Recensie

Sopraan Elsa Benoit schittert in oratorium over Abrahams offer

Bachvereniging

In onbekende oratorium Il sacrifizio di Abramo groeit het offer maar niet uit tot een verhaal van vlees en bloed.

Optreden van de Bachvereniging Anna van Kooij

Arme Abraham. Hij heeft honderd jaar moeten wachten op een zoon. Pas rond die leeftijd lost God de belofte in hem te kronen tot vader van een menigte van volkeren. Maar dik tien jaar later - verhalen zowel Bijbel als Koran - besluit God Abrahams geloof te testen door hem die enige zoon Isaak als offer te vragen.

De vergeten Italiaanse barokcomponiste Camilla de Rossi maakte van dit wrede spel van goddelijke macht een mooi oratorium Il sacrifizio di Abramo (1708). En hoewel al drie eeuwen oud roept deze verklanking over blinde gehoorzaamheid onwillekeurig beelden op aan modern fundamentalisme. Want „zonder een reden te zoeken aanbid ik de wet”, zingt Abraham nadat God hem opdraagt Isaak te doden. Voor zijn geloof blijkt hij bereid zijn geweten uit te schakelen.

Gloedvolle strijkers

Niettemin wist tenor Emiliano Gonzalez Toro in het ogenschijnlijk gave vernis van Abrahams vroomheid de craquelure van innerlijke kwelling te laten horen. Met de gloedvolle strijkers van de Nederlandse Bachvereniging hield hij er de spanning in. Het vernuftige aan De Rossi’s partituur - met name in Abrahams aria’s - is dat de noten soms lijnrecht tegenover de woorden staan. Onder de uitwendige onderdanigheid gloeit de wanhoop en twijfel.

Het gewillige offerlam Isaak wilde in handen van de wat fletse countertenor Luigi Schifano maar niet uitgroeien tot een karakter van vlees en bloed. Het is een ondankbaar personage, die meer in geloofsijver dan in gevoelens grossiert. Sopraan Elsa Benoit schitterde wel in de dubbelrol van engel en vooral moeder Sarah, die het naderende onheil voorvoelt. Uiteindelijk bespaart God Abraham en Isaak de voorzegde dood. En zo ontvouwde zich een drama, dat nooit echt een drama werd.

    • Joost Galema