Opinie

    • Arjen Fortuin

Beau’s ontroering was aanstekelijk tijdens het Televizier-Ring Gala

Zap Het was de avond van Beau van Erven Dorens. Hij werd verkozen tot beste presentator en won de hoofdprijs met ‘Beau Five Days Inside’. Zijn ontroering was aanstekelijk.

Beau van Erven Dorens tijdens het Gouden Televizier-Ring Gala (AVROTROS)

Dat De luizenmoeder de Gouden Televizier-Ring niet won vinden wij niet raar, dat vinden wij alleen maar heel bijzonder. De gedoodverfde favoriet werd verslagen door Beau: Five days inside, waarmee het Gouden Televizier-Ring Gala (AVROTROS) een onverwacht slot kreeg – al was Van Erven Dorens in de lange aanloop tot de bekendmaking zo prominent aanwezig dat het de facto een Beau Show werd.

Lees ook: Beau van Erven Dorens wint de Televizier-Ring

Dat begon tijdens De Rode Lopershow, het programma met wandelganggesprekjes , voorafgaand aan het eigenlijke gala. Van Erven Dorens, avondvierdaagsemedaille op de revers, zei daar hoe belangrijk het voor hem was dat hij na twintig jaar kans maakte op een grote prijs. En dat met een programma dat hem zo na aan het hart lag als het inderdaad mooie en intieme Beau: Five days inside. Maar hij maakte zich geen illusies. Vorig jaar was hij genomineerd als beste presentator: „Toen verloor ik van Wilfred Genee. Dan weet je dat je van iedereen kunt verliezen.”

Het wandelgangenprogramma werd deels gepresenteerd door Britt Dekker, die dat geweldig deed, op een volume alsof ze een paard probeerde te bereiken dat net wat ver van haar af in de wei stond. Haar naturel contrasteerde prettig met het vormelijke professionalisme van de meeste galagasten, van wie een aantal zei het Beau enorm te gunnen. Logisch: Van Erven Dorens maakt deel uit van de tv-gemeenschap, de makers van De luizenmoeder zijn daar buitenstaanders.

Eigenlijk is het Televiziergala een best saai programma, door de steeds terugkerende lijstjes genomineerden, mini-interviewtjes met kanshebbers en stemoproepen. Die van Van Erven Dorens was ingetogen en vestigde de aandacht op het hospice en de andere instellingen waar hij voor zijn programma een paar dagen mee had mogen leven – in verschillende betekenissen. Later herhaalde hij het Genee-grapje.

Bij de entr’actes zaten een paar hoogtepunten. Patty Brard gaf een zinderende opsomming van alle vreselijke dingen die Bekende Nederlanders in de loop van hun carrière in beeld moeten doen met ijs, duikplanken, potten, pannen en machtige mannen. („Dat wás mijn loopbaan”, zei Beau later.)


Van een heel andere orde was Ali B., die een ode aan Mies Bouwman mocht zingen, staand voor een kolossaal portret van de overleden televisiekoningin. Het was meer dan zijn gemoed kon hebben: hij schoot vol en raakte in de knoop met zijn stem, zijn tekst – met alles.

Al bij de voorlaatste prijs, de Zilveren Televizier-Ster voor de beste presentator, mocht Van Erven Dorens op het podium komen. Daar maakte hij duidelijk hoe speciaal het voor hem was. Zijn ontroering was aanstekelijk, misschien heeft die hem net het beslissende restje stemmen opgeleverd dat hem naar een winnende 52 procent stuwde.

Over de tranengrens

Even later werd Van Erven Dorens ruim over de tranengrens geduwd door een filmpje waarin zijn vier zoons zeiden zo trots te zijn op hem en zijn programma – de stemming was toen al gesloten. Tussen de andere makers van zijn programma ontving hij daarna de Televizierring (het ding paste om zijn pink); de man die het uiteindelijk het meeste werd gegund.

Een verdiende prijs, om het doorzettingsvermogen waarmee Van Erven Dorens na elke mislukking én na elk succes is blijven zoeken naar nieuwe plannen en programma’s. En uiteindelijk ontdekte hoe hij televisie kon maken door juist niet het hoogste woord te voeren, maar naar de zijkant van het beeld te stappen en daar de wereld over zich heen te laten komen.

    • Arjen Fortuin