Opinie

    • Diana de Wolff

Een ‘parel van de balie’ die vecht voor recht op toegang tot ambulances

Togacolumn In Nederland is het soms lastig om advocaat te zijn, maar in autoritaire staten als Turkije worden advocaten vervolgd, gedetineerd en vereenzelvigd met hun cliënt. Hoogleraar advocatuur Diana de Wolff over de grote moed van collega Ramazan Demir.

Onlangs maakte ik deel uit van de jury die uit een aantal voorgedragen advocaten vijf kandidaten moest nomineren voor verkiezing van de ‘Parel van de balie’. Aanleiding was het 100-jarige bestaan van het Advocatenblad. Uit de top-5 kozen de bezoekers van het eeuwfeest de winnaar.

De vijf genomineerde advocaten zijn hardwerkende, deskundige vakgenoten met een onafhankelijke geest. Vasthoudend en creatief. Een van de vijf genomineerden was bijvoorbeeld de advocaat die de Urgenda-zaak startte, een zaak waar maar weinig juristen in geloofden. Vorige week werd de zaak in hoger beroep met een klinkend arrest van het Hof in Den Haag bekroond, waarin de Staat ook in hoger beroep werd opgedragen de uitstoot van broeikasgassen steviger aan te pakken. Als parel werd uiteindelijk een strafpleiter in zeden- en geweldszaken gekozen, iemand die als geen ander weet hoe je in het vak van advocaat tegen de stroom van de publieke opinie moet roeien, soms onder een spervuur van haat- en dreigmails.

Strafbare propaganda

Tijdens de beraadslaging in de jury dwaalden mijn gedachten af naar een ontmoeting die ik afgelopen zomer had met Ramazan Demir, een jonge mensenrechtenadvocaat uit Istanbul. Was de verkiezing van de parel van de balie niet tot Nederlandse advocaten beperkt, dan zou ik hem hebben voorgedragen. Niet om af te doen aan de kwaliteit van de genomineerden, maar om mijn respect te betonen voor zijn moed. Ondanks herhaalde detentie blijft hij onverschrokken zijn werk doen en aandacht vragen voor de honderden advocaten die in Turkije om hun werk vervolgd worden. Dat de autoriteiten zijn werk als strafbare propaganda tegen de Turkse overheid zien, neemt hij op de koop toe.

Keten van repressie

Turkije is zo’n staat waar advocaten in politiek getinte strafzaken met hun cliënten worden vereenzelvigd en een onafhankelijke beroepsuitoefening aan alle kanten wordt tegengewerkt. Advocaten van mensen die als (vermeend) lid van een terroristische organisatie worden vervolgd, worden zelf ook als lid van die organisatie beschouwd. Zij worden eveneens slachtoffer van vervolging, geweld, langdurige en willekeurige detentie en een mensonterende behandeling. Dit geldt ook voor advocaten die vervolgens voor hun collega’s optreden, waardoor een macabere keten van repressie tegen de advocatuur ontstaat. Zo trad Demir op voor 46 advocaten die in politieke zaken rechtsbijstand hadden geboden en belandde hij daarna zelf voor vijf maanden in de cel.

Sinds de mislukte coup in 2016 zijn advocaten in Turkije steeds vaker het doelwit van bruut optreden door de veiligheidsdiensten. Honderden advocaten zijn gearresteerd en een veelvoud wacht vervolging wegens vermeend lidmaatschap van een terroristische organisatie. 170 advocaten zijn veroordeeld tot gevangenisstraffen van drie tot twaalf jaar. Met een decreet heeft president Erdogan zich onbeperkte macht verschaft over de Turkse balie, bijvoorbeeld de macht om besturen van de verschillende orden van advocaten te schorsen en kantoren te sluiten.

Vrije doorgang

In Turks Koerdistan, waar Demir werd geboren en opgroeide, waren de omstandigheden voor advocaten al eerder ernstig verslechterd. De dodelijke aanslag in november 2015 op de Koerdische mensenrechtenadvocaat Tahir Elçi getuigt daarvan. Zaak na zaak vraagt Demir aandacht voor de mensenrechtenschendingen die zich in Turkije afspelen. Voor slachtoffers van het optreden van de veiligheidsdiensten in Oost-Turkije heeft Demir de afgelopen jaren vele zaken aangebracht bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.

Hij vertelde mij over een zaak die letterlijk een strijd op leven en dood was, waarin hij vrije doorgang eiste van ambulances die door een uitgangsverbod niet bij ernstig gewonde burgers konden komen. De spoedzaak die hij - met voorbijgaan aan Turkse rechterlijke instanties - in Straatburg aanspande, leidde op een ultrakorte termijn tot het bevel om ambulances doorgang te verlenen. Desondanks kwam het bevel voor de meeste slachtoffers te laat, zij waren al doodgebloed.

Ik vroeg Ramazan Demir hoe hij de moed kan blijven opbrengen voor zijn werk voor de mensenrechten. Zijn simpele antwoord: ik kan niet anders.

De Togacolumn wordt wekelijks geschreven door een advocaat, officier of rechter.

 

 

 

    • Diana de Wolff