De ‘detectives’ van de ware voetbalhistorie

Ontstaan Nederlands voetbal Twee sporthistorici onderzochten de herkomst van het voetbal in Nederland. Al in 1789 werd er gespeeld op de Gooweg tussen Noordwijk en Noordwijkerhout. „Het Nederlands voetbal komt systematisch uit Engeland.”

Teamfoto HFC, van 27 april 1890. Zittend op de grond, derde van links: Pim Mulier. Bron Gedenkboek HFC 1919.

Het voorjaar van 1789, een sportdag op de internationale kostschool van Joseph de Veer in Noordwijk. Aan het slot wordt een pot ‘football’ gespeeld, om beslissing te brengen nadat het hardlopen en worstelen gelijk is geëindigd. Acht Engelse jongens nemen het op tegen een groep met onder anderen Nederlandse, Duitse, Franse, Poolse en Russische leerlingen. „Grim-fac’d looking souls”, schrijft de Britse leerling John Skinner over de tegenstander, in een van zijn 27 brieven aan het thuisfront. Vrij vertaald: grimmig ogende zielen.

De wedstrijd is niet op een veld, maar op de openbare weg: de Gooweg tussen Noordwijk en Noordwijkerhout, over een afstand van zo’n vier kilometer. Halverwege de weg wordt afgetrapt. De Engelsen moeten de bal in Noordwijkerhout proberen te krijgen, het andere team juist in Noordwijk. ‘Mob football’ heet deze primaire vorm: voetbal van de menigte, waarbij complete dorpen tegen elkaar spelen.

Skinner (toen 16) introduceerde deze voorloper van voetbal in Noordwijk, met zijn drie jaar jongere broer Edward. Toen John zag dat hier niet werd gecricket en gevoetbald, vroeg hij zijn moeder in Londen zijn sportspullen te sturen.

Later doet hij per brief verslag van het duel, in een schitterend rijm. Een passage daaruit:

The Foot-Ball brought, the party set / The English club, and form a bet

That they would kick and drive about / From Noordwyk to the Wyk op Hout

Het spel golft op en neer. Het gaat er ruw aan toe. Er wordt tegen schenen geschopt. Skinner trekt de vergelijking met de Trojaanse oorlog, door het „tumult” en de bal die alle kanten opvliegt. De Engelsen winnen ondanks een numerieke minderheid. Ze trakteren op drank in een herberg in Noordwijkerhout, betaald van de opbrengst van de weddenschap.

Het is voor zover bekend de eerste uitvoering van de oervorm van voetbal op Nederlandse bodem. Het staat gedetailleerd beschreven in het goed gedocumenteerde boek Hoe voetbal verscheen in Nederland, dat komende vrijdag uitkomt. Het is van de hand van sporthistorici Jan Luitzen (57) en Wim Zonneveld (68) en verschijnt als speciale uitgave van het historische blad de Sportwereld, dat tweehonderd abonnees heeft en vier keer per jaar uitkomt.

Het boek is een vervolg op Kicksen en Wickets, over de overgang van cricket naar voetbal in de negentiende eeuw, dat vorig jaar als special werd uitgegeven in tijdschrift Hard Gras. In het nieuwste boek hebben ze, in hun woorden, „een paar nieuwsprimeurs” over de ontstaansgeschiedenis van het Nederlands voetbal. Zoals de ontdekking in Noordwijk, al was dat dit voorjaar al beknopt beschreven door Jeroen Verhoog in De Blauwdotter, een lokaal historisch blad.

Luitzen en Zonneveld werken nu ruim vier jaar samen bij hun onderzoek, vertellen ze in een café in Amsterdam. Luitzen is docent taal aan de Hogeschool van Amsterdam en doet promotieonderzoek aan de Radboud Universiteit naar de introductie van cricket en voetbal in Nederland. Zonneveld is emeritus hoogleraar linguïstiek en zocht contact met Luitzen, kort nadat hij met pensioen ging. Hij wilde zich verdiepen in de opmars van de Engelse sportcultuur in Nederland en stelde voor samen op te trekken.

Sportgeschiedenisonderzoek is een ondergeschoven kindje, zeggen ze. Hoe en waar het voetbal in Nederland is ontstaan, is tot dusverre slechts sporadisch serieus en academisch onderbouwd onderzocht. Mede daarom voelen ze de „verantwoordelijkheid” om het nu goed te reconstrueren.

Speelweide bij kostschool Noorthey, rond 1855. Gravure van Petrus Josephus Lutgens. Beeld Erfgoed Leiden en omstreken.

Zoeken met een vergrootglas

Het is verslavende materie, zeggen ze knikkend. Het is zoeken met een vergrootglas – vaak letterlijk. Luitzen: „Het is een soort detectivewerk.” Artikelen uit kranten en weekbladen, en archieven van clubs, gemeenten en individuen zijn de voornaamste bronnen. Doordat steeds meer materiaal digitaal beschikbaar komt, komen ze meer op het spoor.

Zoals de bevindingen over jongenskostschool Noorthey bij Voorschoten. Dat is de plek waar vanaf 1877-1878 ‘het eerste enigszins gestructureerde moderne voetbal wordt gespeeld’, schrijven ze. Dit gebeurt onder invloed van de jonge Engelse leraar John Joseph Helsdon Rix. Hij is de aanjager van cricket, voetbal en hockey op de school en is door zijn sportieve instelling populair bij de leerlingen.

Uit de beschrijving van een ingezonden artikel uit december 1877 van Helsdon Rix in het Noortheysch Nieuwsblad, de kostschoolkrant, kan worden geconcludeerd dat er op Noorthey een variant van ‘association football’ wordt gespeeld: hij legt expliciet het verschil tussen voetbal en rugby uit, minder ruw en met minder gebruik van de handen. Een vorm van voetbal, als voorloper van hoe de sport nu wordt gespeeld.

In de vervolgstukjes van leerlingen in het Noortheysch Nieuwsblad over de onderlinge partijtjes op de school, blijkt dat het neerzetten van doelpalen onderwerp van gesprek was. Luitzen: „En ze zeggen: we moeten een touw spannen, want we kunnen niet zien of hij over het hoofd [van de doelman] ging of eronder. Dat is een vorm van association football.”

Net als in Noordwijk, bijna negentig jaar eerder, is er hier in Voorschoten een sterke link met Engelsen die het voetbal verspreiden. Daarmee wordt de rol van Engeland als grondlegger van het voetbal bevestigd. Zonneveld: „Het Nederlands voetbal komt systematisch uit Engeland.”

De eerste serieuze ‘football-match’ in Nederland tussen twee clubs – en twee steden – vindt op zondag 21 november 1886 plaats op de Koekamp in Haarlem: de Haarlemsche Football Club (HFC) tegen het Amsterdamse “Sport”, consequent met dubbele aanhalingstekens geschreven. “Sport” wint met 5-3 en wint ook de return een maand later in het Vondelpark, dan met 3-0. Captain bij HFC én schrijver van het verslag in weekblad Nederlandsche Sport: sportpionier Pim Mulier.

In Enschede claimen ze echter dat dáár de eerste voetbalwedstrijd heeft plaatsgevonden, tussen EFC en PW. Er is door die laatste club een uitnodiging verstuurd voor een ‘match’ in augustus 1886, op het Volkspark. Maar er is geen bewijs – verslag, uitslag of foto’s – dat dit duel daadwerkelijk heeft plaatsgevonden, zegt Luitzen. „EFC stelt de ontmoeting uit en daardoor voetballen de twee Enschedese clubs pas voor het eerst tegen elkaar in 1887. Een gemiste kans.” Hij voegt toe: „Tot er bewijsmateriaal opduikt. Dan zijn we de eerste om het te erkennen.”

Data van Pim Mulier weerlegd

De grootste mythe die ze ontkrachten is de oprichtingsdatum van de Koninklijke HFC, van 15 september 1879, waarmee het de oudste voetbalclub van Nederland is. Die datum, zo betogen de historici op basis van verschillende documenten, is door toenmalig voorzitter Mulier – gezien als de grondlegger van de moderne sport in Nederland – naar zijn hand gezet. De datum is in eerdere publicaties ook al betwist.

Zonneveld en Luitzen heeft nu nieuw, redelijk explosief bewijsmateriaal gevonden. Belangrijk daarin is briefverkeer binnen de familie Van Lennep, aangedragen door de Helmondse sportonderzoeker Hans Warnar. Daaruit blijkt dat het cricketclubje Rood en Zwart van de tieners Pim Mulier en David van Lennep vanaf herfst 1881 tot diep in 1882 rugby speelt. Rood en Zwart transformeert in december 1882 tot ‘de Voetbalclub’ of ‘Haarlemsche Football Club’ als het van rugby overstapt op voetbal.

Meer bewijs komt van Kees Pleyte, in die jaren de bestuurlijke evenknie van Mulier. Hij schrijft in een enquête die in 1904 werd gehouden onder (oud-)leden dat de oprichting in ‘± 1883’ was. ‘Dat de oprichting vóór dien tijd zou hebben plaats gevonden, is onjuist en slechts een verzinsel van den Heer Mulier.’ Zij beschouwen Pleyte als een gezaghebbende bron omdat hij in die cruciale Haarlemse sportjaren 1881-1890 ook overal bij was en meebesliste.

Luitzen en Zonneveld schrijven dat het in Haarlem tussen 1883 en het najaar van 1886 oorverdovend stil is als Mulier op kostscholen in het buitenland zit. Als hij terug is en bestuurslid wordt van cricketclub Rood en Wit, functioneert de Haarlemsche Football Club eind 1886 ‘aantoonbaar’ als voetbaltak van Rood en Wit. Pas vanaf eind 1887 profileert HFC zich als zelfstandige voetbalclub, met een eigen bestuur en spelers.

‘Veel sporthistorische ellende’

Ze noemen het gebruik van jaartallen door Mulier ‘uiterst onbetrouwbaar’ en dit zorgt voor ‘veel sporthistorische ellende’. HFC hanteert de oprichtingsdatum nog altijd, het staat in de statuten en prominent op verschillende plekken op het terrein. HFC-voorzitter Dirk Jan Rutgers zegt dat eventuele aanpassing van de oprichtingsdatum „niet aan de orde” is. Luitzen en Zonneveld zijn daar ook niet op uit – ze doen onderzoek.

Ze vinden 17 december 1882 als oprichtingsdatum ‘het meest voor de hand liggend’, omdat die datum voorkomt in de Sportalmanak 1888, doorgegeven door het toenmalige bestuur van HFC, met Pim Mulier als president.

HFC verleende de twee onderzoekers vrije toegang tot het archief. Zonneveld: „Ze kijken bij HFC ambigu tegen ons aan. Ze vinden het leuk dat we dit uitzoeken, maar het is aan de andere kant voor hen ook wel jammer dat het dit oplevert.”

Correctie, 13-10-2018: eerder stond er abusievelijk dat HFC zich vanaf eind 1987 profileert als zelfstandige voetbalclub. Correct is: 1887. Dit is aangepast.

    • Steven Verseput