Opinie

    • Georgina Verbaan

Schade

Het probleem met jarig zijn is dat mensen je gaan bellen. Met een telefoon. En dat je dan op moet nemen om die mensen niet ongerust te maken. Dan zeggen ze dingen als „Gefeliciteerd” en „Wat is de schade?” Op zich geen slechte vraag. Soms ben je daar gewoon benieuwd naar. Wanneer iemand je vertelt dat hij een paal over het hoofd zag met inparkeren bijvoorbeeld. Of als de brandweer is uitgerukt omdat de krultang nog aanstond, er een kastanjeboom tegen je huis gewaaid is, een vleesetende bacterie het zich heeft laten smaken – of een krokodil – of als een zaal vol Japanners geschokt jouw richting uitkijkt nadat je je tijdens een appelflauwte hebt moeten vastgrijpen aan Het Melkmeisje van Vermeer. Hoewel niemand je in dit laatste geval zal verstaan en je dan toch echt zelf even om moet kijken om te zien of de melk niet gescheurd is.

Tenzij ‘wat is de schade?’ in het Japans precies zo klinkt en hetzelfde betekent natuurlijk, maar dat zou wel heel toevallig zijn, en voor het antwoord moet je dan toch echt Japans verstaan of alsnog omdraaien, hoewel ik me in dit geval ook kan voorstellen dat je niet benieuwd naar het antwoord bent en na een korte inventarisatie het hazenpad richting de dichtstbijzijnde nooduitgang neemt.

Vissen, muggen, bloemen, andijvie, varkens. Allemaal dood, door mij

De schade. Wie, wat en hoeveel daarvan zou(den) er al gestorven zijn omdat ik leef? Het is geen feestelijke vraag. Dat is op zich niet erg. Het is een misverstand dat een verjaardag feestelijk moet zijn. Vissen, muggen, bloemen, uien, andijvie, bomen, varkens, koeien, planten en kippen. Allemaal dood, door mij. Ik heb ook onnoemlijk veel kapotgemaakt. Beschadigd, beledigd, berokkend, bedroefd. Gaten in de ozonlaag, gaten in herinnering. Het is niet onverstandig om eens per jaar de schade op te nemen. Toch geloof ik niet dat dat is wat men bedoelt met die vraag op je verjaardag. Mensen willen ook door. Ze bellen louter uit beleefdheid. ‘Wat is de schade?’ lijkt een alternatieve manier van vragen hoe oud iemand is geworden. Alsof de schade van leven ouder worden is. Het lijkt mij meer een gevolg, maar wat weet ik ervan? Als je dan antwoordt: ‘Negenendertig’ volgt er vaak: ’O, daar gá je!’, is mij opgevallen. Waarheen? Geen idee. Ik ga helemaal nergens heen, dacht ik, terwijl ik naar de puinhoop in mijn woonkamer keek.

Of moest ik iets doen? Opruimen voorlopig in elk geval zeker niet, was mijn inschatting. Maar daar wordt dan weer mee bedoeld dat je de veertig nadert en mensen lijken er genoegen in te scheppen om daar dramatisch over te doen. Wat mij betreft was ik dit jaar al veertig geworden. Ik heb er hoge verwachtingen van. Eens niet bij ieder felicitatie-sms’je gevloerd worden door schuld en schaamte omdat er aardige mensen aan je denken die je zelf steeds vergeten bent. Want als ik veertig ben heb ik de cavia-verjaardagskalender die op de kast stof ligt te vergaren vlijtig ingevuld en opgehangen. Ook zal ik daar de schade van het jaar op bijhouden. Het overzicht zal mij goed doen. En de cavia’s ook. Het is een mooie kalender.

    • Georgina Verbaan