Opinie

    • Clarice Gargard

Wie wel en wie geen ruimte mag innemen

De ‘blokkeerfriezen’ joelen tijdens de rechtszaak die tegen hen wordt aangespannen vanwege het blokkeren van de A7. Buiten worden ze door een menigte als helden onthaald. De anti-pietactivisten kijken bedremmeld. Je zou denken dat zij terechtstaan voor het in gevaar brengen van mensenlevens en het inperken van grondrechten. Het contrast tussen de groepen zegt veel over wie in Nederland ruimte in mag nemen en wie niet.

Vorig jaar hebben 34 Nederlanders anderen het recht om te demonstreren ontnomen. Toch mochten zij in sommige talkshows en kranten als martelaren verschijnen. Er werd zelfs binnen een mum van tijd geld ingezameld om de mogelijke boetes voor hen te betalen. De wet houdt de overtreders wellicht aansprakelijk, maar dat maakt weinig uit wanneer de samenleving het niet doet.

Het signaal dat je als maatschappij afgeeft is dat iedereen gelijk is maar sommige Nederlanders (lees: witte) iets gelijker zijn dan anderen, zelfs bij het plegen van een misdrijf. Zoals gebleken is dat witte sollicitanten met een strafblad meer kans maken op een baan dan een persoon van kleur zonder.

Deze ongelijkheid is ook te merken aan de manier waarop verdachten en slachtoffers in media behandeld worden. Bijvoorbeeld hoe Jenny Douwes, het ‘brein’ achter de illegale wegblokkade door Telegraaf-columnist Wierd Duk wordt geholpen om haar boodschap te verspreiden en tot volksheld wordt gebombardeerd. Onlangs schoof zij – samen met boegbeeld van de antipietenbeweging Jerry Afriyie – aan bij RTL Late Night. In de bevestigingsmail aan Afriyie was het duidelijk dat ze met elkaar in dialoog zouden gaan.

De verdachte besloot dat ze toch niet met het slachtoffer aan tafel wilde en loog dat het was omdat hij „een terrorist” zou zijn, omdat hij met zijn actiegroep zou voorkomen in het NCTV-rapport Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland. Maar dat rapport, uit maart 2018, noemt juist nadrukkelijk de blokkeerfriezen als groep en niet Afriyies actiegroep Kick Out Zwarte Piet. Desondanks zwichtte RTL Late Night. Jerry – steevast ‘Jeffrey’ genoemd door Twan Huys – werd gedwongen zich te verdedigen. En plaats te nemen op de eerste rij, wat aan ‘de achterkant van de bus’ deed denken.

Tijdens de rechtszaak – waar Telegraaf-journalist Saskia Belleman voortreffelijk verslag van deed – herbeleefden slachtoffers hun trauma’s. Er was een demonstrant met hersenschudding en er werd verteld over een buschauffeur met angsten. Terwijl de schuldigen lachend in de zaal zaten.

Ik moet denken aan Ruby Bridges. Zij was een van de eerste Afro-Amerikaanse kinderen die naar een witte school gingen, in 1960 in New Orleans. Bridges maakte gebruik van haar grondrecht maar werd op weg naar de les door een menigte witte mensen toegeschreeuwd en bespuugd. Die vonden ook dat er voor mensen zoals zij geen ruimte was.

Ik zou kunnen opnoemen hoe Afriyie samen met andere – antipietdemonstraten – zoals Mitchell Esajas en Jessica de Abreu – niet alleen demonstreren tegen Zwarte Piet, maar bijvoorbeeld ook bijles geven in Amsterdam Zuidoost, zomeractiviteiten voor kinderen organiseren en belangrijke kunstprijzen winnen. Maar dat zou niet nodig hoeven zijn. Onrecht is onrecht ongeacht hoe voorbeeldig of slecht degene is die het wordt aangedaan.

Martin Luther King schreef dat het echte gevaar binnen het publieke debat in ‘gematigden’ schuilt. Degenen met ‘goede wil maar weinig begrip’, zijn erger dan degenen met ‘onwil en absolute onbegrip’. Sommige Friezen organiseren een evenement om een tegengeluid te laten horen. Zij laten weten dat er in hun Nederland wel plek is voor iedereen. Het is aan u – gematigde Nederlander – of een dergelijke oproep tot liefde net zoveel ruimte krijgt als die van haat.

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.
    • Clarice Gargard