorium was Jo Thijsse, de oudste zoon van natuurbeschermer Jac. P. Thijsse. Hij zorgde ervoor dat het bos, met de waterwerken op schaal, er ook daadwerkelijk kwam.

Later werden er in het bos ook modellen van internationale waterbouwkundige werken gebouwd en getoetst: de haven van Libië, de kustversteviging van Denemarken. Nu zijn de roestige raderen bijna net zo bruin als de herfstbladeren, en groeit er mos over de beschoeiingen.

Uiteindelijk komen we uit bij de Deltagoot, die van 1978 tot 2015 gebruikt werd om zeegolven in na te bootsen. Nu is het een kunstwerk. Tussen de betonnen blokken spelen twee kinderen tikkertje, hun gelach weergalmt door de goot. De zon verstopt zich achter een wolk, de eerste regendruppels vallen. De kinderen deert het niet, ze hebben laarzen aan. Rood-met-witte-stippen.

Herfstlopen

(10 kilometer)

Start- en eindpunt: Bezoekerscentrum Waterloopbos

(ov: vanaf station Zwolle bus 71 naar Emmeloord, halte Voorsterweg Marknesse, en dan nog 10 minuten lopen.)

LA = linksaf RA = rechtsaf RD = rechtdoor

Neem aan het eind van parkeerplaats P1 bij bezoekerscentrum Waterloopbos de blauwe route (Wendelbosroute). Na open veld RD bos in (blauw pijltje), bij bankje RA, na bruggetje over greppel scherp LA. Steeds blauw volgen, je passeert nog enkele bruggetjes.

Bij kruising zandweg RD. Blijf blauw volgen, negeer zijpaden. Volgende kruising zandpad LA (verlaat blauw), 1ste RA. Bij kruising RD (volg breed graspad).

Bij driesprong LA over bruggetje (bij bankje onder es). Bij T-splitsing LA blauwe route. Bij veelsprong meest rechterpad RD over bruggetje (blauw). Negeer daarna eerste pad naar links, ga RD (je verlaat hier weer de blauwe route).

Lang RD, bij viersprong schuin RD (rechtsaf is verboden toegang). Negeer paden naar links, blijf RD gaan, zandpad gaat over in asfaltpad.

Negeer Nigerweg naar links, ga RD (Bremweg). Negeer Deltaweg naar links, Bremweg blijven volgen. Iets voorbij picknicktafels en beek even op en neer schuin links omhoog naar pekelinstallatie haven Bangkok. Weer terug op pad, kort daarna eerste LA, pad volgen, kort na brug LA, je komt bij houtvlonderpad, dit volgen (golfmachine haven van Libië, en erna Nieuwe Waterweg). Volg pad, op dijkje even LA en direct erna RA over houten vlonder, erna even LA en meteen RA over brug met houten leuningen.

Stoeptegelpad, gaat over in zandpad, bij splitsing met betonnen fietspad LA over brug. RD langs Willemstunnel, over nog een brug.

RD tot brug over brede vaart, bij T-splitsing LA, 1ste betonpad RA. RD blijven gaan, talud af, fietspad kruisen RD tot Deltagoot, even LA en dan RA door goot tot Paviljoen, hier RA tot parkeerplaats.

    • Gemma Venhuizen