Opinie

Afblazen verhuizing

Dividendverhaal na besluit van Unilever nog ongeloofwaardiger

Geen Uxit dus: vrijdag besloot het bestuur van het voedings- en verzorgingsconcern Unilever het plan voor één, in Nederland gevestigd hoofdkantoor in de ijskast te zetten. De Brits-Nederlandse multinational houdt kantoren in Rotterdam én Londen. Bij de aandeelhouders van het Britse deel dreigde het draagvlak zodanig te eroderen dat het Unilever-bestuur onder leiding van Paul Polman het niet op een stemming wilde laten aankomen.

Er zijn verschillende redenen aangevoerd voor deze mislukking. Unilever dreigde door de verhuizing uit de FTSE- indices te vallen, waardoor aandeelhouders die deze indices schaduwen gedwongen hadden moeten verkopen. Dat kan zijn. Maar als dat kennelijk als een verrassing kwam, dan hebben de grote aandeelhouders de taak die hun meerwaarde moet geven – analyse en strategie – vrij beroerd verricht.

Bovendien zou de koers van Unilever omhooggeschoten moeten zijn na het opschorten van de verhuizing. Dat gebeurde vrijdag niet.

Aannemelijker is dat het Unilever- bestuur de sfeer rond de Brexit zeer heeft onderschat. Het groeiende patriottisme dat de Brexit teweegbrengt – en dat hopelijk tijdelijk is – was voorspelbaar. Het oplevende Marmite-sentiment staat in schril contrast met ruim een jaar geleden, toen de Britse regering geen poot uitstak om Unilever te behoeden voor een ongevraagde overname door financiers achter het Kraft Heinz-concern. Het Britain First-gevoel kan mede verklaren waarom het Nederlandse lokkertje, de afschaffing van de dividendbelasting, steeds minder goed werkte.

Bestuursvoorzitter Polman geeft de politieke ophef in Nederland rond die afschaffing echter als voornaamste reden voor de mislukking van de verhuizing. Hier klinkt een slechte verliezer. Men hoeft het niet eens te zijn met de maatregel om te zien dat premier Rutte zich tegen de klippen op inspande om hem door te laten gaan.

Die verdediging van Rutte schreeuwt trouwens om uitleg. Afschaffing van de dividendbelasting had steeds verbetering van het Nederlandse vestigingsklimaat in zijn totaliteit als argument. Maar nu Rutte direct na het besluit van Unilever de dividendmaatregel wil heroverwegen, heeft het er toch alle schijn van dat het in werkelijkheid ging om een bijna 2 miljard euro kostende transactie tussen de Staat der Nederlanden en voornamelijk Unilever. Het maakt het dividendverhaal en de daarmee zo nauw verbonden premier Rutte nog minder geloofwaardig.