De gebalde vuist is van alle tijden

Mexico 1968

Deze dinsdag vijftig jaar geleden demonstreerden drie olympiërs voor de burgerrechten van Afro-Amerikanen. Het onderwerp is nog altijd actueel.

Het podium van de 200 meter: links de Australiër Peter Norman , in het midden de Amerikaanse olympisch kampioen Tommie Smith, rechts John Carlos. De drie zouden hun leven lang last houden van de demonstratie. Foto AP

Sporters zijn niet getraind om te protesteren. Dan gaat er wel eens wat mis. Zoals bij atleet John Carlos, die zijn zwarte handschoenen was vergeten nadat hij met Tommie Smith op de Olympische Spelen van 1968 in Mexico-Stad een verzetsdaad tegen de onderdrukking van zwarte Amerikanen had beraamd.

De medailleceremonie – Smith won goud en Carlos brons op de 200 meter – grepen zij aan om zonder schoenen, met gehandschoende, gebalde vuist en gebogen hoofd The Star-Spangled Banner, het Amerikaanse volkslied, aan te horen. Op voorstel van de derde man op het podium, de Australische zilveren medaillewinnaar Peter Norman, gebruikte Smith zijn rechter handschoen en gaf hij de linker aan Carlos. Diens vergeetachtigheid verzachtte niet het effect van hun protest. Integendeel, de wereld werd een iconisch beeld rijker.

Die gebalde vuist in die zwarte handschoen, deze dinsdag precies vijftig jaar geleden, werd hét symbool voor gelijke burgerrechten van zwarte Amerikanen. Een gebaar waarvoor Smith en Carlos een hoge prijs betaalden. Zij schokten zowel de olympische beweging als de Verenigde Staten. De twee atleten werden subiet naar huis gestuurd en hebben jarenlang moeite gehad om werk te vinden; zij werden als paria’s behandeld. Pas veel later werden Smith en Carlos gerehabiliteerd.

Lees ook het eerdere artikel Eerherstel voor verfoeide vuisten

Een even smartelijk lot onderging Norman, die zich tijdens de medailleceremonie solidair had verklaard door een badge te dragen van de beweging The Olympic Project for Human Rights die hij kort voor de huldiging van Smith en Carlos had gekregen. In Australië werd hem die schending van de olympische vlag zwaar aangerekend. Norman werd de rest van zijn leven vooral genegeerd. Hij mocht vier jaar later niet naar de Spelen van München, ondanks dertien geslaagde limietpogingen, en werd in 2000 tijdens de Spelen in Sydney als enige Australische medaillewinnaar niet uitgenodigd.

Norman vond na zijn atletiekloopbaan moeilijk werk, werd ziekelijk, beleefde een pijnlijke scheiding, raakte verslaafd aan drank en pijnstillers en stierf in 2006 aan een hartstilstand. Maar Smith en Carlos waren hem nooit vergeten; die droegen bij de uitvaart de kist van ‘hun broeder’. Zes jaar na zijn dood werd Norman door het Australische parlement gerehabiliteerd en twee jaar terug kreeg hij postuum de Orde van Verdienste van het Australische olympisch comité.

Spelen doordrenkt van politiek

De erfenis van Smith en Carlos is een aanvullend artikel in het Olympisch Handvest. Na ‘Mexico-Stad’ is onder regel 50 lid 2 toegevoegd dat binnen de Olympische Spelen geen enkele politieke, religieuze of raciale demonstratie is toegestaan. Met succes, want op de Spelen zijn sindsdien amper politieke statements gemaakt, althans niet in de omvang en op de wijze van Smith en Carlos. Waarmee niet gezegd is dat Olympische Spelen zijn gedepolitiseerd. Integendeel, de olympische wereld is doordrenkt van politiek, ook al is dat niet altijd zichtbaar. De vorm waarin Smith en Carlos hun protest goten was nieuw. Zo expliciet was niet eerder een statement gemaakt.

De politiek was nooit ver weg, zoals Adolf Hitler in 1936 duidelijk maakte. Hij kaapte de Winterspelen van Garmisch-Partenkirchen en de Zomerspelen van Berlijn om zijn nazistische idealen uit te dragen. In 1980 bleef een groot deel van de westerse wereld weg van de Spelen in Moskou als protest tegen de Russische inval in Afghanistan, waarna het Oostblok vier jaar later terugsloeg met een boycot van de Spelen in Los Angeles.

Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) en de wereldvoetbalbond FIFA mogen dan geen politieke protesten toestaan, activistische sporters vinden altijd wel een manier om zich te laten horen. Het meest pregnante voorbeeld is de American-footballspeler Colin Kaepernick, die uit protest tegen raciaal en sociaal onrecht geknield bleef zitten tijdens het volkslied. Hij trad daarmee in de voetsporen van Smith en Carlos. En net als de atleten in 1968 werd Kaepernick verketterd door een deel van wit Amerika, president Donald Trump voorop, die publiekelijk op zijn ontslag aandrong.

Lees nog eens het verhaal van American-footballspeler Colin Kaepernick

En zo zal de sport altijd voor politieke statements gebruikt worden. Of zoals Smith in 1968 zijn daad verklaarde: „Dit was mijn kans, ik had een platform.”

Op het laatst gehouden WK voetbal in Rusland zorgden de Zwitserse spelers Granit Xhaka en Xherdan Shaqiri voor opschudding nadat zij tegen Servië hun doelpunt met het Albanese adelaarssaluut hadden gevierd als steunbetuiging aan Kosovo.

Vlag om schouders gedrapeerd

De Serviërs reageerden hevig verontwaardigd. Maar ook zij zijn niet vies van politieke protesten in sportarena’s. De zwemmer Milorad Cavic droeg bij zijn huldiging als Europees kampioen 50 meter vlinderslag, in 2008 in Eindhoven, een T-shirt met het opschrift ‘Kosovo is Servië’, terwijl hij ook nog de nationale vlag demonstratief om zijn schouders had gedrapeerd en zijn vuist balde. Cavic werd op het EK bestraft met een startverbod voor de individuele nummers.

Dat ook fijnzinnig verzet kan worden gepleegd bewees een half jaar terug Manchester City-trainer Pep Guardiola, die tijdens een wedstrijd opzichtig een geel lintje droeg als steun voor de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging. De geboren Catalaan werd ervoor beboet.

De moraal van het verhaal: politieke uitingen in stadions zijn van alle tijden. Rode lijn is de verkramptheid bij de sportorganisaties. Die weten vaak niet hoe te reageren. Waar Smith en Carlos uit het olympisch dorp werden gezet en een gekruisigd leven leidden, kwamen Xhaka en Shaqiri er vanaf met een reprimande in de categorie: foei, niet weer doen. Waar Guardiola fluitend zijn boete betaalde, is Kaepernicks carrière voorbij. De clubs hebben een cordon sanitaire gesloten. Hij krijgt nergens meer een contract aangeboden.

Correctie (16 oktober 2018): In een eerdere versie van dit stuk stond dat Kaepernick bij wijze van protest niet knielde tijdens het volkslied. Hij zat geknield en stond juist niet op. Dat is hierboven aangepast.

    • Henk Stouwdam