Architect Richard Meier stapt op uit eigen bedrijf

Beschuldigingen

In maart besloot Meier na beschuldigingen van seksueel wangedrag zich tijdelijk terug te trekken uit zijn bedrijf. Nu stopt hij helemaal.

Architect Richard Meier in het door hem ontworpen stadhuis van Den Haag. Foto Paul Vreeker

De wereldberoemde Amerikaanse architect Richard Meier trekt zich terug uit zijn eigen bedrijf. Dat heeft zijn bureau, Richard Meier & Partners Architects dinsdag bekendgemaakt.

In maart publiceerde The New York Times een artikel waarin vijf vrouwen, onder wie vier oud-medewerkers, Meier beschuldigen van seksueel wangedrag. De architect zou zijn jonge collega’s bij hem thuis hebben uitgenodigd met de intentie om seks met hen te hebben. Na het artikel excuseerde de 83-jarige architect zich voor zijn gedrag en besloot hij zich zes maanden terug te trekken als partner van zijn bureau.

In september kondigde Meier in The New York Times aan dat hij snel weer aan de slag zou gaan. In tegenstelling tot eerdere verklaringen zei hij ook dat hij om gezondheidsredenen vrijaf had genomen, niet vanwege de beschuldigingen. „Ik ben nog op mijn best en heb geen plannen om met pensioen te gaan”, zei Meier.

In een dinsdag door zijn bureau verspreid persbericht worden de beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag niet genoemd. Bernhard Karpf, voorheen een van de partners, zal het bedrijf nu leiden. Meier blijft „beschikbaar voor collega’s en klanten die een beroep op zijn enorme ervaring en kennis”.

Meier was in 1984 de jongste winnaar ooit van de Pritzker Prize, de ‘Nobelprijs voor de architectuur’. In Nederland is hij vooral bekend als de ontwerper van het stadhuis in Den Haag. Dit in 1995 voltooide gebouw wordt ook wel het ‘IJspaleis’ genoemd vanwege de witte gevel, exemplarisch voor het werk van de architect. Meiers bekendste ontwerp is het enorme museumcomplex voor de Getty Foundation in Los Angeles.

In het De Stijl-jaar kreeg het door Meier ontworpen stadhuis van Den Haag een Mondriaan-patroon op de gevel. Foto Jerry Lampen
    • Arjen Ribbens