Beloning helpt mensen van roken af

Gezondheid Op cursus samen met collega’s en het vooruitzicht van waardebonnen – vier op de tien deelnemers stopten daardoor met roken.

Stoppen met roken gaat veel beter met een financiële beloning. „Het stoppercentage lag op 41 procent na een jaar.”. Foto Olivier Middendorp

Een beloning van 350 euro in een jaar, en groepstraining met naaste collega’s. Dat is de effectiefste manier om van het roken af te komen, schrijft een team van onderzoekers onder leiding van Onno van Schayck van de Universiteit Maastricht donderdag in The Lancet Public Health.

Van Schayck staat zelf versteld van het resultaat van deze eenvoudige methode. „Het werkt zelfs beter dan pillen of andere vormen van coaching, waarmee hooguit 20 tot 30 procent blijvend stopt. Met de beloningsmethode die wij onderzochten, haalden we een stoppercentage van 41 procent na een jaar. Dat is heel veel, want rookverslaving is zo hardnekkig dat veel mensen die gestopt waren weer terugvallen in hun oude gewoonte.”

Het gaat om een vergelijkende studie uitgevoerd bij 61 Nederlandse bedrijven. Tussen maart 2016 en maart 2017 werden 604 rokende werknemers bereid gevonden om mee te doen aan de studie. Ze kregen zeven weken lang een gezamenlijke cursus, wekelijkse sessies van anderhalf uur. In de helft van de bedrijven kregen de deelnemers geen beloning. In de andere helft kregen de deelnemers waardebonnen, te besteden in een bekende webwinkel. Na het afronden van de cursus ontvingen de mensen die de tabak hadden afgezworen de eerste 50 euro, en nog twee keer na drie en zes maanden. Als ze het een jaar hadden volgehouden om van de sigaretten af te blijven, kregen ze nog eens 200 euro aan waardecheques. Of ze echt gestopt waren, zoals ze zeiden, werd gecontroleerd met een koolmonoxidemeter. (Overigens bleek dat niemand smokkelde.)

Direct na de cursus was 81 procent van de rokers in de training mét geldpremie gestopt; in de controlegroep was dat ietsje minder. Maar in de maanden daarna werden de verschillen snel groter, met veel minder terugval in de groep die financieel werd beloond. Meer dan de helft van de deelnemers die na de cursus was gestopt had het tot een jaar later volgehouden. In de controlegroep hield slechts een derde van de stoppers het zo lang vol.

„De mooiste uitkomst van dit onderzoek vind ik persoonlijk dat deze methode ook aanslaat bij lageropgeleiden”, zegt Van Schayck, „want dat is doorgaans een groep die wij slechter kunnen bereiken met stoppen-met-roken-programma’s. En als ze eraan meedoen, vallen ze ook weer sneller terug.”

Onder lageropgeleiden is het aandeel rokers het grootst (29 procent); hogeropgeleiden roken minder (18 procent). Gemiddeld rookt bijna een kwart van de volwassenen

Eline Meijer, gezondheidspsycholoog bij het Leids Universitair Medisch Centrum en niet betrokken bij deze studie, vindt het resultaat van de nieuwe methode indrukwekkend. „Juist onder lageropgeleiden wordt meer gerookt en het is inderdaad lastiger om hen te bewegen te stoppen.”

Vanuit haar vakkennis kan Meijer wel verklaren waarom juist een geldbeloning deze groep over de streep kan trekken: „Laagopgeleiden lijken gevoeliger voor consequenties op de korte termijn, zowel wat betreft beloning als straf. Dat ze door het roken over zoveel jaar longkanker kunnen krijgen is dan minder belangrijk. Een directe beloning werkt juist wel.”

Volgens Meijer zou het interessant zijn om verder te onderzoeken hoe groot de beloning moet zijn voor een goed resultaat. Van Schayck wil er inderdaad een vervolg aan geven. „Die 350 euro in dit onderzoek is gekozen als een bedrag dat interessant is voor de deelnemers maar tegelijkertijd kosteneffectief voor de werkgever die het moet vergoeden. De investering betaalt zich terug door een hogere productiviteit; er gaat minder werktijd verloren door rookpauzes en het ziekteverzuim neemt af.”

Meijer denkt dat er nog ruimte is voor verdere verbetering, bijvoorbeeld door uit te zoek op welk moment je de beloning moet geven voor het grootste effect. „Ik verwacht dat het goede gedrag beter beklijft door de regelmaat uit de beloningen te halen”, zegt ze. „Dat blijkt uit dierstudies maar is ook wel bij mensen onderzocht. Als je een kind belooft dat het iedere keer een snoepje krijgt als het zijn kamer heeft opgeruimd, zal het dat wel doen maar stopt het zodra er geen beloning meer komt. Geef je dat snoepje slechts af en toe, dan blijft het kind langer opruimen.”

    • Sander Voormolen