Rob Jetten: voor de één is hij ‘Messi’, voor de ander ‘lastig te definiëren’

Profiel De nieuwe D66-leider Rob Jetten (31) is de jongste fractievoorzitter, maar met een lang politiek cv. „Rutte heeft een geweldige kompaan aan hem.”

Rob Jetten, de nieuwe fractievoorzitter van D66, krijgt dinsdag de voorzittershamer van Alexander Pechtold. Foto David van Dam

Rob Jetten had zijn tekst goed ingestudeerd. Voor iedere cameraploeg of radiomicrofoon die hem dinsdag onder de neus werd gehouden, hield hij exact hetzelfde verhaal. Het was „een goed gesprek met de fractie”. Hij is „ontzettend blij”. Hij wil niet beoordeeld worden op zijn leeftijd, maar op zijn „daden”. En hij heeft „heel veel zin” om te beginnen.

Rob Jetten (31) was zojuist – „unaniem”, ook dat bleef hij maar herhalen – gekozen om Alexander Pechtold op te volgen als fractieleider van D66. Het jonge talent krijgt dit podium om de komende periode te laten zien of hij ook de échte leider van de partij kan worden. Want dat is nog verre van zeker.
In Nijmegen, waar hij raadslid was van 2010 tot zijn komst naar de Tweede Kamer in 2017, klinkt veel vertrouwen. Tom Smit, destijds plaatselijk afdelingsvoorzitter van D66, „zag het meteen: dit is hem, de volgende partijleider”. Hij vergelijkt Jetten met een uniek getalenteerde voetballer. „Een soort Mbappé, Neymar of Messi.”

Noël Vergunst, nu wethouder voor GroenLinks en eerder net als Jetten fractievoorzitter: „We zijn in Nijmegen allemaal een beetje trots. Rob heeft een enorme gunfactor.”

Hans van Hooft, lokaal leider van de SP, is kritischer. In 2014 onderhandelde hij „een halve dag” met Jetten om een coalitie te vormen, maar daar trok D66 zich uit terug. Volgens Van Hooft „een grote strategische fout” van Jetten, waardoor D66 als derde partij in de oppositie belandde. „Anders was hij wethouder geworden.”

Lees ook: Rob Jetten (31) volgt Pechtold op als fractievoorzitter D66

In de politiek door Theo van Gogh

Nu is Rob Jetten de jongste fractievoorzitter in de Kamer, maar met een lang politiek cv. Zijn politieke „trigger”, zoals hij het zelf noemt, kwam toen vlak na de moord op Theo van Gogh in 2004 in zijn woonplaats Uden een islamitische basisschool in vlammen opging. „Daar dook heel Nederland op. Kamerleden kwamen naar Uden. De daders werden gezocht in extreem-rechtse hoek.” Dus nam Jetten nam het initiatief „om te laten zien dat Uden niet vol zat met islamhatende jongeren, maar een relaxed Brabants dorp is”. Kort daarna werd hij lid van D66, omdat hij daar „een diverse club enthousiaste jonge mensen die allemaal politiek en de wereld verbeteren interessant vonden” trof.

Tijdens zijn studententijd in Nijmegen werd hij echt actief: hij liep stage in de Eerste Kamer, werd voorzitter van de Jonge Democraten (JD) en lokaal lijsttrekker. Zijn medebestuurders vonden hem „erg serieus en verantwoordelijk”. Maar waar Jetten politiek precies staat, vinden mensen die hem kennen lastig te definiëren.

Wethouder Vergunst noemt Jetten „een klassieke liberaal in de zin dat hij vaak geen concreet doel of ambitie heeft. Hij vindt het democratisch proces, dat er naar iedereen geluisterd wordt, belangrijker dan de uitkomst”. Volgens Hans van Hooft is hij „zo rechts als Pechtold” en zijn „mooie woorden zowel zijn kracht als zijn zwakte”.

Op het congres waar Jetten werd gekozen als JD-leider was Arie Slob, nu onderwijsminister namens coalitiepartner ChristenUnie, te gast. „Rob pakte hem keihard aan”, herinnert Floris Kreiken, zijn voorganger bij de JD, zich. „Het ging over homorechten, Jetten stond er sterk in. Hij betoogde dat intolerantie niet getolereerd moest worden.” Kreiken viel op hoe Jetten gekleed was. „Ik verbaasde me er soms over dat hij op zijn twintigste strak in pak op zo’n congres stond.”

Niet alleen zijn voorkomen is uiterst netjes, ook zijn gedrag wordt zo omschreven. Oude en huidige collega’s roemen zijn zorgzaamheid en empathie. Tom Smit noemt hem „ongelooflijk betrouwbaar, Rutte heeft een geweldige kompaan aan hem”. Vergunst kent Jetten als „een figuur met wie je niet snel ruzie krijgt. Ook in de oppositie was hij geen pitbull.”

Getest door Wilders

In Den Haag heeft Jetten een onberispelijke reputatie, op het saaie af. Hij stond hoog op de kandidatenlijst, op plek 12, hij was bijna staatssecretaris geworden en hij voerde de afgelopen anderhalf jaar het woord op ingewikkelde dossiers. Hij onderhandelde namens D66 over de in juni ingediende Klimaatwet van zeven partijen. En hij bleef overeind toen hij tegenover een boze oppositie de afschaffing van het raadgevend referendum moest verdedigen. „Martin Bosma verviel bij zijn derde interruptie al in grapjes over mijn leeftijd. Als de PVV dat nodig heeft, zit je volgens mij wel goed in de wedstrijd”, zei hij daar achteraf over.

Binnenkort staat Jetten niet meer tegenover Bosma, maar wordt hij getest door Geert Wilders, Jesse Klaver en Lodewijk Asscher. D66 wordt door het vertrek van Pechtold en lage peilingen gezien als de zwakke schakel in de coalitie. Om dat te veranderen, moet hij laten zien dat hij meer kan dan alleen teksten uit zijn hoofd leren.

    • Lamyae Aharouay
    • Emilie van Outeren