Hoe lap je het regeerakkoord op?

Belastingpakket bedrijven Lastenverlichting dus, met 1,9 miljard. Niet voor buitenlandse firma’s maar voor het eigen mkb. Daar is niemand tegen. Toch?

Premier Rutte bij zijn bekendmaking dat het plan om de dividendbelasting af te schaffen definitief van de baan is. Foto Evert-Jan Daniels/ANP

Waar de beoogde afschaffing van de dividendbelasting volgens de oppositie louter „een cadeautje” was aan búítenlandse beleggers in beursgenoteerde bedrijven, profiteert het Néderlandse bedrijfsleven – en zijn aandeelhouders – nu van de intrekking ervan.

De 1,9 miljard euro die vrijvalt met het kabinetsbesluit om de dividendbelasting gewoon in stand te houden, komt nu ten goede aan het gehele bedrijfsleven, zo lichtte staatssecretaris Menno Snel (Financiën, D66) maandagavond toe op wat de „heroverweging” van het belastingpakket voor het vestigingsklimaat is gaan heten. Vooral het midden- en kleinbedrijf profiteert, benadrukte Snel. „Er zitten zo vijf maatregelen in die specifiek op het mkb gericht zijn.”

Het grootste deel van het geld steekt het kabinet nu in verdere verlaging van de vennootschapsbelasting (vpb) dan oorspronkelijk in het regeerakkoord was bedacht. Het lage vpb-tarief, voor bedrijven met een winst tot 2 ton, daalt de komende jaren in stapjes van 20 tot 15 procent (beoogd was 16 procent). Het hoge tarief, voor winsten boven de 2 ton, daalt iets minder sterk naar 21,5 procent.

Lees ook over de memo’s die tijdens de coalitieonderhandelingen op tafel lagen: Dit staat er in de memo’s

Deze extra lastenverlichting kost de schatkist structureel ruim 1,4 miljard euro. Volgens sceptici versterkt Nederland hiermee ook de internationale fiscale race to the bottom, waarbij EU-landen elkaar met steeds lagere belastingtarieven het brood uit de mond stoten. Maar staatssecretaris Snel, van de partij die eerlijke belastingconcurrentie voorstaat, is het niet eens met de kritiek. Hij noemt de nieuwe winstbelastingtarieven „juist heel erg Europa-proof”. „Het gemiddelde Europese tarief is 20,9 procent. Daar zaten we net iets boven, en daar gaan we nu net iets onder”, zegt Snel. En trouwens: „Ierland heeft al een kleine twintig jaar een tarief van veel minder dan 15 procent.”

Ook in Oost-Europa zijn zulke lage tarieven gangbaar. Maar in West-Europa, in Nederland omringende landen, gelden vaak nog tarieven van boven de 30 procent. „Maar ook die gaan de laatste jaren stevig naar beneden.” Volgens Snel loopt Nederland dus minder uit de pas dan je op het eerste gezicht zou denken.

De overige half miljard euro die de dividenbelasting nu jaarlijks zal blijven opleveren, steekt het kabinet in acht andere maatregelen die voor enige (extra) fiscale verlichting zorgen bij bedrijven.

Expats

Meest in het oog springende daarvan is dat er nu toch een overgangsregeling komt voor de vorig jaar al aangekondigde versobering voor de zogeheten expatregeling. Dat is een belastingkorting waarbij buitenlandse werknemers over 30 procent van hun inkomen geen belasting zijn verschuldigd. De duur van de regeling wordt teruggebracht van acht naar vijf jaar. Een luid protest stak op omdat de versobering ook voor expats zou gelden die al in Nederland werkzaam zijn. De druk kwam niet alleen vanuit (internationale) bedrijven, maar ook van universiteiten waar veel buitenlandse medewerkers en onderzoekers werken, tussen de 6.000 en 7.000. Daar heeft het kabinet nu naar geluisterd: er komt toch nog, voor 60 miljoen euro, coulance voor bestaande gevallen.

Daarnaast komt nog eens 200 miljoen beschikbaar om vanaf 2021 de werkgeverslasten op arbeid verder te verlagen. Het kabinet doet dit „om het ondernemersklimaat verder te versterken.”

Het zijn maatregelen waar niet veel mensen iets op tegen zullen hebben – ook niet in de linkse oppositie die in het afgelopen jaar zich zo fel heeft verzet tegen de voorgenomen afschaffing van de dividendbelasting. Al was het maar omdat nu een veel meer bedrijven – groot en klein – profiteren, en niet langer alleen de allergrootste. De populariteit van multinationals, en hun bazen, is er tijdens het felle dividenddebat niet op vooruitgegaan.

Staatssecretaris Snels belangrijkste verdediging van het nieuwe pakket is dat het effect evident „direct gerelateerd is aan de Nederlandse ecomie”. Bij schrappen van de dividendbelasting viel zo’n effect maar niet te bewijzen. Snel verwacht nu zelfs dat de economische groei erdoor kan stijgen. „Het plan is nog niet helemaal doorgerekend, maar in zijn algemeenheid heeft het Centraal Planbureau altijd gezegd en geschreven dat de afschaffing van de dividendbelasting geen aantoonbaar positief groei-effect heeft. De verlaging van het vpb-tarief heeft dat wel.”

Waarom kwam het kabinet dan niet eerder met dit plan? „Omdat het vorige pakket specifieker gericht was op het aantrekken van hoofdkantoren.” Het economische effect daarvan was moeilijker meetbaar, maar de staatssecretaris blijft erbij dat „best wel een goede gedachte” was.

Toch gingen, en gaan, er geluiden op om de nu vrijgevallen 1,9 miljard euro uit het handhaven van de dividendbelasting anders te besteden dan aan het bedrijfsleven. De linkse oppositie dringt al langer aan op meer investeringen in de publieke sector: politie, onderwijs en zorg kampen met grote (personeels)tekorten en hoge werkdruk.

Dit vindt het kabinet niet nodig. Sinds Unilever onverwacht terugkwam van het besluit in Rotterdam zijn enige hoofdkantoor te vestigen, was de opdracht volgens Snel niet: schrijf een nieuwe regeerakkoord, maar kijk naar de fiscale maatregelen „binnen de paragraaf vestigingsklimaat”.

Prudent

Een derde alternatief voor de 1,9 miljard ligt in lijn met waar de Raad van State en het Planbureau op Prinsjesdag op hamerden: overheid, doe meer aan het aflossen van de staatsschuld om zo buffers op te bouwen voor de volgende economische crisis. Snel erkent dat dit op zichzelf „prudent” begrotingsbeleid is, maar vindt het „logisch” dat bij het openbreken van het regeerakkoord alleen is gekeken naar de lastenkant van de begroting. „Maar er zullen mensen zijn die dit ook een slecht pakket vinden.”

    • Stéphane Alonso
    • Philip de Witt Wijnen