Groen gazon van louter gras is slecht voor het klimaat

Biologie De tijd van het groene gazon is voorbij, schrijven twee landschapsarchitecten in Science. ‘Laat maar verwilderen.’

Gazon naast verwilderd gras. Foto Getty Images/iStockphoto

Het is tijd voor een nieuwe visie op gazons. Weg met de uniforme, gemillimeterde, perfect groene grasmat – al meer dan drie eeuwen de norm in westerse tuinen, perken en parken. Maak plaats voor wilde bloemen, grassen, kruiden en struiken. Iedereen profiteert: mens, natuur, stad, economie en klimaat. Dat schrijven twee Zweedse stads- en landschapsarchitecten donderdag in een opinie-artikel in Science.

Gazons van het type biljartlaken doken voor het eerst op in het 17de-eeuwse Versailles. Een eeuw later kregen ze een plek in de Engelse landschapsstijl. De keurig onderhouden grasmat kwam voort uit de pastorale visie op de mens als heerser over de natuur, aldus de Zweden. Ook al is die visie achterhaald, toch zijn gazons nog altijd de norm voor tuinen en publieke ruimten. In Zweden bestaat meer dan de helft van de stadse groene ruimte uit gazons. In de VS vormen gazons maar liefst 2 procent van het hele landoppervlak, en zijn ze na de eetbare gewassen de meest geïrrigeerde vorm van landgebruik.

Rapporten over het vergroenen van steden en tuinen noemen vaak de voordelen van grasmatten: ze nemen koolstof op, laten regenwater de bodem in zakken, gaan erosie tegen en koelen de lucht af. Bovenal hebben ze esthetische en recreatieve waarde: mensen vinden ze mooi, associëren ze met natuur en brengen er graag hun vrije tijd op door.

De auteurs van het artikel in Science zijn veel kritischer. Gras tempert klimaatextremen veel minder goed dan bijvoorbeeld bomen of struiken, schrijven ze. En gras vergt veel onderhoud: gemotoriseerd maaien doet de positieve klimaateffecten van het gras meteen teniet. Driekwart van het watergebruik van Amerikaanse huishoudens gaat op aan het besproeien van de gazons, die jaarlijks ook 27 miljoen kilo pesticiden vergen.

Kortom, tijd voor een cultuuromslag, zo stellen de auteurs. Op sommige plekken in Zweden, Groot-Brittannië en Duitsland experimenteren stadsarchitecten al met openbare ruimten waar de natuur haar gang kan gaan. Daar verschijnen allerlei soorten bloemen en kruiden, die vlinders, vogels en andere biodiversiteit aantrekken: new lawn thinking. Het publiek ziet de voordelen: het nieuwe type grasveld heeft niet alleen gunstige klimaateffecten, maar is ook onderhoudsarm en natuurvriendelijk. Het enige wat nu nog ontbreekt, is een nieuwe norm voor wat we mooi en beschaafd vinden, besluit het artikel in Science.

    • Nienke Beintema