Rotterdamse Oogst is geen festival maar een markt voor voedsel uit de buurt

Brief Rotterdamse Oogst is géén voorbeeld van de oprukkende foodtruck-cultuur in Rotterdam, zegt Gerda Zijlstra, directeur Rotterdamse Oogst.

Foto Walter Herfst

Op 22 september stond in deze bijlage het artikel ‘Overal duikt de Foodtruck op’, over de overmaat aan foodtrucks en foodfestivals. Bij dat artikel zijn foto’s geplaatst van de Rotterdamse Oogstmarkt. Prima artikel, misschien wordt het tijd dat er beleid gemaakt wordt voor foodfestivals, maar wél een vreemde keuze van de beeldredactie. Rotterdamse Oogst is nou juist géén illustratie van het beschreven verschijnsel.

Rotterdamse Oogst is een boodschappenmarkt waar je lokale producten bij de makers zelf kunt kopen, kwaliteitsproducten in een transparante korte keten. Duurzaam, gezond, goed voor Rotterdamse makers en de lokale economie. Het aanbod varieert van kraakverse Rhoonse appels voor 1,25 euro per kilo tot bijzondere kazen en kwaliteitsvlees waar niet mee gerommeld is. Bij ons geen afdracht van omzet of bizar hoge tarieven, maar wel serieuze selectie op kwaliteit en herkomst van producten en ingrediënten.

Elke zaterdag komt een club gepassioneerde voedselmakers bij elkaar op het Noordplein om hun producten aan het Rotterdamse publiek te presenteren. Twee keer per maand, op de eerste en derde zaterdagen, groeit die weekmarkt uit tot (toegegeven) een eetfeest; het hele jaar door, niet alleen in het festivalseizoen. Daar staan dan overigens slechts twee ‘foodtrucks’, de twee die door NRC gefotografeerd zijn.

Dat de Rotterdamse Oogstmarkt soms een festivalkarakter heeft, met live-muziek en iets leuks voor de kinderen, komt vooral doordat we in 2009 noodgedwongen niet als markt, maar als festival zijn gestart. De gemeente stond private markten destijds niet toe uit protectionisme. De gemeentelijke warenmarkten hadden en hebben het zwaar. Bezoekersaantallen lopen terug, steeds meer kramen staan leeg. Dat wij iets heel anders voor ogen hadden, geen handelsmarkt maar een makersmarkt, hebben we eerst moeten laten zien. Negen jaar lang om precies te zijn. Sinds mei dit jaar is het, dankzij nieuwe gemeentelijke regels, eindelijk mogelijk om een wekelijkse Oogstmarkt te organiseren. Voorbeeld van ‘de aanhouder wint’.

Als wij ergens een illustratie van zijn, is het van een sociale onderneming die wél een verdienmodel ontwikkeld heeft. Deze bijlage wijdde op 8 september een artikel aan de moeite die sociale ondernemingen hebben om zonder steun te werken. Sinds 2014 opereren wij zonder subsidie.

Ook voor ons geldt dat er sprake is van oneerlijke concurrentie door de overheid. Het jaarlijkse tekort van ruim 1 miljoen euro op de marktbegroting van gemeentelijke markten (40 procent van het totaal), wordt uit algemene middelen bijgepast. Wij betalen dus allemaal mee aan de organisatie van die markten. Rotterdamse Oogst houdt zijn eigen broek op en betaalt juist per vierkante meter, en heeft zo een klein, maar positief effect op de gemeentekas.

De Rotterdamse Oogstmarkt is bovenal een illustratie van het fenomeen dat steeds meer voedsel lokaal wordt geproduceerd. En dat steeds meer Rotterdammers kiezen voor de kwaliteit, de verhalen en de menselijkheid van een nieuw voedselsysteem.

Directeur Rotterdamse Oogst