Eén op vijf volwassenen ziet vader na scheiding niet meer

Het CBS ondervroeg volwassenen tussen de 25 en 46 jaar oud, die als kind een scheiding meemaakten. Van hen had 20 procent hun vader het afgelopen jaar niet gezien.

Foto Roos Koole/ANP

Een op de vijf volwassenen die als kind een scheiding hebben meegemaakt, zien de vader niet meer. Dat blijkt uit een woensdag gepubliceerd onderzoek van het Centraal Bureau van de Statistiek en de Universiteit van Amsterdam naar de relatie tussen kinderen en hun (stief)ouders na een scheiding. Voor het onderzoek werden volwassenen tussen de 25 en 46 jaar oud ondervraagd.

Lees ook: Co-ouderschap bestaat 20 jaar: ouders die na een scheiding samen de kinderen opvoeden. Een mooi moment om de balans op te maken: Is het de beste oplossing voor een uit elkaar vallend gezin?.

Ter vergelijking: maar 5 procent had geen contact meer met de moeder. Volgens de onderzoekers komt dat mogelijk doordat kinderen na een echtscheiding vaker bij de moeder blijven. Onderzoeker Tanja Traag zegt tegen NRC:

“Het was in de jaren zeventig en tachtig gewoon dat kinderen bij de moeder woonden en alleen in het weekend naar de vader gingen. Het aantal co-ouderschappen was laag. Bij een co-ouderschap brengen kinderen na een scheiding evenveel tijd bij beide ouders door.”

Van die generatie raakten vaders later vaak volledig buiten beeld, aldus Traag:

“We denken dat het contact met de vader schade heeft opgelopen doordat vaders hun kind maar een keer per week of eens per twee weken zagen. Voor de huidige generatie denken we dat dat anders is, door nieuwe ouderschapsplanning. Nu groeit ongeveer een kwart van de kinderen in een co-ouderschap op.”

Alle respondenten waren geboren tussen 1971 en 1991, de periode die het CBS aanduidt als ‘de echtscheidingsgolf’ omdat in die periode veel stellen uit elkaar gingen. Bijna een op de vijf volwassenen geboren in die periode woonde een deel van de jeugd niet met beide ouders. In driekwart van de gevallen kwam dat door een scheiding.

Stiefouder als echte ouder

De gescheiden ouders bleven vaak niet alleen; 70 procent van de vaders en 60 procent van de moeders kreeg na de scheiding een nieuwe, serieuze partner. Veel van de kinderen woonden daardoor met een stiefouder. Met name de kinderen die opgroeiden met een stiefvader beschouwen de nieuwe partner als vader (44 procent). In totaal wordt eenderde van de stiefouders door de volwassen kinderen als echte ouder gezien.

    • Maartje Geels