Recensie

Orkest Achttiende Eeuw speelt Jahreszeiten op zijn best

Recensie

Het is bezig met een verjongingsslag, het Orkest van de Achttiende Eeuw, maar de oude kern is er nog, en samen spelen ze Haydn vol vuur.

De Britse dirigent Marcus Creed dirigeerde al eerder het orkest van de Achttiende Eeuw

Over de naïef-hysterische tekst moet je heenstappen: dat het woord “monter” zeven keer en “vrolijk” 17 keer voorkomt, zegt over de een tikje benauwende majeurmodus van Haydns oratorium Die Jahreszeiten wel genoeg. En toch is het niet terecht dat Die Jahreszeiten nooit uit de schaduw van Die Schöpfung is ontsnapt. Want de muziek is, hoewel met 130 minuten een behoorlijk omvangrijke monoliet, schatrijk aan treffende natuurschilderingen en aanstekelijke prachtaria’s.

Het Orkest van de Achttiende Eeuw neemt Die Jahreszeiten nu mee op tournee door Nederland en Italië en werkt daartoe opnieuw samen met de Brit Marcus Creed, die eerder ook tekende voor Die Schöpfung.

Dat het orkest Creed voor Haydn terugvroeg, snap je vanaf de eerste maat van de ouverture. Creed laat het Orkest van de Achttiende Eeuw spelen op zijn best. Met strijkers als een sonoor ronkende motor, scherpe accenten en vooral heel met veel leven. Wie een orkest wil zien dat zit te lachen en genieten en desondanks (of juist daardoor) tot spel van het allerhoogste niveau komt, mag deze Jahreszeiten niet missen. Een zijspoor is dat het Orkest van de Achttiende Eeuw weliswaar merkbaar bezig is met een verjongingsslag, maar dat de kern van het orkest nog steeds bestaat uit musici van het eerste uur. Zowel bij Creed (67) als zijn generatiegenoten in het orkest levert dat een extra vonk op.

Haydns lofzang op de ,,lonende giften der natuur” zit bomvol natuurschetsen die zowel aan het Orkest van de Achttiende Eeuw als het 28-koppige, helder en energiek zingende Cappella Amsterdam zeer besteed blijken. Je hoort vruchten vallen, krekels kraken en onweer donderen. Een hoogtepunt is het jachtkoor met zijn opruiende kwartet van natuurhoorns.

Ook de vocale solisten vullen hun partijen in met humor en energie. Naast de warme bas André Morsch en tenor Marcel Beekman met zijn kraakheldere dictie en geluid is sopraan Ilse Eerens het stralend middelpunt, ,,een lafenis voor de zinnen” zoals zij zelf al zingt.

    • Mischa Spel