Opinie

In Haarlem verdedigt de burgemeester een nationaal belang

Opmerkelijk tafereel op de Grote Markt van Haarlem, dit weekeinde. Honderden burgers verzamelden zich in een solidariteitsmanifestatie met hun burgemeester, de nog vrij recent aangetreden Jos Wienen (CDA). Die heeft zijn woning moeten verlaten vanwege ernstige bedreigingen en verblijft in een safe house. Hij wordt bij zijn ambtsuitoefening al weken zwaar bewaakt door de marechaussee in antiterreuroutfit.

„Haarlem staat achter U”, viel te lezen op affiches in de menigte. Minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) kwam spreken, minister-president Mark Rutte (VVD) noemde de bedreiging van Wienen „volstrekt onacceptabel”. En Wienen verscheen zelf ook op het bordes, om te bedanken voor het hart onder de riem. Hier gaf de burger de burgemeester moed; de kloof was even dicht.

Maar wat is hier aan de hand: is dit Sicilië aan het Spaarne? Waar de burgemeester zich alleen in politiecolonne verplaatste uit angst voor de mafia? Het gezag wil de dreiging tegen Wienen niet toelichten. Maar de genomen veiligheidsmaatregelen doen vermoeden dat het niet gaat om die ene boze burger die ooit een barst in een loket sloeg omdat de uitkering of de huurwoning niet kwam. Een verband met georganiseerde criminaliteit is hier snel gelegd.

Wienen is niet de eerste burgervader die met zijn bevoegdheden om woningen en bedrijven te sluiten, locatieverboden uit te delen en vergunningen te weigeren de criminele handelaren in wapens, drugs en mensen tegen zich in het harnas joeg. Wat het publiek op de Grote Markt waarnam, was de onderwereld die z’n kop opsteekt in het stadhuis en het paramilitaire antwoord van de staat. Een intimiderend schouwspel, niet alleen voor de burgemeester, die zich koelbloedig en professioneel opstelt, maar ook voor de burger.

Zo bezien was de manifestatie van zondag een belangrijk symbolisch publiek protest: dít willen we dus niet, never. Feitelijk wordt hier ondermijning zichtbaar, althans een ernstige poging daartoe. De marechaussee en de burgemeester verdedigen hier dus een nationaal belang: bestuurlijke integriteit. Door niet te wijken maakt Wienen duidelijk dat levensbedreiging nutteloos is, futiel, betekenisloos. Door het wapenvertoon laat het gezag zien dat het zal terugvuren, indien uitgedaagd. Door op de Grote Markt te manifesteren, toont de burger zich strijdbaar, althans in beginsel. Zo ziet escalatie er dus uit. Maar dan?

Lees ook: Wienen schuwt de confrontatie niet met wetsovertreders

Begin dit jaar liet de Amsterdamse politiecommissaris Pieter-Jaap Aalbersberg weten dat de drugsbestrijding „op dood spoor zat”. Hoeveel kilo’s coke de politie ook in beslag neemt, op prijs en consumptie heeft het nul effect. Nederlandse illegale drugslaboratoria zouden jaarlijks 19 miljard euro aan omzet boeken, waarvan 3 tot 5 miljard rechtstreeks naar Nederland terugvloeit, zo bleek dit najaar uit een onderzoek van de Politieacademie. Dat geld zoekt hier een bestemming. Geschrokken van deze cijfers deelde minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) mee dat hij „de hele drugseconomie” ging „oprollen” en wel als een van zijn „grootste prioriteiten”. Hoeveel grootste prioriteiten een bewindsman ook moge hebben, het klonk toch bemoedigend. Tegelijk stemde het ook bitter. Het drugsvraagstuk zit muurvast. De bestrijding vreet belastinggeld, de resultaten zijn bescheiden. Dezelfde burger die z’n burgemeester nu omarmt, is niet wars van een pilletje of lijntje. Ondermijning? De burger doet het voor een deel ook zelf.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.