Los van Akzo, beladen met schuld

Chemietak AkzoNobel De nieuwe eigenaar van Akzo Chemie verwacht het bedrijf over vijf jaar naar de beurs te brengen. Eerst moet de schuld omlaag.

Een biostoominstallatie van Akzo Nobel op het Chemie Park Delfzijl. De chemietak is nu officieel zelfstandig. Foto Vincent Jannink/ANP

Geen grote overnames, geen grote desinvesteringen. Geen majeure reorganisaties ook. De Amerikaanse investeringsmaatschappij Carlyle, sinds deze week eigenaar van de vroegere chemietak van verfbedrijf AkzoNobel, lijkt voorlopig niet van plan de strategie van zijn nieuw verworven onderneming drastisch te wijzigen. Alleen: „beloftes doen is moeilijk”, waarschuwde topman Charlie Shaver dinsdag bij de lancering van het nieuwe bedrijf in Amsterdam. En hij mikt wel op „agressieve groei”. Dus wat betekent dat?

De Amerikaan Shaver en zijn financieel directeur Reinier Vree, tot dit voorjaar nog verantwoordelijk voor de financiën bij ingenieursbureau Arcadis, hadden de pers uitgenodigd op het hoofdkantoor van AkzoNobel aan de Amsterdamse Zuidas. Ook qua huisvesting blijft de situatie namelijk goeddeels bij het oude. De chemietak mag dan officieel zelfstandig zijn, het management deelt het gebouw nog altijd met de top van het voormalige moederbedrijf. Wel zo praktisch.

Zelfs de naam die Carlyle voor zijn aankoop heeft gekozen – Nouryon – verwijst nadrukkelijk naar het gedeelde verleden met AkzoNobel en moet benadrukken dat het chemiebedrijf ondanks zijn nieuwe jasje kan bogen op een eeuwenoude historie. Tarwemeelfabriek Noury & Van der Lande uit Deventer was een 19e-eeuwse voorloper van AkzoNobel.

Lees ook: AkzoNobel verkoopt chemietak voor 10 miljard aan Carlyle

Traditie en stabiliteit

Traditie en stabiliteit dus, is de boodschap. En een mooi toekomstperspectief. Want de marktomstandigheden in de chemie zijn wereldwijd „redelijk goed”, zei Shaver. En Nouryon draait prima.

Toch kan die boodschap niet verhullen dat de wereldwijd ongeveer 10.000 werknemers van Nouryon, van wie zo’n 2.500 in Nederland, spannende jaren wachten. Vooral de financiële positie van het bedrijf met een jaaromzet van 5 miljard euro en de stevige rendementsambities van de nieuwe eigenaar, doen vermoeden dat Carlyle andere verwachtingen heeft van het chemiebedrijf dan voorganger AkzoNobel.

Eerst de financiën. De Amerikanen hebben ruim 10 miljard euro betaald om de chemiedivisie van AkzoNobel over te nemen. Bijna tweederde van dat bedrag, 6,5 miljard euro, financiert Carlyle met leningen en staat nu als schuld op de balans van Nouryon. De verhouding tussen de schuld en het bedrijfsresultaat – leverage in jargon, een belangrijke maatstaf voor financieringsrisico – komt daarmee rond de 6 te liggen. Ter vergelijking: bij AkzoNobel schommelt deze ratio rond de 3, blijkt uit cijfers van Bloomberg.

„Dat is onderdeel van het private-equitymodel” zei Shaver. Hij noemde de leverage „redelijk”, maar voegde eraan toe dat het de bedoeling is het schuldenniveau af te bouwen. Al was het maar om het bedrijf over een jaar of vijf te kunnen verkopen.

Mogelijke exit

Want zoals dat gaat bij private-equitybedrijven, is er al nagedacht over een mogelijke ‘exit’. „In het waarschijnlijkste scenario is het bedrijf na drie tot vijf jaar weer terug aan de beurs”, zei de topman. Er zijn maar weinig chemiebedrijven die een grote speler als Nouryon kunnen kopen, verklaarde Shaver, waardoor een beursgang voor de hand ligt. En daarvoor is een lagere schuldenlast handig, zei Shaver.

Een gemakkelijke manier om dat voor elkaar te krijgen is via de verkoop van bedrijfsonderdelen. Maar dat is voorlopig niet aan de orde, zei Shaver, die daarmee speculatie in de kranten over een opknipscenario weersprak.

In plaats daarvan zet Carlyle in op „agressieve groei” van de omzet en verbetering van de winstgevendheid. Nouryon produceert chemicaliën als zouten, chloren en polymeren, die vervolgens weer worden verwerkt in producten uiteenlopend van softijs tot behangplaksel, van cosmetica tot plastics. Volgens Shaver is Nouryon in de meeste van zijn niches marktleider of nummer twee. Maar de productiviteit zal omhoog moeten, sneller dan nu het geval is, zei de topman.

Hoe? Dat werd nauwelijks concreet. Shaver, die vorig jaar als bestuursvoorzitter van lakkenproducent Axalta nog met AkzoNobel onderhandelde over een fusie, had het over „het wegwerken van bottlenecks” in het productieproces en beloofde flinke investeringen. Verder sprak hij over „cultuur” en de noodzaak voor het bedrijf om commerciëler te worden.

Grote vraag is of besparingen op het personeel onderdeel zijn van de plannen van Carlyle. De vakbonden ijveren al maanden voor een werkgelegenheidsgarantie voor vijf jaar. Tevergeefs vooralsnog. Shaver weigerde in te gaan op de gesprekken met de werknemersorganisaties, maar zei wel dat de chemiesector erg veranderlijk is. Daarom is het belangrijk „flexibel te blijven”, aldus de topman. Plannen voor een reorganisatie zijn er echter niet volgens de Amerikaan.

Steven Leijenaar, oud-voorzitter van de centrale ondernemingsraad van AkzoNobel die nu dezelfde rol vervult bij Nouryon, maakt zich daarom nog geen zorgen. Hij is blij dat het sociaal plan dat gold bij AkzoNobel, is verlengd met twee jaar. Bovendien hecht hij weinig waarde aan de werkgelegenheidsgaranties die de vakbonden willen. Wat betreft de schuld, dat is „moeilijke materie”, aldus Leijenaar, maar volgens adviseurs van de ondernemingsraad is ze „verantwoord”.

Lees ook: Beleggers Akzo krijgen hun zin
    • Joris Kooiman