‘Irritante’ telemarketing moet minder, vindt het kabinet

Bel-me-niet Als het aan de staatssecretaris ligt kan je binnenkort alleen gebeld worden door bedrijven als je expliciet zegt dat je dat wil. Drie vragen over het voorstel.

Een callcenter in Zoetermeer. De Klantenservice Federatie vreest voor tien tot twintigduizend banen. Foto Lex van Lieshout/ANP

Staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken en Klimaat, CDA) wil telemarketing aan banden leggen. Dat is één van de voorstellen uit de consumentenagenda die de staatssecretaris maandag presenteerde. Volgens Keijzer leidt telemarketing tot grote irritatie onder Nederlanders. De helft van de consumenten zou klachten hebben naar aanleiding van dergelijke telefoongesprekken. De staatssecretaris schrijft in haar voorstel: „Door de aanhoudende irritatie [...] concludeer ik dat het huidige systeem onvoldoende bescherming biedt aan consumenten.”

Drie vragen over het voorstel van Keijzer.

1 Wat gaat er veranderen?

Volgens de huidige Telecommunicatiewet kunnen bedrijven en organisaties consumenten telefonisch benaderen tenzij zij hebben aangeven daar niet gediend van te zijn (opt-out). Daarvoor moet de consument zich inschrijven in het bel-me-nietregister.

Keijzer stelt nu voor om de regeling om te draaien: consumenten mogen straks alleen nog benaderd worden als ze daar expliciet toestemming voor hebben gegeven (opt-in). Het bel-me-nietregister zal daardoor verdwijnen. Hiervoor is wel een wijziging van de Telecomwet nodig.

Keijzer wil ook dat (voormalige) klanten van bedrijven niet meer onbeperkt benaderd mogen worden. Dat is nu wel zo - registraties in het bel-me-nietregister ten spijt. De staatssecretaris neemt over deze termijn later een definitief besluit.

De regeling gaat gelden voor alle ‘natuurlijke personen’. Dat betekent dat ook eigenaren van eenmanszaken en leden van een vennootschap onder firma (vof) niet benaderd mogen worden zónder expliciete toestemming.

2 Hoe reageert de telemarketingsector?

Geeske te Gussinklo, directeur van de Klantenservice Federatie, zegt het afgelopen jaar zeer intensief met het ministerie te hebben gesproken. De sector had de ergernis bij consumenten liever zelf weggenomen, maar dat bleek geen optie. „En er moest iets gedaan worden aan de consumentenirritatie. Daar konden we niet omheen.”

Volgens Te Gussinklo werken er 140.000 mensen in de telemarketingbranche. Ze vreest voor tien- tot twintigduizend banen, waarvan enkele duizenden niet direct weer werk zullen vinden in de sector.

Branchevereniging DDMA (Vereniging voor data & marketing) is het met de staatssecretaris eens dat de irritatie bij consumenten te hoog is, maar twijfelt volgens een woordvoerder aan de voorgestelde oplossing. „Een deel van de irritatie ontstaat omdat bedrijven zich niet aan de wet houden. Partijen die zich nu al niet aan regels houden, zullen dat bij strengere regelgeving ook niet doen.”

Te Gussinklo wijst ook op het succes van het bel-me-nietregister, waar zo’n tien miljoen nummers instaan. Ze vraagt zich af in hoeverre opt-in de situatie zal veranderen. „Het voorstel zal zeker effect hebben, maar de grootste impact is al geweest.”

3 Wanneer kunnen we een nieuwe wet verwachten?

Dat is nog lastig te voorspellen, zegt een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken. De onderhandelingen in Brussel over de Europese privacywetgeving lopen nog. Uit die richtlijnen komt veel consumentenrecht in EU-landen voort. Daarna kan Nederland aan de slag: het ministerie hoopt de maatregelen deze regeringsperiode in te voeren.

Lees ook: Dit verandert er door de nieuwe privacywet
    • Rik Wassens