‘ECB blijft binnen mandaat’

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week Europees recht: winstbelasting en monetair beleid.

Foto: Bloomberg/Krisztian Bocsi

Het APP-programma van de Europese Centrale Bank (ECB) voor aankoop van activa om de inflatie in de eurozone op middellange termijn „net onder 2 procent” te krijgen loopt op zijn eind, maar in de rechtszaal woedt de strijd erover nog hevig. Dit programma – in het algemeen aangeduid als ‘kwantitatieve versoepeling’ – is inmiddels ruim 2.000 miljard euro groot. Achttien Duitse economen, juristen, ondernemers en politici tekenden beroep aan tegen het ECB-besluit van maart 2015 om het APP-programma uit te breiden met aankoop van overheidsobligaties op de secundaire markt (PSPP). Critici zeggen dat de ECB met deze uitbreiding het verbod schendt op monetaire financiering, vastgelegd in het EU-verdrag, en de nationale democratie uitholt doordat regering noch parlement eraan te pas komt. Het Duitse grondwettelijk hof legde hun kritiek vorig jaar voor aan het Europees hof.

In zijn advies van vorige week aan het EU-hof concludeert advocaat-generaal Melchior Wathelet dat de ECB haar mandaat niet overschrijdt en dat het aankoopprogramma voldoende is gewaarborgd om te voorkomen dat het de lidstaten de prikkel ontneemt gezond begrotingsbeleid te voeren. Wathelets advies weegt zwaar, maar bindt het Hof niet. Dat beslist waarschijnlijk voor het eind van het jaar. Dan loopt ook het betwiste PSPP-programma af.

www.curia.europa.eu ECLI:EU:C:2018:815

    • Joop Meijnen