Opinie

    • Mirjam de Winter

Kerkgangers

Alleen op kerstavond bezochten we de katholieke kerk in onze straat wel eens, maar dat was toen de kinderen nog klein waren en je aan het einde van de avondmis een kop warme chocolademelk kreeg. Als ongelovigen hoopten we zo nog iets van die roomse blijheid mee te pikken, maar we hadden net zo goed bij de gereformeerden kunnen binnenlopen, zo sober was de dienst en zo mistroostig zag de kerk er van binnen en van buiten uit. De ‘Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans’-kerk in Blijdorp is een bakstenen doos uit eind jaren dertig, met een puntdak van grauwe dakpannen en een eenvoudige kerktoren zonder uurwijzer. Alleen uit het door zure regen aangetaste Mariabeeld boven de ingang valt op te maken dat we hier met Rooms-Katholieken te maken hebben, verder zijn alle pracht, praal en poespas achterwege gelaten. De laatste 15 jaar ben ik er nooit meer binnen geweest en kon ik me alleen nog maar ergeren aan het ellenlange klokkengelui op de veel te vroege zondagmorgen.

Sinds afgelopen zomer is alles anders. De klokken beginnen pas om 11 uur te beieren en waar je eerder slechts een handjevol hoogbejaarde Blijdorpse dames met rollators richting het godshuis zag schuifelen, stroomt de straat nu iedere zondagochtend vol met honderden, Kaapverdiaanse kerkgangers. ‘Onze’ kerk blijkt te zijn overgenomen door de Portugees sprekende Paróquia Nossa Senhora da Paz, de parochie van die etnische gemeenschap in Rotterdam. Hun krappe kerkgebouw bij het Marconiplein voldeed niet meer en het Bisdom Rotterdam bood ze de ruime kerk in Blijdorp aan.

De straat stroomt iedere zondagochtend vol met honderden, Kaapverdiaanse kerkgangers

Afgelopen zondag ben ik uit nieuwsgierigheid maar eens binnengelopen. De kerk was afgeladen en volgepropt met extra stoelen. De dienst was in het Portugees en op de oude pater na, was ik de enige witte in de zaal. Iedereen hield elkaars handen vast en er werd vooral gezongen, door een koor en door de kerkgangers zelf, aangejaagd door een vrolijke dame in roze zomerjurk. De pater bedankte me na afloop voor mijn komst. Hij was 43 jaar missionaris geweest in Brazilië, vertelde hij, en vandaag vanuit een klooster in Haastrecht naar Rotterdam gekomen om de dienst in het Portugees te leiden. De opkomst deed hem goed.

Voor de buurt is het nog even wennen, al die kleur en opwinding in de wijk. „Het was nogal uitbundig zeker?” vroeg een buurman toen ik hem vertelde over mijn kerkbezoek. Een ander had vooral te doen met die paar nog oorspronkelijke kerkgangers, die volgens hem „verjaagd” zijn en voor wie nu een aparte dienst wordt gehouden op zaterdag. „Wees blij dat er weer wat vrolijkheid is in Blijdorp”, beet een buurvrouw hem toe.

En vrolijk is het zeker, die ene dag in de week, behalve bij rouwdiensten. Dan klinkt een luid, jammerlijk gehuil uit de kerk, waar de rillingen van over je rug lopen. Toen ik er voorzichtig naar informeerde bij een snikkende voorbijgangster onderweg naar haar auto, vertelde ze dat het onder Kaapverdianen gebruikelijk is om zo opzichtig te rouwen. Ze had de overledene amper gekend, bekende ze, maar uit medeleven met de familie minstens zo hard meegejammerd. Volgende week is er een tweede herdenkingsdienst voor de overledene. Ik ben van harte welkom en mag er zelf dan ook gerust een keel bij opzetten.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.

    • Mirjam de Winter