Niet meer willen leven zonder straf: ‘Hij weet me in toom te houden’

Slaan Of ze van huiselijke discipline had gehoord, vroeg de man. Begeleiding met lijfstraffen. Nee, zei Sofie Rozendaal. „Ik denk dat dát is wat jij nodig hebt”, zei hij.

Foto’s istock, bewerking NRC

Of ik ooit ben geslagen. Valentijnsdag 2016, samen met mijn date zit ik in de trein naar huis. Het is de derde keer dat we op stap zijn geweest en ik weet nog steeds niet wat ik van hem moet denken. Hij is charmant en de gesprekken lopen soepel, maar hij heeft ook iets aanmatigends. De manier waarop hij de serveerster riep in het café waar we zaten. Hoe hij per se eerste klas wil reizen en erop staat alles voor mij te betalen. Geen discussie mogelijk. Enerzijds vind ik zijn dominante, ouderwetse opvattingen onuitstaanbaar. Maar anderzijds prikkelt het me op een manier die ik niet goed kan plaatsen. En uit het niets, middenin een doodstille treincoupé, stelt hij die vreemde vraag.

„Geslagen, door iemand die me pijn wilde doen?” vraag ik onthutst. „Gelukkig niet.”

„Of dat zo gelukkig is weet ik niet”, reageert hij onverstoord. „Je zei dat je soms moeite hebt met regelmaat.”

Dat klopt: ik had hem verteld dat ik het eigenlijk heerlijk vind om single te zijn. Dat ik geniet van het feit dat ik met niemand rekening hoef te houden en alles zelf bepaal. Mijn freelanceberoep onderstreept die vrijheid. Toch betrap ik mezelf soms op onrust en stuurloosheid. Zal ik nu eten of later? De wekker zetten of uitslapen?

„Heb je weleens van huiselijke discipline gehoord?” vervolgt hij.

Het antwoord is nee. Hij buigt zich naar me toe en legt vaderlijk een hand op mijn arm. „Ik denk namelijk dat dát is wat jij nodig hebt.”

Dan begint hij te vertellen. Dat huiselijke discipline een uiterste effectieve manier is om je doelen te behalen. Het draait om een soort machtsverhouding tussen twee mensen. Een begeleider en een ‘ontvanger’. In overleg worden er regels opgesteld over hoe om te gaan met bijvoorbeeld huishoudelijke taken, studie, carrièredoelen of andere zaken waarbij je een stok achter de deur nodig hebt. Letterlijk.

Want als regels of afspraken worden overtreden volgt er straf. Dat kan emotioneel zijn: ‘je stelt me teleur’, praktisch in de vorm van corvee of fysiek in de vorm van spanking. Niet te verwarren met een paar speelse tikjes voor seksuele spanning: huiselijke discipline mag op geen enkele manier aangenaam zijn. Erotiek heeft er dus niets mee te maken. Hoewel huiselijke discipline voorkomt binnen liefdesrelaties kan er ook externe begeleiding worden gezocht. En ik blijk geluk te hebben: hij is zelf zo’n begeleider.

Fora met gelijkgestemden

Als ik ben bekomen van de verbazing vraag ik hoe hij hier in vredesnaam mee in aanraking is gekomen. Hij vertelt dat tijdens zijn studie een vriendin gekscherend opmerkte dat ze wel eens een harde hand kon gebruiken. Ze had zojuist een tentamen verprutst en na haar opmerking legde hij haar spontaan over de knie. Ze schrok zich kapot, maar de dreiging van mogelijke herhaling had zo’n effect dat ze de herkansing glansrijk haalde. Hij vond dat gegeven dermate intrigerend dat hij via fora meer informatie zocht. Zo kwam hij in contact met gelijkgestemden, onder wie veel jonge vrouwen. Sindsdien begeleidt hij er gemiddeld drie tegelijk, afzonderlijk van elkaar. De relaties zijn overwegend platonisch. Hij vindt het straffen niet zozeer leuk om te doen, maar het werkt fantastisch en hij is er opvallend goed in.

„Misschien ben je een sadist”, opper ik.

„Zeker niet, meisje”, reageert hij minzaam. „Op het moment dat ik iemand straf wordt er gesmeekt en gehuild. Maar daarna volgt er troost. En als ik zie dat doelen worden behaald, ben ik apetrots. Dat is het enige wat ik wil: mensen helpen.”

„Mensen? Je bedoelt meisjes. Want mannen met een strafbehoefte hoeven bij jou niet aan te kloppen. Toch?” vraag ik kritisch. Zijn blik verandert.

„Mijn handen jeuken. Jij bent bij uitstek iemand die baat zou hebben bij een autoritaire aanpak. Je mag me altijd bellen.”

Het was de laatste keer dat ik hem zag. Maar ik moest onlangs aan hem denken. Een van mijn vriendinnen is opvliegend. Ze is feminist en hield het bij geen man uit, tot ze haar huidige vriend ontmoette. Toen ze weer eens een van haar buien had pakte hij haar hardhandig vast, zette haar tegen de muur en siste dat ze moest ophouden. Want anders. „Ik wist niet wat me overkwam”, zei ze. „In eerste instantie wilde ik me losrukken. Maar gek genoeg kwam er een enorme rust over me. Sindsdien heeft hij me nog een paar keer zo streng gecorrigeerd. Het werkt onmiddellijk. Hij weet me in toom te houden zoals ik dat zelf niet kan. Het is heerlijk dat ik weet waar ik aan toe ben en hij zich over me ontfermt.”

Dat ik eerder dacht in termen van bedreiging en mishandeling, wilde ze niet horen. Vervolgens moest ik denken aan mijn dominante date. Hoe bizar ik zijn verhaal destijds ook vond, er zijn blijkbaar wel degelijk mensen die behoefte hebben aan zoiets.

In Nederland is huiselijk geweld verboden. Sinds 2007 valt daaronder ook de corrigerende tik bij kinderen. En terecht, want slaan is een aantasting van iemands waardigheid en fysieke integriteit. Ook mijn ouders dachten daar gelukkig zo over. Ik genoot een vrije opvoeding waarin we gelijkwaardig waren. Dat gold voor veruit de meerderheid van mijn vrienden. En toch zijn het voornamelijk mensen van mijn generatie die aan huiselijke discipline doen, concludeer ik uit de vele berichtjes op verschillende fora. Is er in deze vrijgevochten tijd onbewust een hang naar een meer ouderwetse samenleving? Met traditionele rolpatronen, sociale conventies, beperkingen en een grotere schroom voor autoriteiten? Het rietje van de bovenmeester?

We leven in een geïndividualiseerde sociale omgeving, stelt Mark van Ostaijen, bestuurssocioloog verbonden aan Tilburg University. Hij debuteert in oktober met zijn boek Wij zijn ons, en toont daarmee de rijkheid van sociologie in het begrijpen van alledaagse verschijnselen. Het valt hem op dat discipline en controle steeds meer samenkomen bij het individu. „In de supermarkt kunnen we scannen zonder gecontroleerd te worden. Zo werkt ook de OV-chipkaart en zelfs op vliegvelden kan de bagage worden ingecheckt zonder medewerker. Die technologische vernieuwingen appelleren aan het idee van steeds verdergaande vormen van zelfdiscipline bij het individu. Wij controleren onszelf, op die momenten. Maar in mijn optiek gaat vrijheid, zoals keuzevrijheid, niet gepaard met ongedisciplineerdheid. Anarchisme mondt uit in tirannie. Vrijheid heeft juist kaders nodig om te bestaan. Die kunnen worden gesteld door bijvoorbeeld een organisatie, de overheid of je ouders. Als die kaders er niet of onvoldoende zijn, gaat iemand daarnaar op zoek.Structuur en bepaalde normen blijken noodzakelijk om richting te kunnen geven aan het leven. Om jezelf aan af te meten.”

Kwade wiskundedocent

Bij Annemijn (37) uit Amsterdam speelde dat een duidelijke rol in het ontstaan van haar huiselijke discipline-relatie. „Mijn ouders zijn hippies”, zegt ze. „Een mooiere jeugd had ik me niet kunnen wensen. Ik kreeg van jongs af aan de vrijheid om volledig mezelf te zijn. Om te zeggen wat ik dacht, mijn eigen keuzes en fouten te maken. Mijn ouders hebben een groot inlevingsvermogen en dat brachten ze op mij over. Er was dus veel harmonie. Maar op school presteerde ik slecht. Thuis had dat geen consequenties: als ik maar gelukkig was. Van gymnasium ging ik naar havo en nog steeds haalde ik slechte cijfers.

„Tot we een nieuwe wiskundedocent kregen. Hij was berucht om zijn strengheid. Kwaad dat hij werd als ik mijn huiswerk niet maakte! Voor het eerst in mijn leven was ik bang voor iemand. Maar aan het eind van het jaar stond ik een dikke negen. Hij complimenteerde me. „Je hebt de hersenen om veel te bereiken, maar jij moet gestimuleerd worden”, zei hij. Dat was het moment waarop ik besefte dat ik iets nodig heb dat mijn ouders me niet gaven. Regels, afgerekend worden op mijn gedrag. Gedwongen worden het beste uit mezelf te halen.

Als ik er een zooitje van maakte moest ik bij hem komen. Dan kreeg ik een fiks pak slaag. Blauw was de norm

Juliet (26)

„Dat besef had invloed op mijn partnerkeuze. Hij moest bazig zijn, me aanpakken. Toen ik mijn man ontmoette ging dat een stap verder. Hij had al ervaring met bdsm en bracht huiselijke discipline in onze relatie. Ik vind het niet leuk als hij me straft, maar het is goed voor me. In het begin ervaar ik weerstand en schaamte, maar halverwege voel ik dat mijn hoofd leeg wordt. Na afloop is er rust, troost, dankbaarheid en liefde.

„Wat ik mooi vind is dat hij in het dagelijks leven een van de zachtaardigste personen is die ik ken. Ook tegenover onze kinderen: hij is allesbehalve een autoritaire vader. Binnen ons gezin is harmonie het belangrijkste. We zouden onze kinderen nooit pijn kunnen doen. Huiselijke discipline is dus iets tussen ons, waar we uiterst discreet mee omgaan. Het houdt ons als mens in balans en geeft de relatie diepte.”

‘Opgelucht door striemen’

Maar soms is de discipline extremer, zoals blijkt uit het verhaal van Juliet (26) uit Delft. „Ik ben altijd heel streng voor mezelf geweest”, zegt ze. „Waar dat vandaan komt, geen idee. Ik heb een prima jeugd gehad en lieve ouders. Maar ik worstel met een laag zelfbeeld. Toen ik begin twintig was raakte ik verzeild op een forum rondom spanking, waar ook huiselijke discipline werd besproken. Ik reageerde op een oproep van een begeleider. Onze eerste afspraak vond ik doodeng, maar het klikte. We besloten ons te richten op mijn dieet en huishoudelijke taken. Ik stuurde hem foto’s van mijn maaltijden en kamer. Als ik er een zooitje van maakte moest ik bij hem komen. Dan kreeg ik een fiks pak slaag. Niet een paar klapjes, maar een afranseling met riemen, paddles of andere voorwerpen. Blauw was de norm.

„Nu, jaren later, wil ik niet meer leven zonder straf. Het klinkt extreem, maar ik heb het nodig om mezelf te kunnen vergeven en schuldgevoelens los te laten. Als ik mijn blauwe plekken en striemen zie voel ik me opgelucht. Via internet ken ik veel mensen met dezelfde behoeftes. Zowel mannen als vrouwen. ”

Je kunt je afvragen of een relatie met zo’n duidelijke machtsverhouding gezond is

Mark van Ostaijen, bestuurssocioloog

Huiselijke discipline doet mij persoonlijk denken aan mishandeling en onderdrukking. Hoe kijkt Van Ostaijen daar als socioloog tegenaan? „Hoewel ik hiernaar geen onderzoek heb gedaan, komt het op mij over als een extreme uiting van innerlijke zelfdwang. Vergelijkbaar met het soort discipline van een eetstoornis. Je kunt je afvragen of het gezond is, een relatie waarin sprake is van zo’n duidelijke machtsverhouding. Want macht wordt altijd gemedieerd, bijvoorbeeld door liefde of door geld. Als je iemand geld geeft kan je iets verkrijgen wat je eerder niet had. Zo ook met liefde. Door liefde te geven kan je invloed uitoefenen op de ontvanger. Daarbij kan machtsongelijkheid optreden. Dat meen ik hier te zien, geweld, pijn en straf als manier om betrokkenheid, affectie en liefde te tonen. Dat klinkt paradoxaal en is het feitelijk ook.”

Écht vrijwillig

Een belangrijke voorwaarde is volgens Van Ostaijen dat beide partijen echt vrijwillig voor deze relatievorm kiezen en de rolpatronen helder zijn. „Ieder mens heeft te maken met verschillende rollen. We zijn niet alleen ons beroep, partner, kind of ouder. Onze rollen kunnen sterk contrasteren. Hoe verschillend ook, die rollen complementeren elkaar en maken je tot wie je bent.

„Maar op het moment dat een rol uit zijn context wordt gehaald of dat je de rol ontgroeit, kan er een rolconflict ontstaan. Dat laatste wordt problematisch wanneer een relatie volledig gebaseerd is op die rolpatronen en daar geen discussie over mogelijk is. Als er liefde wordt geuit door middel van straf en een van de twee wil dat niet meer, zet dat de hele relatie op zijn kop. Want hoe moet je dan liefde tonen aan elkaar? Het gevaar schuilt er vooral in dat je uit angst om de ander te kwetsen ongewenst in een rol blijft.”

En daarmee komen we bij de vraag: is er sprake van mishandeling bij huiselijke discipline? „Dat is lastig, met name wanneer beiden gelukkig zijn met hun respectievelijke rol. Maar zodra een van de twee het alleen nog doet om de ander te plezieren, kan dat problematisch worden. Het is een wankel evenwicht als die machtsongelijkheid niet alleen de vorm is waarin liefde wordt getoond, maar tevens leden beperkt in het beëindigen daarvan.”

En hoe zit het met mijn rollen? Misschien schuilt er inderdaad diep van binnen een onderdanig meisje in mij, dat soms verlangt naar sturing en autoriteit. Maar de rol van vrije feministe overheerst vooralsnog ruimschoots. Dan maar niet op tijd eten, of te laat naar bed gaan. Ik bepaal het liever helemaal zelf. Toch besluit ik het nummer van mijn dominante date te bewaren. Voor het geval er ooit een rolconflict optreedt en ik begeleiding nodig heb.