Rust in Urk na coke-zaak? Niet dus

Criminaliteit De aanhouding van een visser uit Urk in een moordzaak wijst op diepere betrokkenheid van Urker vissers bij drugssmokkel.

Foto Frans Blok

Na eerdere verhalen over cocaïnesmokkel met kotters van Urker vissers wordt een van hen nu beschuldigd van betrokkenheid bij de liquidatie van de Amsterdamse onderwereldfiguur Vincent Jalink. Verdachte André K. is vrijdagmiddag aangehouden in de Eemshaven nadat eerder deze week zijn woning in Urk was doorzocht. Hoe raakte deze visser betrokken bij een onderwereldconflict dat uitmondde in moord?

Voor het begin van het antwoord op die vraag moeten we terug naar juni 2017. Toen werd de bemanning van de kotter Z181 aangehouden op verdenking van drugssmokkel. Aan boord werd 260 kilo cocaïne aangetroffen, opgevist ten noorden van de Waddenzee, nadat handlangers de drugs in tassen uit een Braziliaans containerschip hadden gegooid.

De schok was groot: drie vissers uit Urk betrokken bij cocaïnesmokkel. Een van hen was Johannes N., mede-eigenaar van het schip, lid van een bekende vissersfamilie en vader van twee jonge kinderen.

Het ongemak op Urk werd groter toen bleek dat N. werd bedreigd door een aantal kopstukken uit het Amsterdamse criminele milieu. Was de georganiseerde misdaad geïnfiltreerd in de Urker visindustrie, een bedrijfstak waar honderden miljoenen euro’s in omgaan?

Uit het onderzoek naar de cocaïne op de kotter bleek dat de connectie tussen de onderwereld en de vissers werd gelegd door ene Leendert R., geboren en getogen op Urk en exploitant van een zalmrokerij. Volgens de lokale krant Het Urkerland is R. ook betrokken geweest bij sigarettensmokkel.

In het netwerk van Leendert R. komen ook mannen voor uit de Amsterdamse onderwereld. Een van hen is Mohammed S., een man uit Amstelveen met Pakistaanse roots. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) is deze S. een vooruitgeschoven post van de cocaïnemaffia.

Volgens het OM hebben Mohammed S. en zijn handlangers de Urker vissers onder bedreiging van grof geweld gedwongen om mee te werken aan de drugssmokkel. Dat sluit aan bij het verhaal van Johannes N. dat hij via de sigarettensmokkel in contact is gekomen met zware criminelen uit het Amsterdamse milieu en uiteindelijk zo is bedreigd dat hij zijn schip ter beschikking heeft gesteld voor de smokkel van cocaïne. Een beschuldiging die Mohammed S. nadrukkelijk ontkent.

Vissen, verwerken, verkopen

De rust leek langzaam terug te keren nadat de vissers en de leden van de cocaïnemaffia voor de rechter zijn gebracht. De vissers kregen celstraffen variërend van 3,5 tot 6 jaar cel. Tegen hoofdverdachte Mohammed S. is bijna 14 jaar celstraf geëist, tegen medeverdachte Leendert R. 5 jaar en tegen een derde persoon 6 jaar. In die zaak doet de rechtbank in november uitspraak. Daarna kan, zo was de gedachte, iedereen op Urk weer over tot de orde van de dag: vissen, verwerken, verpakken en verkopen.

Niet dus.

De aanhouding van André K. voor betrokkenheid bij moord wijst op nauwere banden met de Amsterdamse onderwereld. Politie en justitie vermoeden dat K. een conflict heeft gehad met Vincent Jalink, die in mei 2016 voor de ogen van zijn zoon werd geliquideerd. Feestorganisator Jalink was geen onbekende in het criminele milieu. Hij werd vlak voor zijn dood veroordeeld voor witwassen en zijn naam werd ook genoemd in verband met plofkraken en drugshandel.

In het onderzoek naar de uitvoerders van de moord op Jalink is vorig jaar een aantal verdachten in beeld gekomen uit Amsterdam-Zuidoost. Ze behoren tot een vriendengroep rond de Amsterdamse rapformatie Green Gang. Verschillende leden uit die groep zijn veroordeeld voor betrokkenheid bij drugshandel en liquidaties. Een van hen zit sinds vorig jaar vast en wordt vervolgd voor de moord op Jalink.

In dat onderzoek heeft zich een getuige gemeld die zich zo bedreigd voelt dat hij alleen anoniem wil verklaren. Het lijkt erop dat die getuige het laatste stukje bewijs heeft geleverd waarmee opdrachtgevers, moordmakelaars en schutters aan elkaar kunnen worden gekoppeld die verantwoordelijk zijn voor de moord op Jalink. En in dat verhaal is dus ook de naam van André K. opgedoken.

Schuld innen

Volgens verschillende bronnen die het dossier goed kennen, had Vincent Jalink een schuld bij André K. De visser zou eind 2015 zijn contacten in de Amsterdamse onderwereld hebben gevraagd om deze schuld te innen. Het gaat hierbij deels weer om personen rond de eerder genoemde Mohammed S. Het bewijs hiervoor is waarschijnlijk gevonden in telefoonberichten die zijn gevonden bij Ennetcom, een telecombedrijf dat speciale, versleutelde PGP-telefoons verkocht die heel populair waren in de onderwereld. Bij het onderzoek naar de 260 kilo cocaïne is in die database bewijsmateriaal gevonden.

Nu alle betrokkenen waarschijnlijk aan elkaar gelinkt kunnen worden via de Ennetcom-data, blijft een cruciale vraag over: waarom had een onderwereldfiguur als Vincent Jalink een schuld bij een visser als André K.? Het antwoord op die vraag is opmerkelijk. Volgens bronnen die de zaak goed kennen zijn er aanwijzingen dat de ruzie tussen K. en Jalink direct samenhangt met de cocaïnesmokkel.

Jalink zou afspraken niet zijn nagekomen over een investering in een partij cocaïne door André K. Het sluit naadloos aan bij geruchten op Urk dat sommige vissers uit het dorp veel dieper zijn betrokken bij de cocaïnemaffia dan zij willen doen voorkomen.

Lees ook: Van honderd sloffen sigaretten naar 260 kilo cocaïne
    • Jan Meeus