Tegenstanders Namenmonument

In de Amsterdambijlage van 6 oktober verklaart R. Vroom dat hij „een groot voorstander van het Namenmonument” voor de in de Tweede Wereldoorlog vanuit Nederland vermoorde joden is. Maar, let wel: „niet van dit ontwerp op deze locatie”. Ik aanvaard in dankbaarheid dat er van hem ergens in Nederland een Namenmonument mag komen, maar heb toch een aantekening. De vergelijking die Vroom maakt met de omdoping van het Stadionplein in Johan Cruijffplein, die niet doorging, geeft mij het gevoel dat hij niet helemaal het belang van de dood van meer dan honderdduizend joden inziet. Misschien geldt dat ook voor de redacteuren van dit katern, dat keer op keer op verwarrende wijze op deze kwestie terugkomt. Zijn dat allemaal buurtbewoners van wat sinds kort het Weesperplantsoen heet, een plek aan de Weesperstraat waar overigens helemaal geen huizen staan? Zou je anders een hele pagina aan de trouvaille van Vroom wijden en het ‘nieuws’ zo presenteren dat het lijkt alsof dat plantsoen ‘definitief’ toch niet de locatie voor het Namenmonument zou worden? Mij snijdt deze vorm van particulier gekleurde berichtgeving elke keer dwars door het hart en het doet me denken aan die andere buurtbewoonster die me toevoegde: „Waarom gaan jullie niet naar Buitenveldert met dat monument.” Je zou je ook kunnen afvragen waarom deze bewoners van de voormalige Amsterdamse Jodenbuurt niet gaan verhuizen als de herinnering aan de oorspronkelijke bewoners ze zo vreselijk hindert.

Max ArianAmsterdam

    • Max Arian