Een eigenzinnige speler met Nigeriaans bloed

Arnaut Danjuma Groeneveld

Schijnbaar vanuit het niets is hij debutant in het Nederlands elftal. Het gaat razendsnel met Arnaut Danjuma Groeneveld, speler van Club Brugge.

Oranje-debutant Arnaut Danjuma Groeneveld haalt kracht uit de Koran. „Je hoeft niet bang te zijn, god is altijd met je. Dat geeft me rust.” Foto Koen van Weel/ANP

De laatste streepjes zonlicht verdwijnen zondagavond van de tribunes van stadion Sclessin. We komen voor de sensatie van de Belgische Pro League, voor Arnaut Danjuma Groeneveld, maar zien in Luik een flankspeler die negentig minuten ‘vuile meters’ maakt op links in een wedstrijd die niet te winnen valt.

Groeneveld (21) lost geen schot, creëert niet één kans. Wel maakt hij een fatale uitglijder op de middenlijn. Na de wedstrijd zet hij zijn rolkoffertje weg. Hij wil best even praten na een week waarin toch twee levensdoelen bereikt werden. Met een vlammend afstandsschot scoorde hij in het Champions League-duel tegen Atlético Madrid. Twee dagen later werd hij geselecteerd voor Oranje. Voor het gesprek goed en wel begonnen is, maakt een persmedewerker er een eind aan. „Je weet dat je nu niet mag praten”, zegt hij tegen Groeneveld. Drie andere Club Brugge-spelers zijn aangewezen om de pers te woord te staan. „Clubbeleid.” En zo verdwijnt hij de bus in.

De contradictie is sterk. In Nederland hebben maar weinigen van hem gehoord. Bijna uit het niets werd hij geselecteerd voor Oranje nadat hij, ook dit jaar, voor het eerst bij de selectie van Jong Oranje zat.

Zelfs de KNVB moet er nog even aan wennen. Bij die eerste selectie afgelopen maart, spreekt het persbericht nog van Arnout met een ‘o’. Ook staat er nog enkel Groeneveld. Danjuma, de tweede naam in zijn paspoort, besloot hij later als naam achterop zijn shirt te willen dragen. ‘Op vrijdag geborene’ betekent het, te danken aan zijn Nigeriaanse roots.

In de Belgische competitie speelt hij alle wedstrijden van begin tot eind, met succes ook. Vier doelpunten en drie assists in tien competitiewedstrijden. En dé goal tegen Atlético dus in de Champions League.

Geen profcontract bij PSV

Groeneveld sleet zijn tienerjaren bij PSV, de huidige club van de andere drie debutanten in de selectie voor het duel tegen Duitsland, zaterdag. Waar het Pablo Rosario, Denzel Dumfries en Steven Bergwijn wel lukt in Eindhoven, zat er voor hem geen profcontract in. Steeds meer teamgenoten kwamen met een auto van de club, hij na acht jaar nog steeds met de trein vanuit Oss.

Daar woonde hij bij zijn vader, na heel wat gedoe met jeugdzorg en pleeggezinnen. Groeneveld werd net als zijn zus, broer en zusje geboren in de Nigeriaanse stad Lagos. Zijn Nederlandse vader reisde veel voor zijn werk en ontmoette zo de moeder van Groeneveld, een Nigeriaanse vrouw. Toen hij vier jaar was, verhuisde het hele gezin naar Nederland. Twee jaar later gingen zijn ouders uit elkaar.

Waarom lukte het niet bij PSV? Toenmalig hoofd jeugdopleiding Art Langeler van PSV, nu manager voetbalontwikkeling bij de KNVB en de coach die Groeneveld eerder dit jaar liet debuteren in Jong Oranje, onthoudt zich van commentaar voor dit artikel. Volgens toenmalig technisch directeur Marcel Brands had hij „een aantal jongens voor zich op zijn positie” en hij speelde niet altijd. „Hij hoefde zeker niet weg, maar hij koos voor een perspectief waarbij hij meer zekerheid had om te spelen.”

Geen wrok

Zelf voelt Groeneveld, die woensdag wel de pers te woord mag staan voorafgaand aan de training van Oranje in Zeist, zich wat tekortgedaan door PSV. Maar wrok? Nee. „Voor sommigen lukt het wel, voor anderen niet. Dan moet je iets anders proberen.” Dat anders werd NEC.

In Nijmegen komt hij als 18-jarig talent onder de hoede van trainer Peter Hyballa die hem naar het eerste haalt. „Toen heb ik hem weer teruggezet. Om te prikkelen. En weer bij de selectie gehaald.” Groeneveld begint direct te schateren als de naam van Hyballa valt. De „haat-liefde relatie” zoals de coach het al noemde, bij deze met een grote grijns bevestigd.

Toen Club Brugge afgelopen voorjaar belde om een referentie, hield Hyballa een betoog over een jonge prof bij wie tijdig de knop omging. Iets waar Groeneveld zich niet helemaal in herkent. „Ik denk niet dat ik een knop heb moeten omzetten. Wel heb ik het altijd op mijn manier gedaan. Dan is er weleens onenigheid.”

Onenigheid. Volgens Groeneveld zelf ook een van de redenen dat het bij PSV niet gelukt is. Een moeilijke jongen? „Nee. Eigenwijs misschien. Ik ben iemand die zelf nadenkt, een mening heeft. Sommige trainers hebben liever dat je gewoon doet wat ze zeggen.”

Meer potentie

Wesley Sonck, oud-spits van onder meer Club Brugge en Ajax, ziet een jongen „met meer potentie” dan de speler die Groeneveld opvolgt bij Club Brugge. Dat is Anthony Limbombe, die ook via NEC bij Club Brugge kwam en het tot Rode Duivel schopte. „Vooral hier oogt hij stabieler”, zegt Sonck terwijl hij naar zijn hoofd wijst.

Sonck vindt het maar vreemd dat Nederlandse clubs niet happiger waren op de speler die zich bij NEC in de eerste divisie in de kijker speelde en speler van Jong Oranje werd. Interesse was er wel degelijk, stelt Groeneveld. Ook vanuit de topclubs. Maar de keuze voor een niet-Nederlandse club was een heel bewuste. „Dat leek me beter voor mijn ontwikkeling.” Wie durft hem nog ongelijk te geven na zo’n seizoensstart?

Eén minuut tegen Duitsland deze zaterdag en er gaat een definitieve streep door het Nigeriaanse elftal, waarvoor Groeneveld met zijn dubbele nationaliteit ook had kunnen spelen. Waar de keuze voor een niet-Nederlandse club een heel bewuste was, is dit er een op gevoel. „Kiezen voor een nationaal team doe je met je hart. Niet op basis van andere dingen.”

Spelen voor Nigeria

Dat anderen met een dubbele nationaliteit niet voor Oranje kozen, kan hij dus goed begrijpen. Natuurlijk heeft hij er als kleine jongen nog weleens aan gedacht, spelen voor Nigeria. „Ik ben daar geboren, maar hier opgegroeid, naar school geweest. Nederland heeft alles voor me gedaan. Ik hou van Nigeria, maar nog iets meer van Nederland.”

Groeneveld zit vol diepzinnigheden. Zo bleek wel uit een interview met het Belgische Sport/Voetbalmagazine waarin hij zei: „Hoe hoger je komt, hoe eenzamer je wordt.” In Zeist maakt hij diezelfde indruk. Naast het trainingsveld vertelt hij hoe zijn geloof, de islam, hem kracht en vertrouwen geeft.

Het zijn vooral de heldere teksten uit de Koran die het doen. „Je hoeft niet bang te zijn, god is altijd met je, bijvoorbeeld. Dat geeft me rust.” Opnieuw is er dan een persmedewerker die het gesprek afkapt. Groeneveld moet snel de kleedkamer in om zijn voetbalschoenen aan te trekken. De andere drie debutanten komen ondertussen al, samen, het veld op. Groeneveld, door alle interviews opgehouden, sluit als een van de laatsten aan.

    • Bart Hinke
    • Maike van Leeuwen