Recensie

Topstukken op expositie over Egyptische goden in Leiden

Oudenheden in Leiden

Bij zijn afscheid van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden toont professor Maarten Raven fascinerende Egyptische beelden, met bruiklenen uit Parijs en Londen.

Ramsfinx met koning Taharqa, rond 690 voor Christus: 1500 kilo zwaar wonder uit het British Museum, nooit eerder uitgeleend, nu in Leiden te zien Foto RMO

Wie denkt dat op de grote tentoonstelling Goden van Egypte in het Rijksmseum van Oudheden in Leiden een overzicht gegeven wordt van alle goden van het oude Egypte die komt bedrogen uit. „Niet alleen zou dat praktisch onmogelijk zijn, het Egyptische pantheon kende vele honderden goden, het zou ook niets toevoegen aan onze kennis”, aldus professor Maarten Raven, samensteller van deze tentoonstelling. „Ik wilde met deze tentoonstelling vooral iets laten zien van de structuur achter het Egyptische veelgodendom.”

Dus gaat Goden van Egypte vooral over filosofische vraagstukken die samenhangen met het wereldbeeld van de oude Egyptenaren, en over de praktische verwerking daarvan in de toenmalige staatsinrichting en maatschappij. Raven: „Zo wil ik de bezoeker indirect op het spoor brengen van de idealen van de oude Egyptenaren, van hun wereldbeeld, hun gevoel voor orde en rechtvaardigheid. Want alle Egyptische cultuuruitingen waren gebaseerd op dat geloof: de staatsvorm, de sociale verhoudingen, de kunsten en wetenschappen, de omgang met andere volkeren en de zorg voor de doden.”

Bruiklenen uit Louvre en British Museum

Het resultaat van Ravens intellectuele zoektocht heeft een fascinerende tentoonstelling opgeleverd. Het is een reis door de oud-Egyptische gedachtewereld aan de hand van ruim vijfhonderd schitterende en soms verbazingwekkende voorwerpen: enorme godenbeelden, maar ook kleine amuletten, papyri, sieraden en gebruiksvoorwerpen. Allemaal stukken die iets laten zien van het grote belang van religie in deze samenleving. Een groot aantal van de voorwerpen is afkomstig uit grote buitenlandse collecties. Vooral het Louvre en het British museum hebben voor deze tentoonstelling een aantal topstukken uitgeleend.

De Egyptische god Thot als mantelbaviaan, met gouden zon, snuit en sikkel zilver; ongeveer 330 v Christus. Bruikleen uit Louvre. Foto RMO

Het moois begint eigenlijk al voordat je de feitelijke tentoonstelling op eerste etage binnengaat. Want op de begane grond van het museum staat een geweldig beeld van een Sphinx, een enorme ram met tussen zijn poten de farao. Dit beeld, dat de goddelijkheid van de betreffende farao moet benadrukken, is afkomstig uit het British Museum en is in de afgelopen eeuw nog nooit eerder uitgeleend. Alleen al om dit ruim 1500 kilo zware wonder van Egyptische beeldhouwkunst te aanschouwen zou je nu naar Leiden moeten gaan. Andere topstukken zijn het schitterende dubbelbeeld van Farao Horemheb en de valkgod Horus (uit het Kunsthistorisches Museum Wien) en het nog geen 15 centimeter hoge faience beeld van de god Thot met sikkel van zilver boven zijn kop met daarin een gouden zon (uit het Louvre).

Dat al deze buitenlandse collecties zo gul zijn geweest in het uitlenen van hun bijzondere stukken heeft alles te maken met de aanleiding voor deze tentoonstelling. Het is namelijk de afscheidstentoonstelling van Maarten Raven. Veertig jaar was hij werkzaam bij het Rijksmuseum, waarvan de afgelopen twintig jaar als hoofdconservator van de afdeling Egypte. Daarnaast heeft hij tientallen jaren de internationale archeologische expeditie in de necropool van Saqqara (Egypte) geleid. In die beide hoedanigheden heeft hij een groot internationaal netwerk opgebouwd waaruit hij nu heeft kunnen putten.

Animatiefilmpjes

Een dermate gelaagde tentoonstelling vraagt ook om een bijzondere vormgeving. En daar is het Amsterdamse bureau Jowa goed in geslaagd. Door subtiele veranderingen in kleur en vorm weet de bezoeker steeds precies waar hij zich bevindt: in de hemel, op aarde of in de onderwereld. Heel goed zijn ook de korte animatiefilmpjes die aan het begin van elk onderdeel draaien. En in tegenstelling tot wat je bij zo’n ‘intellectuele’ tentoonstelling zou verwachten zijn er nergens ellenlange lappen tekst. Elk onderdeel wordt slechts begeleid door een korte, degelijke inleiding, waarbij ook de belangrijkste goden die in dit onderdeel voorkomen worden afgebeeld. De voorwerpen moeten daarna het verhaal vertellen.

Het enige bezwaar dat je tegen deze prachtige tentoonstelling zou kunnen hebben is dat Raven de Egyptische religie wel erg statisch behandeld. Zonder dat dat zijn bedoeling zal zijn wordt toch de suggestie gewekt dat er in de ruim 3000 jaar Egyptische geschiedenis maar weinig is veranderd in hun wereldbeeld. En dat is uiteraard niet zo. Om die extra nuance te zien moet je wel heel goed kijken en is wellicht te veel voorkennis vereist. Maar met zoveel moois is het een kniesoor die daar op let.

    • Joost Vermeulen